Uit de pers
Een bijbel voor het volk
Vorige week woensdag 27 oktober was het dan zover: Hare Majesteit ontving het eerste exemplaar van de Nieuwe Bijbelvertaling. Het dagblad Trouw meldde een dag eerder dat de eerste oplage ; il was uitverkocht: 200.000 exemplaren, de hele tot nu \ toe gedrukte oplage, tneldde uitgeverij Jongblo< ^Pterra§sfind en verblijdend was begrijpelijk de reactie van het Nederlaóds Bijbelgenootschap. Een nieuwe bijbel uitgeven heeft ook een zakelijke kant. In het magazine over Nederlandse literatuur, Literatuur geheten en verschenen in oktober 2004, schrijft Lisa Kuitert in haar maandelijkse rubriek Boek en Zaak over de verschijning van de NBV als een A-boek. In de uitgeverijwereld staat een A-boek voor de categorie 'Algemene boeken'. Dat zijn de boeken die anders dan wetenschap of educatief, voor iedereen interessant kunnen zijn en dus in de reguliere boekwinkel staan. Is de bijbel een A- boek? Daar ontstond eerder dit jaar in boekverkoperskringen een interessant debat over. De bijbel als koopwaar. Ik citeer wat Kuitert schrijft over de run op de bijbel vanuit het oog van de uitgever en verkoper van boeken:
'Op 27 oktober verschijnt de nieuwe bijbelvertaling, in maar liefst twaaljedities waaronder een protestantse uitgave, een joodse Tenach, de deuterocanonieke uitgave uan de Katholieke Bijbelstichting, een voor de Samen op Weg-kerken, een speciale huwelijkseditie (met tivee trouwringen op het omslag) en ook een literaire, die bij Querido verschijnt in dundruk, in 75.000 exemplaren. Elkeen zijn eigen bijbel, is kennelijk het motto. Er was al een fraaie arty-Chagall-bijbel op de Nederlandse markt, een Suifbijbel op internet (voor "kids") en zeljs de voetbalfans kregen hun eigen bijbel toen rond de vorige Europese Kampioenschappen een speciale EK-editie van het evangelie van Marcus iverd uitgegeven. Daar was een wedstrijdschema aan toegevoegd plus verhalen van christelijke voetballers. De vijfduizend exemplaren ivaren al voor het einde van het kampioenschap uitverkocht. Het zal ivel niet lang duren voor er een ojpciële vrouwenbijbel naast een mannenbijbel komt. En dan ook maar meteen een homobijbel en een heterobijbel. Misschien ook een voor dieren om Reve een plezier te doen. De bijbel is in elk geval al lang niet meer dat iets te dik uitgevallen religieuze pam- Jlet, maar een fetisj, een cultureel symbool, totempaal voor westerse waarden. Direct na de aanslagen van 11 september was er in vooral de Verenigde Staten een run op bijbels. In een maand tijd steeg daar de verkoop met 60%. Toegegeven: ook die van de koran schoot omhoog, maar toch niet zo sterk als bij de bijbel. Voor uitgeverij Jongbloed allemaal goed nieuws. Hun nieuwe bijbelvertaling is in elk geval een miljoenenproject. De uitgever mikt voorlopig op een verkoop van een miljoen exemplaren. Het is waarschijnlijk de enige bestseller waar high-brow-lezers zich niet voor schamen, zelfs graag mee koketteren. Want is de bijbel niet in de eerste plaats hogere poëzie? Je kunt van tevoren voorspellen wie er in de kranten grote stukken over gaan schrijven, en er zich op zullen laten voorstaan dat ze grote bijbelkenners zijn.'
Het is een bijzondere tijd waarin we leven. Eerst werden we een paar weken geleden onaangenaam verrast door de uitslagen van een onderzoek naar de geestelijke betrokkenheid van Nederlanders bij kerk, bijbel en geloof. Steeds minder mensen hebben nog een bijbel in huis, laat staan dat erin wordt gelezen. En tegelijk gaat kennelijk de NBV vlot van de hand. Het is bekend dat er juist onder kerkgangers nogal wat vragen leven over de nieuwe vertaling van de bijbel, om het nog voorzichtig te zeggen. En toch! Lisa Kuitert merkt op in haar column dat het tegenwoordig cultureel correct is om met je bijbelpassie te pronken. Zij schat uit zakelijke overwegingen in: de bijbel is weer helemaal terug, zodat de verkoop zeker een succes gaat worden. We zullen maar hoopvol blijven: het Woord van God zal nooit onverrichterzake tot Hem terugkeren.
Een kerk voor het volk
Misschien keek u die maandagavond eind september ook vol verbazing naar de tv-uitzending vanuit de ArenA in Amsterdam: de herdenkingsbijeenkomst na de dood van André Hazes. In Confessioneel (21 oktober) wijdde dr. T. H. van der Hoeven er zijn hoofdartikel aan onder de titel Hazes - Volkskerk. Ik moet zeggen: een artikel dat grote indruk maakt alleen al door de meeslepende manier waarop Van der Hoeven schrijft, maar vooral om de inhoud en de ontdekkende lijnen die hij trekt naar ons mensen van de kerk, die misschien wel hoofdschuddend het spektakel rond de dood van Hazes hebben gadegeslagen.
'Als in de beste tradities van zending en verkondiging belichaamde Hazes zijn boodschap en was daarom geloofwaardig. Niet gepolijst of gestudeerd, geen steriel en afgewogen betoog uit een multomap, geen uit het hoo/d geleerd lesje, maar verkondiging met passie, met bloed, zweet en tranen. Wij christelijke predikers, kerkmensen, zouden als het hierom gaat nog iets van Hazes kunnen leren. De voorganger als leerling van de volkszanger. Hoe levensecht zijn wij eigenlijk nog? Hoeveel hartstocht waait er nog door de kerken? Onze preken, zit er wel leven (ook het leven van de straat) genoeg in? Zijn we niet te keurig, te verstandelijk, emotieloos? Waar vloeien bij ons nog bloed, zweet en tranen? Zouden we mede daarom soms van het volk vervreemd zijn? Het volk dat zich troost met de seculiere psalmen van een Hazes, maar niet meer echt weet van de Enige ware troost, beide in leven en sterven. Wie die maandagavond goed keek, zag een soort eredienst zonder God. Er werd veel gezegd en gezongen, maar nergens een hemelse dimensie. Het dak van de ArenA was gesloten. Een paar met a/oren, verwijzingen naar een hogere realiteit, de hemelse bierpomp, het beeld van een reis, Hazes' liedje over een jongetje dat een briefje aan een vlieger verstuurt in de richting van de hemel. Het bier ging rond als de kelk bij het Avondmaal, er was massale samenzang, men zocht troost en steun bij elkaar, de meest ontroerende preek waarschijnlijk van het zoontje, en daarna de ovatie, de gejoelde responsie "ole', ole"'. Als een populistisch amen. Leeg was de ArenA. Wereld zonder God. Volkskerk zonder God.'
Van der Hoeven merkt op: Wie goed keek zag die avond een ware volkskerk. Een kerk zonder ambtsdragers, dominees, proeven van dienstboeken en reglementenbundels, mogelijk ook een kerk zonder God maar wel een soort vrije kerk van het volk: de Nederlandse Hazeskerk, misschien wel meer een volkskerk dan onze eigen Hervormde kerk ooit heeft kunnen zijn.
'Nooit gedacht dat Hazes mij zou herinneren aan Hoedemaker. Zijn ideaal, zijn streven, zijn dispuut met Kuyper: "Heel de kerk en heel het volk". Door de maatschappelijke en culturele omstandigheden en ontwikkelingen zijn wefeitelijk een minderheidskerk geworden. Volkskerk betekent momenteel vooral ons eigen kerkvolk. Begrijpelijk, we hebben onze handen vol aan ons eigen volk, een kwestie van overleven en derhalve zijn we steeds meer op onszelf geraakt en gericht. De openheid van het traditionele volkskerkbegrip is ingeruild voor de geslotenheid van een bewuste keuzekerk. Verkiezing overtreft het verbond, we zijn vandaag meer van Kuyper dan van Hoedemaker. Ooit was er een Woord voor de wereld, nu is de wereld Woord-loos, om niet te zeggen van God los. Het Woord is er vooral nog voor onze eigen kleine kerkwereld. In de ArenA klinken heel andere woorden. Soms maar niveau Prisma Rijmwoordenboek. Heel de kerk is heel het volk onderweg kwijtgeraakt. Illustratie daarvan is het gemak waarmee we, op weg ook naar het nieuwe kerkverband, afscheid hebben genomen van geboorteleden. Zakelijk, nuchter en economisch denken. Het schonen van bestanden, uitschrijven en afschrijven, omdat we boven onze stand waren gaan leven. Het betrof hier toch veel meer dan een technisch-administratieve handeling. Het liet ook zien dat wij zelf volkskerkverlaters zijn. Ach, zoals vroeger kan het niet meer, de wereld is jundamenteel veranderd. Maar dat we er zelfs niet meer echt van schrikken, of eraan lijden, zo'n van heel het volk vervreemde kerk, misschien is dat nog wel het meest verontrustende.'
Van der Hoeven sluit zijn bijdrage af met een appèl voor een nieuw verstaan van het woord volkskerk: alle nadruk op de roeping voor het hele volk. En wie misschien schrok van zoveel sentiment en populisme in de ArenA, van de oppervlakkigheid en het drankgebruik, daarvan zegt Van der Hoeven zeer terecht: We zouden weer eens echt moeten schrikken van een stadion tot de nok toe gevuld zonder God. Heel het (kerk)volk... Gelooft Hij nog in ons?
J. MAASLAND
P.S. Het magazine Literatuur is in de meeste boekhandels en kiosken te koop.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 november 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 november 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's