De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Uit de pers

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit de pers

7 minuten leestijd

Herman Bavinck

13 december zal het 150 jaar geleden zijn dat de bekende gereformeerde theoloog Herman Bavinck werd geboren (1854-1921). Onlangs werd dat feit herdacht op een congres in Amsterdam en in Kampen, waar ruimschoots aandacht werd besteed aan deze grote gereformeerde geleerde, die vooral bekend is geworden om zijn vierdelige Gereformeerde Dogmatiek. In kranten en periodieken werd over de betekenis van Bavinck geschreven. Een belangrijk aspect van zijn persoon en werk kreeg opmerkelijke aandacht, zoals Koert van Bekkum het in het Nederlands Dagblad verwoordde: 'Sinds zijn dood noemen telkens weer nieuwe generaties met behoefte aan ruimte en ontspanning de grote dogmaticus uit afgescheiden kring hun voorbeeld'. Hij doelt dan achtereenvolgens op J. G. Geelkerken, G. C. Berkouwer, R. H. Bremmer en ook B. Kamphuis, die in het ND een artikel schreef onder de titel Gereformeerd blijven met Bavinck. Al de genoemden, aldus Van Bekkum, beroepen zich op Bavincks breedte, zijn diepgang en zijn voorzichtigheid. Uit de bijdrage van prof. Kamphuis in het ND van 23 oktober wil ik een tweetal fragmenten citeren. Kamphuis stelt de vraag: wat zouden we van Bavinck kunnen leren om vandaag gereformeerd te blijven? Hij antwoordt: Bavinck heeft zich nooit geschaamd voor zijn gereformeerde levensovertuiging.

Toch moet ik daar nog meer over zeggen. Want het ging Bavinck inderdaad om het opnieuiv doordenken van de gereformeerde leer. Als hij iets niet tvilde, dan was het het alleen maar herhalen van de antwoorden van het voorgeslacht. Het is een typisch kenmerk van Bavincks iverk dat hij zo progressiefis. Eigenlijk vind ik dat één van de mooiste dingen die je van hem kunt leren: gereformeerd zijn, vasthouden aan de belijdenis, dat betekent niet conservatisme, maar het geeft je juist de mogelijkheid in te gaan op je eigen tijd en verder te komen. Bavinck schrijft in het voorwoord van zijn dogmatiek: "Het oude te loven alleen omdat het oud is, is noch gereformeerd noch christelijk. Een dogmatiek beschrijft niet wat gegolden heeft, maar wat gelden moet. Zij wortelt in het verleden, maar arbeidt voor de toekomst.

Daarom wenst deze dogmatiek het stempel te dragen van haar tijd".

Deze woorden heeft Bavinck waar gemaakt. Hij heeft allerlei oude dilemma's doorbroken en nieuwe wegen gewezen voor de gereformeerde leer. Hij heeft zich ook intensief beziggehouden met vele theologen uit zijn eigen tijd. Wat dat betreft zijn z'n jaren in Leiden heel vruchtbaar geweest. Hij wist wat er in de theologische wereld speelde en ging er grondig op in. Hij deed dat ook met veel inlevingsvermogen en met heel genuanceerde oordelen. Zijn dogmatiek was daardoor echt bij de tijd. En het wonderlijke is dat hij daardoor toch niet tijdgebonden is geworden. Als Bavinck Iaat ziet hoe hij als gereformeerde ingaat op de vragen van zijn tijd, dan laat hij daarbij tegelijk zien hoe je dat nu nóg kunt doen, in ónze tijd. Hij laat zien dat het de kracht van de gereformeerde leer is, dat die niet veroudert, maar steeds weer actueel is.'

De manier waarop Bavinck in zijn dagen eigentijds gereformeerd wilde zijn, blijft voorbeeldig, aldus prof. Kamphuis. We kunnen van hem leren dat je als gereformeerde niet uit het verleden kunt leven. De gereformeerde geloofsbelijdenis dient op de toekomst gericht te zijn. 'Alleen maar blijven bij het oude, herhaling van wat vroeger is gezegd, helpt ons niet verder.'

'Nog een ding noem ik: Bavinck was diep overtuigd van het katholieke karakter van het gereformeerde geloof. Ook dat kunnen we van hem leren. Katholiek, dat is "algemeen". Wij geloven een heilige, algemene, dat is katholieke kerk. Van die katholiciteit van de kerk was Bavinck diep doordrongen.

De gereformeerde kerk was voor hem de katholieke kerk. De gereformeerde leer dat is de katholieke leer, de algemeen christelijke. Dat wil zeggen: het is maar niet een specialité de la maison, iets voor heel bijzondere, excentrieke mensen. Nee, gereformeerd zijn, dat is christelijk zijn. Gereformeerde kerk zijn, dat is christelijke kerk zijn.

Als je je opsluit in je eigen gelijk en je ajsluit van anderen, dan misken je de katholiciteit van de kerk.

In 1888 heeft Bavinck in Kampen een indrukwekkende rede gehouden: De Katholiciteit van Christendom en Kerk, waarin hij deze gedachten breed heeft ontvouwd. Hij had daartoe ook wel reden. Hij werkte toen aan de school van de afgescheiden gereformeerde kerken. Hij zag in die kerken het gevaar van het verheerlijken van het eigen kringetje. Hij waarschuwt er krachtig tegen: "Dat scheiding van de kerk zonde is, wordt bijna door niemand meer erkend. Men verlaat een kerk even gerust, als men er zich bijvoegt". In Leiden kwam hij op voor het recht van de Afscheiding. Maar in Kampen waarschuwt hij tegen separatisme, tegen scheurmaking.

Overigens gaat het Bavinck niet alleen om de katholiciteit van de kerk, maar ook om die van het christendom. Het evangelie is bestemd voor heel de wereld, voor heel de mensheid. Gereformeerd zijn betekent dus niet dat je je terugtrekt uit de wereld. Je wordt met je boodschap juist midden in de wereld neergezet. Het gaat om het evangelie waardoor de wereld behouden wordt. Bavinck zegt zei/s ergens: je mag Christus gerust "de wens van heidenen" noemen. Het verlangen van de wereld naar verlossing wordt in Christus vervuld. Gereformeerd, dat is christelijk. Maar christelijk, dat is echt menselijk! Een gereformeerd christen mag ruim ademhalen in deze wereld, want het is de wereld die deelt in Gods liefde.'

Bavinck, aldus prof. Kamphuis, waarschuwt in zijn rede over de katholiciteit tegen wat hij noemt 'wereldschuw piëtisme', je terugtrekken uit de wereld, omdat het toch alleen maar gaat om God en de ziel.

In het Centraal Weekblad (22 oktober) regeert ook dr. Dirk van Keulen op het belang van Bavincks werk. Van Keulen promoveerde vorig jaar op een proefschrift over het thema Bijbel en dogmatiek: Schriftbeschouwing en Schriftgebruik in het dogmatisch werk van A. Kuyper, H. Bavinck en G. C. Berkouwer. Hij schrijft onder andere:

'Er zijn verschillende redenen die het de moeite waard maken Bavincks werk telkens opnieuw te bestuderen. Om te beginnen is er een historisch belang. Zoals gezegd, heeft Bavinck samen met Kuyper vele jaren lang de theologische koers van de Gereformeerde Kerken bepaald. Wil je weten hoe die koers is geweest, waarom dat zo was en hoe dit heeft doorgewerkt in latere generaties, dan zul je terug moeten naar hun werk.

Een goed voorbeeld hiervan is het denken over de Bijbel in de Gereformeerde Kerken in de twintigste eeuw. Er is nauwelijks een thema denkbaar waarover onder de gereformeerden Jeller is gestreden. De reden hiervoor wordt begrijpelijk als we het werk van Bavinck en Kuyper lezen. Beiden hebben hun visie op de Bijbel ontwikkeld met de vraag naar geloofszekerheid in hun achterhoofd.

Dit heeft tot gevolg gehad, dat ook later in discussies over de bijbel de vraag naar geloofszekerheid altijd op de achtergrond meeklonk. Dit existentiële motief verklaart waarom de discussies over de Bijbel altijd met zoveel emotie zijn gevoerd.

Behalve een historisch belang om Bavinck te blijven lezen, is er ook een actueel belang. Kenmerkend voor Bavincks werk is dat hij opjïjnzinnige wijze het gesprek tussen enerzijds kerk en theologie en anderzijds de cultuur en de samenleving heeft gevoerd. Voor iedere generatie gelovigen is het telkens weer opnieuw de taak dit gesprek aan te gaan en vragen te stellen als: wat is de relatie tussen godsdienst en moderniteit en wat is de plaats van kerk en theologie in het publieke debat? Bavincks werk is wat dat betreft een voorbeeld dat kan inspireren.'

Prof. Kamphuis eindigt zijn artikel in het ND met de vraag: Hoe gereformeerd zijn wij vandaag nog, als het gaat om de katholiciteit. We zijn er meestal goed in om dwalingen bij anderen aan te wijzen en die ander vanuit het eigen gelijk te bevechten, aldus Kamphuis. Hij past dat dan toe op de situatie in zijn eigen kerk (vrijgemaakt gereformeerd). Maar kun je niet stellen dat velen die zich ook vandaag nog 'gereformeerd' noemen, moeite hebben om juist aan die katholiciteit (je zou misschien eenvoudiger kunnen zeggen: de gedachte dat de kerk breder is dan alleen je eigen kring of groep) vorm en inhoud te geven. Herman Bavinck kan het ons leren, zo hebben we net gelezen uit zijn befaamde rede over De Katholiciteit van Christendom en Kerk. Laten we er ónze winst me doen in het zo gebroken kerkelijk leven, juist onder hen voór-wie de gereformeerde belijdenis nog altijd van vitaal belang is.

J. MAASLAND

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 november 2004

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Uit de pers

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 november 2004

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's