Boekbespreking
Willem Bamard Psalmgetier. Gepeins bij psalmen. Uitg. Meinema, Zoetermeer; 136 blz.; € 13, 90-
Dit is het derde deeltje van een reeks 'dagboekachtige aantekeniageft' hij de psalmen. Nu zijn de pSataen 73 tot-en met 106 aan de beurt. Barnard geeft aan hetbg^p van dit deel aan waarom hij koos voor de uitdrukking 'Psalmgetier'. Psalmen tieren menig keer, meent hij. Ze razen en zetten de verhouding tot God op scherp. Toorn is een kenmerk van de Hebreeuwse hymnen. Dat geldt trouwens ook de lofzang. 'En tussen lofzang en toorn knettert het als tussen twee polen'. Wij hebben te haastig de neiging, aldus Barnard, om de psalmen te verinnigen tot uitingen van bevindelijke vroomheid. Dat element is er wel, vindt hij, maar het is niet overheersend. Psalmen zijn maar al te vaak uitingen van on-vrede, lobachtige opstand, gekwetst rechtsgevoel. Veel aanbidding maar ook veel getier. Ik denk: dat getier is onderdeel van bijbelse geloofsbevinding. Maar dat vindt Barnard, vermoed ik, ook.
Het lezen van Barnards ontboezemingen boeien ook dit keer weer, omdat ze zo echt zijn, - zo eerlijk en recht uit zijn hart. Voortkomend uit een vaak gekweld gemoed en zich juist daarom lavend aan deze goddelijke bron van troost. Als hij toe is aan Psalm 84, geeft hij aan hoe hij zich op dat moment voelt. 'De dood is een vijand (...) En die dood in zijn gestalte van puur kwaad lag vannacht bij mij in bed, liet mij de gemeenste kwellingen zien, grinnikte om het vermogen om pijn te doen. De dood was mijn bedgenoot, maar meteen mijn uiterste eenzaamheid. God meer dan ooit een donkere wolk. Ik kan dus niet geloven'. Hoe vindt hij dan moed en troost? 'Dat ik lees in hêt boek waar ik nooit meer los van kom, dat boek in het meervoud: biblia.
Daar ben ik aan verslaafd, het heeft mij in hechtenis genomen, in knechtschap. In dienst'. Heel diep is wat hij schrijft bij Psalm 88, de somberste van alle psalmen. 'Ik heb deze psalm verfoeid. Ik ben van deze psalm gaan houden. Dat het meest intense zwart niet wordt 'opgegrijsd' maar erkend! Dat de diepe wanhoop niet alleen in de krant en in mijn ziel huist, maar in de Schrift, de heilige schrift, wordt erkend. En uit mag spreken! Het is een rare, averechtse troost'. Nog verder gaat hij. Barnard bezoekt op gezette tijden de abdij van Male. Daar wordt deze psalm ook gezongen. Waarom slaan ze 'deze druiloor van een psalm' toch niet over, heeft hij menig keer gedacht. Totdat hij ontdekt dat deze Psalm 88 altijd op vrijdag in het avondgebed gebeden wordt. Op vrijdag, de dag van de duisternis op de middag, de dag die wij Goede Vrijdag noemen. Daarom toch Psalm 88. Voor de liefhebbers van deze onderdompeling in de psalmen is aanbeveling overbodig.
J. Maasland
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 december 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 december 2004
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's