De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Blijft de kerk in de stad?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Blijft de kerk in de stad?

Ds. POLHUIS EN HET DIACONAAT

8 minuten leestijd

Als bijvoorbeeld dr. H. Vreekamp zou pleiten voor verbreking van het contact met het Joodse volk, zou ieder die in Jeruzalem geen vreemde is, zich zeer verbazen. Als premier Balkenende zou aangeven dat de discussie over waarden en normen gestopt kan worden, zouden velen dit niet geloven. Maar zo was het ongeveer wel, toen de Rotterdamse predikant dr. A. Polhuis zich de afgelopen weken in verschillende bladen uitsprak over de diaconale taak van de kerk. 'De protestantse gemeente van Polhuis maakt plannen om het diaconaat af te schaffen'.

Al decennia lang is ds. Polhuis betrokken bij de kerk in de Maasstad, met name bij het diaconaat. In 1983 kwam hij als diaconaal predikant in Rotterdam-Centrum, in 1995 werd hij directeur van de stichting Oikos, een oecumenische ontwikkelingsorganisatie en sinds 2000 is hij als predikant verbonden aan de protestantse gemeente Pendrecht-Heijplaat.
Je zou kunnen zeggen dat ds. Polhuis - evenals ds. Hans Visser van de Pauluskerk - het gezicht was van hen die in Rotterdam tot maatschappelijke actie bereid waren, die stem gaven aan degenen die zich onderdrukt voelden. En nu, na ruim twintig jaar, moet het roer in de havenstad om.
Wat zegt de predikant? 'De kerk verwaarloost haar kerntaak: mensen trekken. Helpt ze alleen armen, dan betekent dat het einde van kerk en diaconaat. Hulp aan armen en sociaal zwakkeren hoort op dit moment niet tot de kerntaken van de kerk, die zich vanwege leegloop en vergrijzing wel bij die kern moet houden. Nu de helft van de Rotterdamse leden uit zestig-plussers bestaat, kan de beschikbare energie beter besteed worden aan het werven van nieuwe leden. Want diaconaat kost veel en is niet wervend.'

Achterstallig onderhoud
Ds. Polhuis maakt een vergelijking met het bedrijfsleven: 'Als het bij Philips slecht gaat, stoten ze divisies af, omdat ze er een tijdje geen slagkracht voor hebben. Dat zouden wij ook moeten doen.' Hij noemt de kerk te passief. 'Te lang hebben we gedacht dat de zorg voor zwakkeren een goede manier was om de kerk levend te houden. Nu kampen we met achterstallig onderhoud. Het diaconale werk kan alleen als er een levendige gemeente is die het kan uitvoeren. Daarom moet onze aandacht nu vooral uitgaan naar het verstevigen van de basis.'
De analyse van ds. Polhuis over de Rotterdamse gemeente stemt tot grote somberheid. Als er vanuit zeven wijkgemeenten slechts een paar catechisanten komen, als het nauwelijks meer lukt om ambtsdragers te vinden, als de 58-jarige predikant het jongste gemeentelid in zijn eigen wijk is - dan is het reëel om ons af te vragen of 'de kandelaar van het evangelie' weggenomen gaat worden. Ook als we hier wijkgemeenten als de Maranatha-wijkgemeente, Delfshaven, de Samaritaan of de Hillegondawijk naast plaatsen, waar de meelevendheid wel groter is, dan nog biedt het geheel van de Rotterdamse gemeente reden tot bezinning. We weten van de secularisatie in Nederland, van de almaar voortschrijdende ontkerkelijking in steden en dorpen. Vaak zijn het landelijke cijfers die de situatie verwoorden, waarbij we moeten zien dat die cijfers de levens van mensen vertegenwoordigen. Nu is het een plaatselijke situatie die onze aandacht vraagt.

Eenzijdige nadruk
De noodklok die ds. Polhuis over Rotterdam luidt, verdient gehoord te worden. Juist waar hij zelf gemeend heeft dat aandacht voor de zwakkeren en de armen de kerk nieuw elan zou geven, mogen we het nu aanwezige inzicht dat de kerk zo geen toekomst heeft, als een stem uit de praktijk waarderen. Zijn mening komt niet voort uit een of andere ideologie, maar uit eigen waarneming in Rotterdam.
Uiteraard spelen veel andere factoren in de terugloop of zelfs de leegloop van de gemeenten mee. Jonge mensen zijn naar omliggende plaatsen vertrokken, de aanwezigheid van andere wereldgodsdiensten is sterk gegroeid, de relevantie van het evangelie wordt minder ervaren, enzovoort. Maar dat neemt het waarheidsgehalte niet weg uit ds. Polhuis' woorden, dat een eenzijdige nadruk op het diaconaat de gemeenten uiteindelijk niet bouwt.

Zending-diaconaat-welzijnswerk
De kritische vraag naar allen die in dit diaconaat werkten en werken, is hoe we het werk afbakenen. Polhuis heeft namelijk ook gezegd dat het werk vanuit een kerkelijke achtergrond vaak niet meer als zodanig herkenbaar is, sterk is veralgemeniseerd. Waar de kerk hiermee stopt, kunnen overheid of maatschappelijke organisaties dit moeiteloos overnemen.
Diaconaat zal daarom herkenbaar moeten blijven. Niet dat de belangeloze hulp van een gelovige altijd anders uitpakt dan de steun die een socialistische welzijnswerker geeft. In wat ons beweegt, beter, door Wie wij tot de daad geroepen zijn, ligt het verschil. Het gaat om een beker koud water in Christus' naam. Het is in de kerk nodig dat hierover geen onduidelijkheid heerst. Tijdens de bespreking van de nota Diaconaat spreekt niet vanzelf, in september jl., werd er in de synode de vinger bij gelegd dat in de afgelopen jaren zending geworden was tot diaconale hulp en dat diaconaat in de praktijk niet meer was dan welzijnswerk. Waar de Bijbel ons leert het Woord en de daad bijeen te houden, dienen de eigen accenten aan zending en diaconaat niet verloren te gaan.

Levend water
De noodkreet van ds. Polhuis is allereerst te verstaan als een oproep om het Woord van God centraal te stellen. Dat is, om de taal uit het bedrijfsleven te gebruiken, core business van de kerk. De gemeente leeft van de opening van het Woord, of ze leeft niet. De kerk heeft als haar identiteit het centraal stellen van de Heilige Schrift, of ze onderscheidt zich niet meer van maatschappelijke organisaties. Waar de Bijbel als van levensbelang gezien wordt, gaan brood voor het hart en brood voor de maag gelijk op. Waar dat plaatsvindt, zal zicht op het eeuwige leven en troost voor het dagelijkse bestaan beide geboden worden. Jezus legde twee bedroefde Emmaüs-gangers 'al de Schriften' uit, Hij vertelde de Samaritaanse vrouw over het Levende water en ging tegelijk in op haar huwelijksmisère. En Paulus begint in de stad Damaskus vrijmoedig te, spreken in de Naam van de Heere Jezus.
De weerbarstige situatie in de Rotterdamse gemeente is verre van gemakkelijk. Betrekkelijk weinig mensen staan voor een grote opdracht. Dat vraagt om de voorbede van hen die wellicht minder aan het front van de secularisatie staan. Voor de gemeente ter plaatse betekent dit echter vooral.de roeping om getrouw te zijn, het Woord van God te bewaren en de Naam van Christus niet te verloochenen. De Heilige Geest zal op die wijze wonderen van genade doen.
Waar dit Woord niet voorop gaat, wordt het paard achter de wagen gespannen, wordt het vangelie weggedrukt door eigen wijsheid, die dwaasheid zal blijken. Als ds. Polhuis zich positief uit over het werk onder de verslaafden in de Pauluskerk, zegt hij tegelijk dat dit niet heeft bijgedragen aan de vorming van een kerkgemeenschap. 'Sterker nog: ik denk dat we er juist mensen door zijn kwijtgeraakt ...' Hij doelt hiermee op het feit dat mensen onrecht in de maatschappij niet kunnen rijmen met de Bijbel en de leer van de kerk. Ook hier kan alleen een nauwgezet lezen van de Schrift helderheid geven over Wie God is en wat de mens is.

Landelijke bemoeienis
De noodkreet van ds. Polhuis vraagt ook om beleid, om visie. Juist hiervoor hebben de gemeenten elkaar nodig, dient de synode initiatieven te nemen en stimulerend te zijn. De Rotterdamse predikant vraagt zelf om bemoeienis van de landelijke kerk. 'Zet er maar een geïnspireerde en gedreven persoonlijkheid neer, die opnieuw in de stad als zendeling begint. Er moet iemand die stap zetten, want wij zitten met kader van zeventig tot tachtig jaar dat zulke beslissingen niet kan nemen.' De vraag om de uitzending van een zendeling naar Rotterdam, die mag de kerk niet negeren. 'Versterk het overige, dat sterven zou', krijgt de gemeente van Sardis te horen. Als heel concreet de roep om een missionaire arbeider komt, die zich wil concentreren op de uitleg van de Schrift, moet die roep beantwoord worden. Laten discussies over de visie van ds. Polhuis de nood niet wegredeneren, want het gaat om niets minder dan de redding van mensen. Wee ons als kerk, als we het evangelie niet laten klinken.
Onder meer in de Christelijke Gereformeerde Kerken hebben verschillende plaatselijke kerken - Zaandam, Amsterdam - een zogenoemde doorstart als zendingsgemeente gemaakt, bedoeld om vanuit het hart van het evangelie als gemeente naarbuiten te treden. Dat is bij voorbaat geen succesformule, maar blijft ondanks de weerbarstige praktijk niet zonder zegen. Daarbij blijft het gebed om de Heilige Geest, die Gods wegen bekendmaakt en Zijn paden leert.

Prioriteit
Wie met dat Woord in de stad werkt - en velen hebben hierin hun roeping ervaren! - weet dat het daarin om meer gaat dan bevrijding van zonden en vergeving van schuld, al is dit dé levensvraag voor ieder mens. Vanuit de geboden van Christus, Wiens leven een en al dienstbaarheid was, zal er evenzeer aandacht gegeven moeten worden aan onrechtvaardigheid van wetten, aan sociale misstanden, mag er omgezien worden naar allen die geen helper hebben.
De kerk moet de grote steden hoog op haar 'prioriteitenlijstje' zetten, ook ter bemoediging van degenen die in de steden arbeiden. Daarbij zal zending zending moeten blijven, zal diaconaat diaconaat moeten zijn, zonder beide uiteen te trekken. Daarbij geldt dat het goed doen aan anderen alles te maken heeft met onze eeuwige bestemming.
De gelijkenis van de barmhartige Samaritaan begint met de vraag wat te 'doen' om het eeuwige leven te beërven. De vraagsteller krijgt als antwoord mee om een naaste te zijn voor anderen, om zich te spiegelen aan de barmhartigheid van de Samaritaan. Zo is diaconaat ook core business voor de kerk. Doen wat Jezus geboden heeft. Maar dan wel in Zijn Naam.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 februari 2005

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Blijft de kerk in de stad?

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 februari 2005

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's