Met gemeenteleden optrekken
Vragen aan ds. Smelt
Met belangstelling en betrokkenheid heb ik de artikelen van collega Smelt in de Waarheidsvriend van augustus gelezen. In deze artikelen ging het over nascholing door middel van supervisieleren. Collega Smelt voert een krachtig pleidooi voor deze vorm van leren. Zijn pleidooi voor het Ieren en blijven leren onderschrijf ik. Ook dat vormen van intervisie en supervisie daarbij nuttig kunnen zijn.
Toen ik zijn artikelen las en overdacht, kwamen bij mij de volgende vragen boven. En ik zou het zeer op prijs stellen, wanneer collega Smelt daar nog iets over zou kunnen zeggen of de zaken iets zou kunnen verduidelijken, i. Kernvraag bij het gehele artikel is deze: doet het pleidooi voor supervisie uiteindelijk niet tekort aan de 'deskundigheid' van gemeenteleden/kerkenraadsleden? Wanneer ik hier schrijf over deskundigheid, bedoel ik: gezond verstand, opmerkingsgaven, maar zeker ook datgene wat gemeente- en kerkenraadsleden meenemen vanuit hun professionaliteit. Dus: het gaat om diepborende analyses/opmerkingen van leden der gemeente met een (hoge) opleiding, alsook om opmerkingen van Jan en Marie in de straat, die vaak evenzo treffend (kunnen) zijn. Wanneer je je als predikant niet boven de gemeente stelt, maar samen met de gemeenteleden optrekt, kun je op die wijze heel veel leren, misschien nog wel meer dan met supervisie of intervisie. De leden der gemeente trekken met je op en nemen vaak haarscherp waar wat je zwakke en sterke kanten zijn, hoe je in je vel zit, enzovoorts.
Seculiere instelling
2. Collega Smelt meldt zijn supervisieopleiding gevolgd te hebben aan een algemene seculiere instelling en daarbovenop een pastorale supervisieopleiding. Hij benoemt dit als het vervolgtraject van de Klinische Pastorale Vorming (een intensieve training voor pastores, waarbij een supervisor sturing geeft aan de groepsprocessen en waarbij de persoon van de pastor vooral centraal staat, red.) op dit punt doet zich een merkwaardig verschijnsel voor. In het verleden werd de KPVtraining in de kringen van de GB gekenschetst als een vorm van sensitivitytraining, met alle gevaren die daaraan verbonden zijn. Nu blijft het altijd een discussiepunt in hoeverre deze zienswijze klopt, maar ook binnen deze opleidingen geeft men soms toe, dat dit in elk geval in hoge mate zo is. Kun je dan zo onbevangen over KPV en het vervolgtraject spreken?
3. De KPV'en en vervolgtrajecten maken vaak gebruik van een wondere mengeling van theologie en psychologie. Gevolg is: verhumanisering en verpsychologisering van de theologie. Ik denk hier aan een naam als Zijlstra (initiator KPV in Nederland) en ook de grote invloed van Tillich met zijn sterk wijsgerige theologie (God as ground oj being). Valt het model van de KPV en het vervolgtraject van de pastorale supervisie met de gereformeerde theologie te combineren?
4. Vanuit punt 3 ook het volgende: wie op de site voor PS (pastorale supervisie) zoekt en zo eens nagaat wat wordt aangeboden, komt tot de conclusie dat zich allerlei aandient, zelfs tot en met allerlei vormen van oosterse spiritualiteit. Dat maakt de vraag naar de achtergronden van de PS des te dringender. Waar is de objectieve maatstaf van de PS?
5. Supervisie is inmiddels in allerlei beroepstakken ingeburgerd. Collega Smelt meldt dat een supervisor boven je staat. Uit informatie die ik her en der heb vergaard en ook uit ervaringen die mijn echtgenote met supervisie heeft opgedaan, komt een heel ander beeld naar voren. Namelijk: het samen optrekken. Daarbij komt het woord gelijkwaardigheid naar voren. Collega Smelt wijst vooral op het 'van boven af' van de supervisie. Ik hoor in dit 'van boven af' iets verhevens, ook iets bisschoppelijks. Kan hij het 'super' van de supervisie wellicht nog iets nader toelichten?
6. Opmerkelijk vind ik de zin in het slot van het derde artikel, dat de grootste brokken in de kerk niet gemaakt worden door verkeerde theologieën, maar door leiders die te weinig zelfkennis hebben. Ik begrijp wel wat in deze zin wordt bedoeld, maar ik zou een veel sterkere afwijzing van verkeerde theologieën bepleiten. Het zou zelfs interessant zijn om verkeerde theologieën met verkeerde geestelijke leiders te verbinden. Hier zou wel eens een bepaalde wisselwerking kunnen zijn, die het leren aan elkaar nog veel spannender maakt. Ofwel: een goede theologie corrigeert toch?
Op welke leest?
Al met al heb ik uiteindelijk toch met stijgende verbazing de artikelenreeks gelezen. Het moge waar zijn dat we veel van de sociale wetenschappen kunnen leren en kunnen blijven leren. Maar ik heb geleerd dat het hulpwetenschappen zijn. Dit betekent dat de vragen naar de herkomst en de wijsgerige achtergronden van trainingen en opleidingen voor predikanten des te stelliger op ons allen aankomt. Dat vraagt m.i. een nadere doordenking. Gezien de methodische en wijsgerige achtergronden van diverse vormen van supervisie, blijf ik met de vraag zitten: supervisie, okay, maar hoe? En: op welke leest geschoeid? De hoofdvraag blijft wel: kun je al deze dingen ook niet leren door alle feedback in de gemeente, gevraagd en ongevraagd? Met dankbaarheid kijk ik terug op allen in de gemeente die dat gaven en geven, ook al gingen ze en gaan ze boven op mijn ziel zitten.
A. J. Sonneveld, Lopik
In de maand augustus plaatsten we de driedelige serie Supervisie, waarom? , waarin ds. L. W. Smelt uit De Bilt zijn motivatie tot supervisieleren onder woorden bracht, aangaf hoe je naar jezelf kunt kijken en tot slot schreef wat het hem heeft opgeleverd. Ds. A. J. Sonneveld uit Lopik stelt in bijgaand artikel enkele vragen aan ds. Smelt, waarop laatstgenoemde reageert. We hopen met deze discussie de verdere meningsvorming te dienen.
Red. de Waarheidsvriend
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 september 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 september 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's