Boekbespreking
H. ten Brinke, J. W. Maris e.a. Meer dan genoeg. Het verlangen naar meer 4ande @eest., \\ Uitg. De Vuurbaak, Barneveld; 168 bl2.j € i3> 75- V,
De tite^Mirtofc& voonMu^erschenen , baèlOTJ^SerraWtaga'^^^h^er van de Ge^ft luidt Meer dan g& foeg. Volgefif heJ, . • $ woord vooraf gaat het vooral om de vraag of je de Heilige Geest en jezelf niet tekort doet, als je niet verder komt dan de traditioneel gereformeerde manier van geloven. Het antwoord van de auteurs is duidelijk. Het gewone geloof is meer dan genoeg! Zij waarschuwen tegen het verlangen naar een hogere fase van het christenleven waarin de buitengewone gaven van de Geest centraal staan. Het boek is geschreven als een reactie op de charismatische invloed in de Vrijgemaakte en Christelijke Gereformeerde Kerken, waar de auteurs uit komen.
In het eerste twee hoofdstukken plaatst ds. Henk ten Brinke de vervulling met de Geest in het heilshistorisch perspectief van de oudtestamentische belofte van God aan Israël. Het manco in charismatische kring is dunkt mij inderdaad dat deze vervulling alleen gezien wordt als een allerindividueelste ervaring. Mooi en troostrijk vond ik ook het hoofdstuk over de compassie van de Geest met de gebrokenheid in de wereld en ons persoonlijk leven (ds. Egbert Brink). De Geest zucht met onuitsprekelijke zuchtingen en leert ons dat het lijden heiligt. 'Snoeien doet bloeien.' .Vanuit dit bijbelse gegeven wordt een oppervlakkige blijheid en ongegrond optimisme gekritiseerd.
Ook wordt in het boek nader ingegaan op 'luisterend bidden' of 'gebedsministry', waarbij het gevaar op de loer ligt dat de subjectieve stem van het eigen innerlijk verward wordt met de leiding van de Geest. Verder worden tongentaai, gebedsgenezing en het zegenen belicht. Opvallend was ook dat hier en daar de term 'bevinding' in positieve zin gebruikt werd. De auteurs bieden veel gegevens vanuit de Schrift en hun zorg over de charismatische invloed is grotendeels terecht. Toch blijft er na het lezen van dit boek - dat een tijdlang in de christelijke boekentoptien toptien van non-fictie heeft gestaan - toch een gevoel van teleurstelling over. Waarom? Ik noem toch een paar punten.
1. Soms wordt een karikatuur geschetst, bijvoorbeeld wanneer de visie van Willem Ouweneel op de heiliging als 'hagelstriemen van het heilig moeten' wordt gekarakteriseerd. Ik kreeg te vaak de indruk dat degenen tegen wie men zich afzet, zichzelf niet in het geschetste beeld zouden herkennen. Dan ben je ook niet meer in gesprek, maar is de verbinding verbroken. 2. Prof. Hans Maris schrijft dat de charismatische beweging het werk van de Geest meer centraal stelt dan het werk van Christus. Dat zal door de meeste charismatische christenen niet herkend worden en het is ook een versimpeling van de werkelijkheid. In deze kring vind je een sterkere nadruk op Jezus dan bij ons. Is het niet juist de aard van deze devotie voor Jezus die verraadt dat het werk van de Geest ten diepste onderbelicht wordt? Het probleem van de charismatische beweging is niet te veel aandacht voor de Geest, maar juist te weinig. Of liever: een versmalde aandacht voor de
Geest. De Vader als Schepper wordt versmald tot een persoonlijke 'papa', Christus als Zaligmaker der wereld wordt versmald tot Vriend en de Heilige Geest wordt versmald tot Uitdeler van geestelijke cadeaus. De gereformeerde visie op de Drie-enige God kan op deze versmalling een heilzame correctie zijn. Overigens uit Maris zijn verbazing over het feit dat de charismatische Alpha-cursus door de IZB, 'de evangelisatieorganisatie van de Gereformeerde Bond', verbreid wordt. Hij vraagt zich af of het tekenend is voor de argeloze manier waarop het charismatische gedachtegoed in de kerken wordt binnengehaald. Dit gaat ook weer erg snel. De IZB is niet 'van' de GB en de Alpha-cursus vertoont weliswaar charismatische trekken, maar is in de praktijk van vele gemeenten een zegen gebleken. 3. Het front waar het boek zich vooral tegen richt, is de nadruk op de tweede zegen (second Messing), die een tweedeling tussen christenen teweeg kan brengen. Maar is een zekere onderverdeling van christenen altijd mis? Denk aan de classificatiemethode in de Nadere Reformatie. Zelf zit ik met de vraag of die second blessing hetzelfde is als de verzegeling van de Geest waarover Lloyd Jones sprak in zijn boek Onuitsprekelijke vreugde (Joy Unspeakable). Ook bij de puriteinen en in de Nadere Reformatie kwam de gedachte voor dat God op een bijzondere wijze Zijn werk kan verzegelen in het hart van de gelovige, zodat er een vaste geloofszekerheid ontstaat als vrucht van de onuitsprekelijke en heerlijke vreugde in God. In onze eigen hervormd-gereformeerde traditie zou je kunnen denken aan de preek van ds. I. Kievit over de verzegeling met de Heilige Geest als 'nadere weldaad'. Biedt deze gereformeerde lijn de mogelijkheid om antwoord te geven aan de charismatische vraag om meer van de Geest? Soms zou ik graag een second blessing willen hebben en ook wel een third andfourth blessing... 4. Mijn laatste vraag betreft het 'gewone geloven'. Wordt dat niet erg intellectualistisch ingekleurd? Misschien moeten we meer benadrukken dat de Heilige Geest al het onze onder Zijn kritiek stelt en het vlees kruisigt. Hij is de Geest van de uitbranding en van het oordeel, de Geest die overtuigt van zonde. Zonder het ontdekkende werk van de Geest komt elke beschrijving van Zijn werk of die nu charismatisch of gereformeerd is, niet veel verder dan de hiëroglyfen in Egypte, een tekening zonder diepte.
H. VAN DEN BELT, DELFT
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 augustus 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 augustus 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's