Wat is de hemel?
ALS IK STERF, WAT DAN...? [2]
Naspreken
Veel mensen zeggen vandaag: Gelooft u daar nog in? Waarom?
Nu, wij christenen weten van de hemel, omdat God ons dat heeft verteld. Spreken over de hemel is nazeggen wat God ons in het Woord daarover heeft voorgezegd. Eigenlijk is de hemel onuitlegbaar en onuitzegbaar. Het gaat daarin om wat geen oog gezien heeft en geen oor gehoord en wat in geen mensenhart is opgekomen. Ook wordt er in de Schrift in beelden en in symbolen over de hemel gesproken. We moeten maar niet doen of we er zelf geweest zijn. Laten we bescheiden zijn. Wat opvalt in de vele beelden en voorstellingen over de hemel, is het theocentrische ervan. God Zelf staat er centraal in. Is iemand in de hemel, dan is hij bij God.
Heel de schepping is Gods rijksgebied, maar de hemel is de troon van God. Het is ook de plaats van waaruit God handelt. Het is de plaats waar God rust, waar Hij thuis is. En waar Hij is, daar is liefde, want God is liefde. Als twee jongelui veel van elkaar houden en gaan trouwen, zoeken ze een huis. Zo is er nu ook een huis nodig waar God en mensen in liefde bij elkaar kunnen wonen. Zo kun je zeggen dat de hemel, behalve het thuis van God ook het thuis van de gelovigen is. Niet als een soort 'luilekkerland', maar als plaats waar we geborgen zijn in Hem, Die meer en beter liefheeft dan welke aardse vader, moeder of minnaar ook.
Over de hemel denken zonder God is even onmogelijk als over God denken zonder de hemel.
Verborgen
De hemel is een realiteit, een ruimte, een plek, een bepaalde door God geschapen plaats. 'De ons verborgen helft van de schepping', zei iemand. De hemel is een werkelijkheid die on- ' ze driedimensionale werkelijkheid van lengte, breedte en hoogte omringt, omvat en tegelijk ook overstijgt. De hemel is tegelijkertijd oneindig ver boven ons verheven en toch ook enorm dichtbij. Opa of oma is in de hemel, zeggen wij wel. Of mijn gestorven oom of tante, of vader of zus. En als klein kind dacht je dan: Zouden ze mij kunnen zien vanuit de hemel? Zou zij achter die wolk zitten?
Maar je hebt in het bijbelse spraakgebruik de eerste hemel (de wolken), de tweede hemel (het heelal, de sterrenhemel) en dan de derde hemel als woonplaats van God. Ruimteschepen kunnen deze eigenlijke, derde hemel niet bereiken. Telescopen krijgen haar niet in het vizier.
Tegelijk is die derde, eigenlijke hemel ook niet ver. Er zit maar een dun gordijn tussen God en ons. Toen Jezus naar de hemel opvoer, is Hij binnengegaan in een deel van de werkelijkheid, waar wij nu niet kunnen komen. Maar sterven we in Hem, dan zullen we er ook direct zijn!
Herkenning?
Een belangrijke vraag is of wij elkaar in de hemel zullen herkennen. Als we zeggen dat onze identiteit, ons ik, bewaard blijft en dat we bewust in de hemel komen, dan betekent dat we ons bewust zijn van onszelf, maar ook van anderen. Zelf geloof ik dat wij elkaar daar zullen herkennen en dat die herkenning de vreugde nog groter maakt. Dr. J. Hoek haalt de kerkvader Augustinus aan, als hij aan de Romeinse weduwe Italica de volgende troostwoorden schrijft: 'Wij hebben onze dierbare overledenen niet verloren, maar hen alleen maar vooruit gezonden. Ook wij zullen dit leven verlaten; en wij zullen een leven binnengaan, waarin zij ons nog dierbaarder zullen zijn dan vroeger, omdat we hen nog beter dan vroeger zullen kennen. En we zullen hen daar liefhebben, zonder de vrees opnieuw van hen gescheiden te worden.' Overigens zullen we in de hemel niemand missen.
Het belangrijkste zal echter niet zijn het herkennen van familie en vrienden, maar het kennen van aangezicht tot aangezicht van God.
Gradatie
Een andere vraag is of er verschillen zullen zijn in graden van zaligheid;
verschillen in heerlijkheid tussen zaligen onderling. Die lijken er inderdaad te zijn en ze hangen samen met de mate waarin mensen zich tijdens hun aardse leven hebben ingezet voor de zaak van Jezus. 'Zalig zijn de doden, die in den Heere sterven, van nu aan. Ja, zegt de Geest, opdat zij rusten mogen van hun arbeid; en hun werken volgen met hen', zegt Openbaring 14, 13. Het verrassende van deze tekst is onder andere dat de goede werken mee de eeuwigheid in gaan. Ze moeten wel gelouterd en geheiligd worden, want geen enkel werk van ons is volmaakt, maar er staat: 'en hun werken volgen met hen.' Die werken fungeren niet als sleutels om er de hemelpoort mee te openen. Daar zullen we allemaal als naakte zondaren voor staan en alleen om Jezus wil kunnen binnengaan.
Werken
En toch gaan de werken ook mee. Het heeft zin om op aarde te werken, zolang als het dag is. En alles, hoe schoon ook, zal eenmaal vergaan, maar wat gedaan werd uit liefde tot Jezus, dat houdt zijn waarde en zal blijven bestaan. Jezus zal de goede werken die uit het geloof zijn voortgekomen in alle eeuwigheid belonen. Waar Hij is, daar zal ook Zijn dienaar/dienares zijn. Er is groot loon voor wie Hem trouw heeft gediend. En wie Hem trouwer heeft gediend, ontvangt groter loon.
Ook uit 1 Korinthe 3, 12-15 krijgt we de indruk dat er gradaties in heerlijkheid zijn. 'Want niemand kan een ander fondament leggen, dan hetgeen gelegd is, hetwelk is Jezus Christus. En indien iemand op dit fondament bouwt: goud, zilver, kostelijke stenen, hout, hooi, stoppelen; eens iegelijks werk zal openbaar worden; want de dag zal het verklaren, dewijl het door vuur ontdekt wordt; en hoedanig eens iegelijks werk is, zal het vuur beproeven. Zo iemands werk blijft, dat hij daarop gebouwd heeft, die zal loon ontvangen. Zo iemands werk zal verbrand worden, die zal schade lijden; maar zelf zal hij behouden worden, doch alzo als door vuur.'
Sterren en bekers
Zoals de ene ster helderder straalt dan de andere, zal de ene geredde die veel heeft mogen doen voor zijn Meester, heerlijker schitteren dan de anderen, die slordiger of lauwer zijn geweest in de dienst des Heeren. Toch zal het voor iedereen die in de hemel komt alleen maar door genade zijn dat hij of zij daar is.
Iemand schreef: 'De bekers die wij na dit leven in het Nieuwe Jeruzalem ontvangen, zijn van verschillend formaat. Maar ieder zal zeggen: mijn beker is overvloeiende. Klein en groot voor Gods troon. Wat een heerlijk loon.'
Met andere woorden: ieder ontvangt een andere maat van beker als genadeloon uit zijn/haar werken. Maar ieder zal verwonderd zijn over zijn eigen beker die overloopt. Prachtige gedachte! Uiteindelijk komt ook de aarde helemaal terug. De hemel is in feite alleen maar een tijdelijke bewaarplaats voor de gelovigen. Wanneer op de jongste dag de aarde helemaal gereinigd en vernieuwd zal zijn, zal er sprake zijn van een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. Dan zullen de mensen die door Christus gered zijn, met grote vreugde en dankzegging in die vernieuwde hemel én op die gereinigde aarde leven in alle eeuwigheid. Maar waar blijven dan degenen die Christus niet hebben leren gehoorzamen, die Jezus verworpen hebben en het Evangelie ongehoorzaam zijn geweest? Daarover volgende week.
J. FLIKWEERT, RIJSSEN
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 oktober 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 oktober 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's