De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

(Crisis)pastoraat aan de pastor

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

(Crisis)pastoraat aan de pastor

7 minuten leestijd

In de Waarheidsvriend van 27 januari vroeg P.J. Vergunst pastorale en diaconale aandacht voor de partner van een chronisch of langdurig zieke. Het artikel werd met name geschreven naar aanleiding van de verschenen handreiking vanuit de Protestantse Kerk over dit onderwerp. Alle waardering voor de oproep en behandeling van dit pastorale onderwerp! Eveneens voor de brochure; een aantal aspecten werd diezelfde dag door de praktijk onderstreept. Toch bleef er na het lezen van dit artikel en ook van de genoemde brochure een blinde vlek voor ogen zweven. Namelijk de vraag: hoe gaan we hier mee om, wanneer de pastor zelf zo'n partner is?

Goede ervaring
De praktijk van pastorale handreikingen, brochures en boeken is meestal, of misschien moeten we zeggen: altijd, geschreven vanuit de verhouding pastor-pastorant. Logisch. Er wordt geschreven om een pastor en/of ambtsdrager te ondersteunen en toe te rusten in zijn werk. In heel deze boekenzee komen we echter niets of misschien weinig tegen waarin er geschreven wordt over pastoraat aan de pastor zelf. Ook in de genoemde brochure vinden we hier niets over terug, terwijl er naar mijn weten heel wat predikanten zijn die ook partner zijn van een chronisch of langdurig zieke. Daarnaast zijn er in vele pastorieën lege plaatsen gevallen. Hoe wordt hier dan pastoraal mee omgegaan? Wie bedrijft er dit soort pastoraat? Of is het inderdaad zo dat het een blinde vlek is, een leegte waar we niet goed raad mee weten?
Mijn beweegreden om dit te schrijven is vanuit een goede ervaring. Ons pastorieleven wordt nu zo'n halfjaar gestempeld door ziekte. We kunnen echter dankbaar terugzien op het pastoraat dat ons ten deel viel. Daarom viel die blinde vlek niet op door frustratie op dit gebied, maar door gezegende omstandigheden.
Wanneer een predikantsgezin getroffen wordt door ziekte, heeft het niet te klagen over meeleven. Op zich is dat al een grote zegen van God. Dan ondervind je, wat het betekent deel uit te maken van het grote Lichaam van Christus. Er wordt mee-geleden. Door de rest van het Lichaam, maar nog het meest door het Hoofd Zelf. Die ervaring is al een grote troost. Alleen ... meeleven door vele mensen is nog niet hetzelfde als pastoraat ontvangen. En dan nu niet pastoraat aan de zieke echtgenote van de predikant. Dat is ook nodig. En gelukkig was dat er in ons geval. Alle dank aan de collegialiteit. Maar nu het pastoraat aan de partner van de zieke; de predikant zelf dus. Ook die was er. We werden zeer gezegend totnutoe. En dan niet alleen door collega's en in mijn geval een mentor, maar ook door de wijkouderling en andere kerkenraadsleden. Ik zou dit alles echter niet schrijven, als er ook iets anders te zeggen valt.

Slechte ervaring
Wanneer deze pastorale zorg de afgelopen tijd ergens in den lande ter sprake kwam, bracht dit nogal eens verwondering met zich mee. 'Gaat dat zo in uw gemeente? Dat is wel bijzonder.' 'Een wijkouderling die het Woord weer moet openen voor zijn eigen predikant, is dat niet de wereld op zijn kop?' 'Ik zie dat in onze gemeente niet zo maar gebeuren. Kerkenraadsleden krijgen al bijna geen huisbezoek, laat staan de predikant.' Een paar reacties, tot zelfs de meest schrijnende toe van een predikant die in een zelfde situatie als ondergetekende zat. Toen ik vertelde, hoe het bij ons ging op het pastorale vlak en zei: 'maar dat zul je wel herkennen', was de reactie: 'Nee, dit herken ik dus niet ...' Wel in de nood gezeten, wel als partner van een zieke echtgenote het pastorieleven moeten voortzetten, maar geen pastoraat ontvangen. Hoe kan dat?

Drempels
Het feit dat er gemeenten/kerkenraden zijn waar geen of weinig aandacht is voor het pastoraat aan de pastor, kan wellicht komen doordat hier een paar drempels zitten. Mogelijk zit de grootste drempel wel bij de pastor zelf. Als predikant zitten we helemaal niet te wachten op onze wijkouderling/-diaken. Er zijn gemeenteleden zat die harder huisbezoek nodig hebben dan wij, wordt er geredeneerd. We kunnen onze tijd wel beter gebruiken. En geestelijk? Een predikant leeft immers altijd op de toppen van het geloofsvertrouwen? ! Eventueel wel een functioneringsgesprek zoals we dat dan noemen, maar geen behoefte aan een huisbezoek. Totdat die crisis er komt, en dan is er ook geen pastoraat, terwijl er wel zo'n behoefte aan is. Waar is nu de pastor van de predikant? De vraag kan zelfs nog dieper komen te zitten. Waar is nu de Pastor van dit schaap van de kudde? Een predikant kan op z'n tijd immers ook wel eens zelf een dwalend schaap zijn? ! Wanneer deze drempel herkend wordt bij pastoriebewoners, dan zou ik een stelling willen poneren: Wie geen pastoraat kan/wil ontvangen, kan ook geen pastoraat bedrijven.
Een andere drempel kan zich opdoen bij de kerkenraadsleden. Zij zijn immers de eerste aangewezen pastors van hun predikant. Maar voor een 'gewoon' huisbezoek ervaren we nogal eens drempelvrees, laat staan om de drempel van de pastorie over te gaan. Wat vind je immers aan de andere kant van de deur? Hoe moet je nu je eigen predikant gaan troosten, die zelf altijd zo troostend kan zijn? Zou ik wel of niet iets uit de Bijbel lezen, en wat dan? En mijn predikant kan veel mooier lezen, en weet ook altijd van die treffende gedeelten, en moet ik daar dan gaan lezen en bemoedigen? En wat moeten we zeggen als onze eigen pastor in de huidige omstandigheden als een Heman door het leven gaat? Dat niet alleen de omgeving zegt: 'waar is nu uw God?', maar dat dit zicht op de Heere bij de pastor zelf verdwenen is.
Hindernissen genoeg om maar niet op de bel van de pastorie te drukken.
Nogmaals, wat is het een zegen, wanneer je meemaakt dat al deze hindernissen weggenomen worden en er wel geestelijke bijstand verleend wordt door je medebroeders. En dan blijkt het waar te zijn wat Dietrich Bonhoeffer schreef: 'Het trage, moeizame bijbellezen van menig in ervaring oud geworden christen, overtreft dikwijls ver het zo technisch-volmaakte lezen van een predikant.' Het is een grote zegen van de Heere, als een medebroeder het dichte Woord weer voor je opent!

Aanzet
Nogmaals: ik schrijf vanuit een goede ervaring, maar ook naar aanleiding van minder goede reacties. Bovenstaande ervaringen en overwegingen zijn niet anders bedoeld dan een aanzet te geven voor verdere doordenking. Misschien zit er zelfs niet alleen ten aanzien van de pastor, maar ook breder ten aanzien van alle ambtsdragers een blinde vlek in ons pastorale werk. Als kind van een ouderling kan ik mij bijvoorbeeld niet herinneren ooit huisbezoek te hebben gekregen tijdens de ambtsperiodes. Wanneer dit herkenning oproept, lijkt het mij een aangelegen punt voor een kerkenraadsvergadering. Het kan ook dienen als aanzet voor de rubriek pastoraat van dit blad. Op dit gebied kunnen we een voorbeeld nemen aan onze oosterburen. In onze taal is er misschien nog weinig over geschreven, maar Seelsorge am Seelsorger is daar een ingeburgerd begrip in de pastorale literatuur. Wat is het heerlijk om als een Timotheüs een medebroeder Paulus op bezoek te krijgen die zegt: 'Gij dan mijn zoon, word gesterkt in de genade, die in Christus Jezus is.' Ook al is het misschien wel zo, dat qua leeftijd de verhouding vader- zoon omgekeerd zou kunnen zijn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 maart 2005

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

(Crisis)pastoraat aan de pastor

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 maart 2005

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's