De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Psychische nood in de gemeente

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Psychische nood in de gemeente

Ouderling en hulpverlener- DE MENS IN HET VIZIER

7 minuten leestijd

Wat is het kenmerk uan een goede ouderling, uan een betrokken diaken? Liefde tot God, kennis uan het Woord en hart uoor de mensen antwoorden we waarschijnlijk als eerste. Hierom gaat het altijd weer. Maar waar pastoraat het omzien naar mensen op hun geloojsweg en hun levensweg is, zullen ambtsdragers ook thuis moeten zijn in de vragen en uoetangels uit het concrete leuen. Het gaat in het Euangelie immers niet om algemene waarheden, maar om concrete nabijheid in de situatie waarin de mens zich beuindt. En daarom hebben dominee en deskundige elkaar nodig!

Ouderling en hulpverlener- DE MENS IN HET VIZIER

Pastoraat is niet het geven van antwoorden, die tegelijk waar kunnen zijn en goedkoop kunnen overkomen. Wie in de gemeente werkt, moet onze tijd kennen, niet alleen wat er zich voordoet, wat er gebeurt, maar ook in welke leefwereld, in welk denkklimaat de gemeenteleden zich doordeweeks bevinden. Daarbij gaat het voor de kerkenraadsleden meer om levenswijsheid dan om concrete kennis van een specifiek arbeidsterrein. Luisteren is altijd weer de eerste voorwaarde voor een goed gesprek. Dat geldt zeker als namens Christus aandacht aan de mens en zijn vreugden en noden gegeven wordt.

Ambtelijk gereedschap In de pastorale en diaconale zorg voor gemeenteleden zien we in deze tijd twee lijnen: allereerst mogen ambtsdragers het van de 'gewone' middelen verwachten. Wandelen met God en wonen in Zijn Woord, kennis van onze belijdenis, een biddend leven, een afhankelijke houding, een betrokkenheid op mensen, op jóngeren ook - dat is in de eerste plaats het gereedschap dat in het ambtelijke kistje wordt meegedragen.

Voor de hantering van dit gereedschap is geen bijzondere intelligentie nodig, gaat het niet om maatschappelijke status of een bepaalde opleiding. Met deze basis kun je met iedereen het gesprek aangaan. Een van onze predikanten was onlangs in een pastoraal gesprek met een man die een depressie had, voor wie het leven op dat moment niets meer bood. Na afloop zei hij dat zijn dominee de psychische problematiek niet had kunnen oplossen of verkleinen, maar dat er wel iemand naast hem in de put gezeten had - wat geweldig goed gedaan had. Duidelijker kan de verschillende verantwoordelijkheid van ambtsdrager en 758 hulpverlener niet geïllustreerd worden.

Maar daarbij raken we tegelijk aan de tweede lijn, namelijk dat in onze gecompliceerde tijd, waarin allerlei thema's open aan de orde gesteld worden, je als ambtsdrager meer dan vroeger kennis van allerhande zaken moet hebben. Omdat we hier van doen hebben met een breed veld waarop van alles speelt, is het goed dat eerder dit jaar de behoefte gepeild is die binnen de kerken aanwezig is in het omgaan met psychische problematiek. De vereniging van zorgaanbieders in de gereformeerde gezindte, Focaris, heeft deze peiling door het NIPO laten verrichten.

Diakenen

Wat lieten de uitkomsten ervan zien? Opvallend is dat tachtig procent van de predikanten het van belang vindt professionele ondersteuning te krijgen, als het gaat om de manier waarop hij pastoraal omgaat met gemeenteleden die specifieke hulp behoeven. Het gaat daarbij met name om problemen binnen huwelijksrelaties, om mensen met een depressie of een persoonlijkheidsstoornis. De twintig procent van de predikanten die geen hulp behoeft, motiveert dit door tijdgebrek én door de zo verschillende taak van predikant en hulpverlener - waarbij in beide situaties de vraag terecht is of de gemeenteleden op de goede wijze begeleid worden. Want tijdgebrek kan geen langdurig excuus zijn om de naaste in nood niet te geven wat hij nodig heeft. En dat dominee en deskundige vanuit de gezondheidszorg een verschillende verantwoordelijkheid hebben, mag er niet toe leiden dat ze elkaar niet ondersteunen. Psychische nood is er in de gemeente volop - dat brengt het Focaris-onderzoek helder in beeld. Ruim tachtig procent van de dominees heeft jaar-

lijks meer dan tien contacten met gemeenteleden met een psychische problematiek. Opvallend is dat de diakenen het minste contact met deze gemeenteleden hebben, wat hen mijns inziens tot de vraag moet brengen wat hiervan de oorzaak is. Moet hun aandacht en liefde niet juist uitgaan naar hen die de last van het leven als te zwaar ervaren? Hebben die mensen de troost van het Evangelie niet nodig? En die troost begint met aandacht, met aanwezigheid, met trouw. Ik vermoed dat het niet een bewust negeren is van een aandachtsveld waarop men zich minder goed thuis weet, maar dat hier de onderlinge afstemming tussen ouderlingen en diakenen van belang is.

Christelijke instelling

Wat eveneens uit het onderzoek naar voren komt, is dat gemeenteleden het christelijk geloof als wezenlijk in hun leven zien, maar dat zij in meerderheid met hun hulpvraag toch naar een algemene instelling gaan. Het valt op dat vooral de verzekeraar, de huisarts en zorgverleners mensen hen op deze instelling gewezen hebben. Vrienden en familieleden waren daarentegen meer betrokken bij de keuze voor een christelijke instelling.

Uit dat gegeven moet lering getrokken worden, ook waar de gezins- en familieverbanden onder ons niet meer zo functioneren als vroeger. Kinderen en kleinkinderen blijven als eerste verantwoordelijk voor de wijze waarop en de plaats waar hun ouders verzorgd worden en dienen zich in hun keuze te laten leiden door hun hart en hun overtuiging. Wachtlijsten en financiën tellen als motieven minder mee. Dit geldt zeker ook inzake de jeugdzorg, waar ouders op grond van hun doopbelofte hun kind in een levenssfeer willen hebben die aansluit bij het (opvoedings)klimaat thuis. Op deze problematiek -juist omdat jongeren heel ontvankelijk zijn - zou heel de gemeente betrokken moeten zijn, zou in ieder geval de diaconie beleid moeten maken. Daarom is het waardevol dat Eleos zich nadrukkelijk bezint op de meerwaarde van gereformeerde geestelijke gezondheidszorg.

Kwaliteit

Waar de reisafstand naar een christelijke instelling groter wordt, kiezen leden van de gereformeerde gezindte eerder voor een algemene instelling. Dit gegeven zien we ook bij de keuze voor onderwijs waar de christelijke identiteit geheel functioneert. Een en ander leert ons dat werkers in de zorg de meerwaarde van de christelijke identiteit goed duidelijk moeten maken. Kwaliteit mag hier gezien worden als een onderdeel van de identiteit, want God wil dat de door Hem geschonken gaven benut worden en dat altijd weer de gehele mens in het vizier is.

Het is opvallend dat een deel van degenen die christelijke zorg ontvangen, dit niet doorgeven aan hun predikant of ouderling. Hierbij is een overwegende reden dat het geloof losstaat van de reden waarom zorg nodig is. Waar pastoraat echter ook gezien wordt als omzien naar mensen op hun levensweg, is deze reden niet meer houdbaar.

Barmhartigheid

Het is goed om het onderscheid tussen geestelijke en psychische nood én zorg te hanteren, al kan er geen waterscheiding zijn. Wie een depressie heeft, kan zich ook van God verlaten weten, wie als gehandicapte door het leven gaat, zal ook vragen naar de leiding van God in het leven. Belangrijk daarbij is vooral dat de patiënt centraal staat, dat we een mens met zijn leven en levensgeschiedenis voor ons hebben. Waar de barmhartigheid van Jezus gestalte krijgt, heeft Hij een schepsel altijd eerst als mens gezien. En daarom zal de samenwerking tussen een ambtsdrager en hulpverlener vruchtbaar kunnen zijn, als beiden niet hun belang of opvatting centraal stellen, maar wat hun gemeentelid, hun cliënt nodig heeft.

Dan zijn de zorg voor het psychisch welzijn en de zorg voor het leven met God geen tegenstrijdige grootheden, maar dienen ze in eikaars verlengde te liggen. Het geldt ook niet-christelijke therapeuten dat ze de visie van ambtsdragers hebben te respecteren, omdat die op hun wijze - beter: met hun medicijn, het Woord - de mens terzijde staat. Daarbij is het in het gecompliceerde leven van de 2i ste eeuw nodig dat zeker predikanten enige basale kennis van psychische problematiek hebben, zodat ze herkennen, of althans vermoeden, waar er geestelijke of psychische zorgen zijn.

Zwak en onvolkomen

Een onderzoek als van Focaris leert ons dat ambtsdrager en hulpverlener elkaar vanuit hun gezamenlijke betrokkenheid op mensen in nood hard nodig hebben. Op creatieve wijze zal gezocht moeten worden naar instrumenten om elkaar te versterken, waarbij ieders eigenheid gewaarborgd blijft. Een telefonisch spreekuur, een cursus voor ouderlingen die zich willen verdiepen in specifieke vragen, een gezamenlijke studiedag, een uitwisseling van elkaars periodieken - de mogelijkheden liggen eigenlijk voor de hand. Uiteindelijk moeten wij allen - ongeacht onze beschadigingen, pijnlijke ervaringen en de zwarte bladzijden in ons levensboek - leren leven met onze zwakheid, te midden van de onvolkomenheid, in onszelf, in deze zondige wereld. Als geen andere Bevrijder is Jezus zelf zwak en angstig geweest - en daardoor hebben wij geen hogepriester die niet kan medelijden. Het is vanuit Zijn bewogenheid met mensen dat ambtsdragers en christenhulpverle-ners hun taak in deze wereld mogen verrichten. Een grote opgave, een christelijke roeping. Voor de ander werkelijk de naaste te zijn. De beloning daarop reikt tot in het eeuwige leven.

P. J. Vergunst

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 december 2004

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Psychische nood in de gemeente

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 december 2004

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's