De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Met hart en mond

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Met hart en mond

HEM ALS ONZE HEERE BELIJDEN

6 minuten leestijd

Brief. Van een van de belijdeniscatechisanten ontving ik een mooie brief. Het is een getuigenis waaruit duidelijk blijkt hoe belangrijk het is te leven bij het Woord van God. Met toestemming van betreffende briefschrijver citeer ik: 'Vlak voor het begin van het seizoen was er een doopdienst. In die dienst heb ik ervaren dat God mij als het ware riep om naar de belijdeniscatechisatie te gaan. Als Hij al Zijn Hand naar mij heeft uitgestoken toen ik nog klein was en mij zulke beloften heeft meegegeven, kan ik nu niet zeggen: 'ik wacht nog wel een jaartje' en rustig verder leven. Ik kon voor mijn gevoel gewoon niet wegblijven, ik geef toe dat ik regelmatig nog twijfelde over het wel of niet doen van belijdenis. Of ik wel reden had om naar belijdeniscatechisatie te gaan. Want elke dag weer zie ik dat alles wat ik van plan ben mislukt. En dan vraag ik me af of ik nu wel echt de Heere wil dienen en volgen, of dat ik me dat alleen maar verbeeld. En of ik wel zeker weet dat mijn zonden ook vergeven zijn door het bloed van Jezus Christus. Maar als ik dan lees de Bijbel of ik ben weer in de kerk of bij catechisatie, dan worden mijn twijfels toch weer weggenomen. En dan hoor ik dat de zekerheid ook niet uit jezelf moet komen, maar dat je die juist in de Heere hebt. En dan weet ik ook wel dat Hij Zijn woorden en beloften zal nakomen. Of ik zie dat er in de Bijbel precies de antwoorden staan op vragen of moeilijkheden die ik heb, dat dingen waar ik tegenaan loop, ook voorkomen bij mensen uit de Bijbel of mensen nu. Dat de Heilige Geest me ook wil helpen om Jezus te volgen en te strijden tegen hardnekkige zonden. Net als het soms weer te veel dreigt te worden en de twijfel weer groter wordt, wordt er soms door een enkel woord weer houvast gegeven. Ik ervaar de laatste tijd ook steeds meer het nut van de kerkgang. Ik krijg daar vaak als het ware de bagage voor de week mee. Ook zie ik daar dat God mij vasthoudt. Ik kan dus ook eigenlijk niet meer eronder uit om belijdenis te doen. Waar zou ik dat recht vandaan halen? God heeft mij al zoveel gegeven, allemaal beloften, Zijn Woord, en Hij komt Zijn woorden na.'

Toen ik deze schriftuurlijke geloofsbeleving las, heb ik moeten denken aan de bekende woorden van de apostel Paulus in Romeinen 10:8-10: 'Dit is het Woord van het geloof hetwelk wij prediken. Namelijk, indien gij met uw mond zult belijden de Heere Jezus, en met uw hart geloven, dat God Hem uit de doden opgewekt heeft, zo zult gij zalig worden. Want met het hart gelooft men ter rechtvaardigheid en met de mond belijdt men ter zaligheid.' De rijke inhoud van de prediking van de apostelen wordt hierin samengevat en tevens wordt daarin over de toe-eigening van het heil gesproken. In dat Woord van de betrouwbare God is houvast te vinden en blijde zekerheid. Je wordt bij het leven daaruit telkens weer boven de strijd uitgetild.

Geloven met het hart
In de genoemde tekst merken we dat hart en mond, geloven en belijden bij elkaar horen. Zonder het geloof met het hart is het belijden met de mond een slag in de lucht. God werkt van de binnenkant naar de buitenkant.
De apostel wil ons door middel van de prediking met onze harten laten overschakelen van onze werken op de daad van God. Heel nadrukkelijk komen we in de brieven van de apostel tegen dat hij op de noodzaak van Christus' kruisdood wijst. Om onze zonden moest Hij de dood in. De toorn van God over onze zonden is terecht. Wij hebben de eeuwige dood verdiend. En nu is Jezus voor Ons de dood ingegaan. Hij is gestorven voor onze zonden. Na Zijn dood heeft Pilatus het lichaam vrijgegeven om begraven te worden. Een dode wordt niet langer strafrechtelijk vervolgd. In wezen heeft God door middel van deze wettige vertegenwoordiger van de overheid reeds uitgesproken dat Jezus de straf gedragen, de schuld betaald en de vloek op Zich genomen heeft.
Toch moeten we er niet aan denken dat Hij in het graf zou zijn blijven liggen. We zouden nooit zeker weten dat Hij werkelijk alles volbracht had. Het is echter Pasen geworden. God heeft Zijn Zoon opgewekt uit de doden. Wat is dat een vaste en zekere waarborg dat het grote doel is bereikt! God heeft Jezus opgewekt, Die beladen met onze zonden de dood is ingegaan. De straf vanwege onze zonden hoeft Hij niet meer te dragen. Hij hééft het gedaan! Het bewijs is geleverd.
Als ons dat gepredikt wordt met bevel van bekering en geloof, werkt de Heere door de beademing van Zijn Geest het geloof in Christus in onze harten en vernieuwt Hij onze harten en levens. De belofte van het evangelie wordt gehoord dat een ieder die met het hart gelooft dat God Hem uit de doden opgewekt heeft, zalig zal worden. Dat staat in het Woord van de betrouwbare God. Daar kun je zeker van zijn. We klampen ons vast aan die belofte van God. In dat werk van God in Christus vinden we de vaste grond van onze zaligheid. Omdat we met banden van geloof en liefde aan Hem verbonden zijn, mogen we met Hem delen in de vrijspraak van de schuld en de straf op grond van Zijn verdiensten. We geloven met het hart dat Hij bij Zijn komen uit het graf zonder mijn schuld uit het graf gekomen is en genoeg gedaan heeft om ons weer recht te doen staan tegenover God. En we mogen Hem dan ook uit de hemel verwachten tot zaligheid. Wat een blijde zekerheid mogen we steeds opnieuw vinden in de prediking van de gekruiste en opgewekte Christus! We blijven ons leven lang dat woord van het geloof nodig hebben. Dat is brood voor het hart.

Belijden met de mond
Als dat door de prediking van het Woord van het geloof ons voorgezegd is en we het met het hart zijn gaan geloven, gaan we het samen met de kerk van God van alle tijden en plaatsen ook nazeggen. Dat is nu het bijbelse belijden. Het gaat dus van de binnenkant naar de buitenkant. Hoe zouden we immers van Hem kunnen zwijgen? We hebben Hem zo onuitsprekelijk lief gekregen. Het hart is er vol van en de mond gaat er van overlopen. Zowel het geloven met het hart als dat belijden met de mond is nodig om zalig te worden. Het geloven komt in het belijden openbaar. We willen ons openlijk voor Gods aangezicht verbinden aan Hem, Die God tot Heere en Christus gemaakt heeft. God mag ons er altijd aan houden. De gemeente mag ons eraan blijven herinneren. En we willen altijd en overal en tegenover allen verantwoording afleggen van de hoop die in ons is. Het belijden strekt zich dus uit tot het brede levensfront. Iedereen mag het weten dat Hij onze Heere is. De apostel vat de belijdenis wel heel kort samen. Het komt erop aan dat we Hem als onze Heere belijden. Een minimale samenvatting, maar het heeft maximale consequenties. Nu we geloven dat Hij mij gered heeft, heeft Hij ook recht op alles. Hij mag over ons leven Koning zijn. Onze knieën gaan voor Hem buigen en onze tong gaat Hem als onze Heere belijden. De christenen in Paulus' dagen konden daarom niet meer voor de keizer in Rome buigen. We kunnen geen twee heren meer dienen. Alle vreemde heren gaan we afzweren en afdanken. Zeker, we merken wel dat we met al die heren in de wereld nog menigmaal in botsing komen. Je bent na je belijdenis de strijd nog niet te boven. De apostel heeft ervan geweten. Uit de citaten van bovengenoemde brief wordt het ook wel duidelijk.

Heilige Geest
Door de werken der wet konden we niet behouden worden. We merken echter wel dat Jezus de wet van God niet afgeschaft, maar vervuld heeft. Dat gebod is juist in de mond en in het hart van de gelovige. We komen ervoor op. De Heilige Geest heeft dat erin geschreven. En daarom aanvaarden we van binnenuit de roeping door Zijn genade de strijd aan te binden tegen de zonde en de duivel en begeren we onze Heiland te volgen in leven en sterven, Hem te belijden voor de mensen en met blijdschap te arbeiden in Zijn Koninkrijk.
We vragen ons misschien af hoe we daartoe toch in staat zullen zijn. De Heilige Geest brengt door de prediking steeds weer tot geloven met het hart en belijden met de mond. Hij schept de vrucht der lippen, die Zijn Naam belijden. 'Niemand kan zeggen, Jezus de Heere te zijn, dan door den Heiligen Geest.' (1 Kor. 12:3) Tegen alle oudere en jongere gemeenteleden die dit jaar openbare belijdenis afleggen, wil ik zeggen: weest getrouw onder de bediening van het Woord en van de sacramenten, volhardt in het gebed en in het lezen van de Heilige Schrift. Op die manier zul je het door Gods genade volhouden en zalig worden! U en jullie mogen een God belijden, Die je ertoe geroepen heeft en Die getrouw is en Zijn Woord waarmaakt! Ga heen in deze Zijn kracht!

H. ROSEBOOM, HOLLANDSCHEVELD

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 maart 2005

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Met hart en mond

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 maart 2005

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's