De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Koning van de ganse aarde

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Koning van de ganse aarde

6 minuten leestijd

'Zie, nu weet ik, dat er geen God is op de ganse aarde dan in Israël!' [2 Koningen 5:15b]

De meesten van ons kennen deze geschiedenis als de geschiedenis van de genezing van Naaman. Ik vraag mij af of dat wel helemaal juist is. Aan de genezing als zodanig worden maar enkele woorden gewijd. Moet het accent daarom niet wat anders gelegd worden? Is het hoogtepunt niet veel meer dat Naaman tot geloof komt dan dat hij genezen wordt? Al hangt het een natuurlijk wel ten nauwste met het ander samen.

In het begin van het verhaal wordt Naaman ons getekend als een belangrijk man. Hij was generaal en een van de gunstelingen van de koning van Syrië. Toch wordt hij door de geschiedschrijver van Israël meteen van al zijn grootheid ontdaan. Er is weliswaar sprake van bevrijding en verlossing, maar die wordt niet aan Naaman, maar aan de God van Israël toegeschreven. Naaman is in Gods hand slechts een instrument, meer niet. De Heere heeft uiteindelijk de hand in het oorlogsgebeuren. Hij is de Koning van de ganse aarde. Naaman heeft er nauwelijks weet van, maar wordt ertoe gebracht door het getuigenis van een joodse slavin, zoals we vorige week zagen.

De aanleiding is de ziekte van Naaman. Hij is melaats. Hij probeert er van alles en nog.wat aan te doen, maar het is allemaal tevergeefs. Er is er maar Eén die hem kan helpen: de God van Israël. Het joodse meisje had gezegd: bij Hem moet u zijn. Dat is de oorzaak dat hij op weg gaat. Zo gaat het vaak nog. Wat de een koud en onverschillig laat, maakt bij de ander het nodige los. Hij of zij wil er meer van weten. Zo ook Naaman.

Wanneer hij met een persoonlijke brief van de koning en een groot bedrag aan geld en kleren in Samaria komt, veroorzaakt dat de nodige opschudding. Koning Joram ziet in het verzoek om genezing niets anders dan een reden tot oorlog. 'Ik ben de Heere God niet', zo voert Joram ter verontschuldiging aan.

Zodra de profeet Elisa van de consternatie hoort, stuurt hij een bode naar Joram. Ongevraagd biedt hij zijn hulp aan. Laat Naaman tot mij komen en hij zal weten dat er een profeet in Israël is. Dat klinkt hoog, bijna hoogmoedig. Maar Elisa beroemt zich niet op eigen grootheid. Nee, hij spreekt in het bewustzijn van de hoogheid van zijn God. Zo komt Naaman bij Elisa terecht.

Maar bij Elisa gaat het zo heel anders er aan toe dan Naaman verwacht had. De profeet komt niet persoonlijk naar buiten om hem te begroeten. Ook geen hocus-pocus-achtige toestanden zoals Naaman dat in zijn land gewend was. Alleen een bode met het bericht: ga heen en was u zevenmaal in de Jordaan en u zult rein, genezen zijn.

Dat is alles. Maar alles in Naaman komt daartegen in opstand. Is dat een manier van doen? En hij wordt boos. Hij maakt rechtsomkeert. Hij wendt zich af van de God van Israël. Hij dacht zoals bij z'n eigen goden over Hem te kunnen beschikken, maar hier worden de rollen omgedraaid. Niet Naaman heeft het voor het zeggen, maar God de Heere en Hij vraagt van Naaman slechts gehoorzaamheid. Nee, dan weet Naaman wel wat beters te bedenken. De rivieren in z'n eigen land zijn heel wat beter en schoner dan een troebele Jordaan. Van onderdompeling in de Jordaan kan niets komen. Geen sprake van.

Naaman stuit ineens op de grenzen van zijn geld en macht. Hij kan er niets mee. Het personeel dat hij bij zich heeft, refereert eraan. Als de profeet iets ingewikkelds van u gevraagd had, had u geld noch moeite gespaard en nu hij namens zijn God slechts gehoorzaamheid van u vraagt, weigert u. Is dat nu wel verstandig?

Het heeft heel wat voeten in de aarde, voordat Naaman tot de conclusie komt dat het inderdaad onverstandig is. Maar is dat bij u zoveel anders? Hebben we van jongs af aan allemaal geen moeite met gehoorzaamheid, zeker in deze zo sterk op het ik gerichte tijd? Tot in de kerk! Wat de Heere God vindt, komt bij velen niet meer aan bod. Juist daarin openbaart zich onze ongehoorzaamheid, waarvan de apostel zegt dat het zonde is. Dat wil zeggen: het verwijdert ons van God.

We zien hoe het zich voltrekt in deze geschiedenis. Naaman vindt het z'n eer te na zich onder te dompelen in de Jordaan. Naaman weigert te gehoorzamen. Hij wil zijn figuur niet verliezen. Hij wil uiteindelijk zichzelf niet verliezen. Maar geldt dan niet het woord van Jezus: Wie zijn leven zal willen behouden, die zal het verliezen.

Naaman staat in z'n ergernis niet alleen. Ook wij vinden het middel dat God ons ter genezing van ons hart en levert voorschrijft te gering. We zijn van het Woord en van de prediking van het Woord meestal niet zo onder de indruk. Toch wordt ons daarin de weg gewezen tot het heil in Jezus Christus. Zolang we ons verzetten om die weg te gaan, blijven we die we zijn, melaats als Naaman.

Uiteindelijk geeft Naaman zijn verzet op en keert hij op z'n schreden terug. Tot zeven keer dompelt hij zich onder

in het water van de Jordaan naar het woord van de man Gods. Zeven keer. Was één keer niet voldoende? Ongetwijfeld. Maar de Heere beproeft daarin Naaman of hij het woord van God voor betrouwbaar houdt. Zo wordt hij genezen. Maar het brengt meer bij hem teweeg. Hij vindt ook God en dat is alles. Juist dit vinden van God doet hem belijden: nu weet ik dat er geen God is op de ganse aarde dan in Israël. Hij is de enige en waarachtige. Heel zijn genezing schrijft hij toe aan God.

Zo hoogmoedig hij eerst was, zo nederig is hij nu. Dat blijkt uit z'n tweede contact met Elisa. Hij geeft God alle eer. Zijn belijdenis is een aanklacht voor Israël. Deze man uit Syrië afkomstig, in de ogen van Israël een heiden, belijdt dat er geen God op de ganse aarde is behalve de God van Israël.

Jezus herinnert zijn tijdgenoten later aan deze geschiedenis. Hij verwijt hen halfslachtigheid en ongeloof en stelt hen Naaman tot een voorbeeld. Hij was nota bene een buitenstaander, een heiden, maar hij werd genezen, omdat hij geloofde! Is het niet beschamend? En hoe zit het met ons? Wij, die nog zoveel meer weten dan Naaman? Zullen anderen ons voorgaan in het Koninkrijk der hemelen?

J. W. GOOSSEN, VRIEZENVEEN

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 september 2004

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Koning van de ganse aarde

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 september 2004

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's