Inzet voor de samenleving
CHRISTENEN IN INDIA [2]
Henry Martyn Instituut
In de miljoenenstad Hyderabad (5,5 miljoen inwoners) in midden-India, in de staat Andhra Pradesh, een van de 25 deelstaten in India, is onder andere het Henry Martyn Institute (HMI) gevestigd. Dit instituut, in 1930 in Lahore gesticht en sinds 1969 gevestigd in Hyderabad, is vernoemd naar een Engelsman, die in de negentiende eeuw naar India kwam en het geloofsdispuut aanging met de islam. Tot 1990 was dit instituut vooral gericht op islamstudie en de vraag: Hoe bereiken wij moslims met het evangelie van Jezus Christus? Daarna veranderde de doelstelling, de missie, van het centrum. Al is het tot heden beroemd om zijn kennis van de islam en bijvoorbeeld om de uitgebreide bibliotheek op dit terrein.
De verandering van doelstelling had te maken met godsdiensttwisten die begin jaren negentig in Hyderabad plaatshadden. Die twisten gingen tussen hindoes en moslims, waarvan er ongeveer evenveel in deze stad wonen.
En die twisten waren gewelddadig. Honderden mensen kwamen er zelfs bij om. Met name dat feit greep de werkers van het instituut aan en heeft zelfs dus de missie van het instituut, waarin veel kerken van India in het bestuur participeren, veranderd. Het legt zich sindsdien toe op ontmoeting tussen mensen van verschillende godsdiensten en op werken aan reconciliation, verzoening tussen mensen met een verschillend geloof. Dat werk doet ze niet alleen in Hyderabad. Daarvoor zet ze zich in voor vele gebieden, staten van India waar spanningen tussen godsdiensten samenleven moeilijk maakt en geweld veroorzaakt. Bijvoorbeeld ontvangen mensen uit heel het land in het centrum in Hyderabad scholing voor hoe ze in hun omgeving kunnen werken aan verzoening onderling.
De missie van dit werk
Op dit centrum, dat onder andere van Kerkinactie financiƫle steun krijgt, verbleven we tijdens de studiereis, waarover ik in het vorige artikel informeerde. We zagen tijdens de reis concreet werk van HMI in de stad Hyderabad. Ze hebben bijvoorbeeld precies tussen een moslim- en hindoewijk in een pand kunnen kopen, waar ze programma's aanbieden voor mensen van allerlei leeftijden, onder andere een school voor kinderen. In die programma's zitten heel bewust hindoes en moslims door elkaar. Zo leren ze elkaar als mens kennen en leren ze elkaar kennen in wat ze geloven. Dit elkaar kennen heeft vanaf 1990 al heel duidelijk geweld voorkomen. Het doel van het instituut is dus in vrede samenleven van gelovigen mogelijk maken. Bewust wordt gemeld dat het doel niet is: godsdiensten aan elkaar gelijk maken. Wie dat doel zou hebben, zo heeft men wel gemerkt, neemt de verschillende gelovigen in hun geloof en geloofsovertuiging juist niet serieus.
Tijdens ons verblijf spraken we over dit werk en over dit doel van het Instituut. Het ziet het als zijn missie, haar roeping van Christuswege, zich in te zetten voor vrede in de samenleving. Op deze wijze is dit instituut vanuit de christelijke minderheid van India de samenleving tot zegen. Je zou dit werk als diaconaal werk kunnen typeren.
Zich inzetten voor vrede en gerechtigheid in de samenleving, voor ruimte voor ieder mens om zijn en haar geloof te beleven en te belijden.
Betekenis voor Nederland
Omdat dit werk ons tot nadenken stemde, schrijf ik erover. We zagen het op het moment, dat in ons land verhoudingen tussen niet-gelovigen en met name moslims maar ook richting orthodoxe christenen, aan het verharden zijn. Kerken in India lieten wat in de samenleving tussen verschillende godsdiensten gaande was, niet maar gebeuren. Zij verstonden en verstaan daarin voor zichzelf een roeping. Je denkt: hoe staan wij in de situatie van Nederland vandaag? Ervaren wij het als iets wat gebeurt en waaraan wij niets kunnen doen, minderheid die wij zijn? Gaat het misschien werkelijk zomaar langs ons heen? Wij doen zelfs, nogal eens voor we het weten, mee in het 'wij en zij denken'. En speelt angst ten aanzien van moslims bij ons mee. Mede omdat wij hun denken en doen niet kennen. En voor we het weten denken we dat alle moslims aan de extremisten onder hen gelijk zijn. Je hoeft soms maar even met christenen over moslims te spreken om te merken dat liefde tot deze naaste ver weg lijkt te zijn. Terwijl Jezus, zelfs al zouden het onze vijanden zijn, geboden heeft hen, zoals al onze naasten, lief te hebben.
Vanuit dat werk in het HMI in Hyderabad denk je: kunnen en willen wij als christenen tot zegen zijn voor vrede en gerechtigheid voor ieder mens in ons land? Zien wij daarin een taak?
Ik denk dan even aan werk dat bijvoorbeeld al jaren gebeurt in Rotterdam-Delfshaven, waar christenen en moslims elkaar intensief ontmoeten, aan het werk van de stichting Evangelie & Moslims. En we denken aan werk dat het Interuniversitair Instituut voor Missiologie en Oecumenica (IMMO) doet in Utrecht. Een plek waar studie over de verschillende godsdiensten plaatsheeft.
Leerzame ontmoeting
Nu valt er over het werk dat het HMI in India doet, meer te zeggen. En er zijn, voor wie dat bij het lezen al voelde, vragen te stellen. Voor ik die stel, vragen die ook door ons daar zijn gesteld, wil ik melden dat we vanwege de contacten die het HMI met de verschillende godsdiensten had, ervaren hebben dat zien en merken hoe andersgelovigen hun geloof beleven, leerzaam is. Je merkt dan bijvoorbeeld echt dat ook binnen andere godsdiensten grote verschillen voorkomen. En dat er gelovigen onder zijn die heel intens hun geloof beleven. En we merkten, toen we op uitnodiging van een moslimfamilie, bij hen het religieus slachten van een schaap tijdens het Offerfeest meemaakten, hoe de islam soms de wereld van de Bijbel, met name wel van het Oude Testament dichterbij brengt.
Vragen bij het HMI
Ik zal ook schrijven over de vragen en moeiten, die ik en anderen hebben bij het Henry Martyn Instituut. Het werkelijke open gesprek tussen de godsdiensten maakt, noodzaakt zelfs als methode, dat bekering tot het christelijk geloof niet meer het doel is van het instituut. Dat is moeilijk te aanvaarden. Al geeft men aan dat bekering van mensen tot het christelijk geloof wel gezien wordt als taak van andere christelijke organisaties. En het is en blijft natuurlijk mogelijk dat bijvoorbeeld hindoes en moslims in de open ontmoeting met christenen uit eigen beweging tot het christendom overgaan. Oprechte liefdevolle inzet voor vrede tussen gelovigen kan heel wervend werken. Juist bij moslims, die zo op houding van mensen gericht zijn.
Het instituut zet zich in zijn missie in voor vrede en gerechtigheid tussen mensen in het leven nu. Maar we weten, vanuit de Bijbel: Er is meer dan het leven hier en nu. Gesteund door de zendingsopdracht van Christus, en ziende op Christus' volbrachte werk, voel je je toch als christen tegelijk gedreven mensen op Jezus Christus en het eeuwige leven in Hem te wijzen? Tegelijk word je in je vragen richting het instituut wat stiller als je je afvraagt: maar probeer ik dan werkelijk mijn moslim- en hindoenaaste voor Jezus te winnen? Heb ik eigenlijk meteen voluit recht kritiek te hebben op een instituut als het HMI, als ik niet gericht ben op het behoud van andersgelovigen?
Een vraag is ook of het HMI niet te idealistisch denkt en bezig is. Er zijn binnen andere godsdiensten, net als mogelijk binnen het christendom, stromingen die anders-gelovigen in het leven hier en nu werkelijk geen ruimte gunnen. En er zijn zelfs stromingen, die misschien (mede) gedreven door andere bronnen dan hun godsdienst, medemensen het licht in de ogen werkelijk niet gunnen. Temidden van dit alles zijn machten actief.
En die zijn sterk. We leven in een enorm gebroken wereld. Onderschat het HMI deze stromingen en de machten niet? Anderzijds: Hoe bereik je mensen uit deze stromingen? We proeven dat tegen hen ook in ons land hard opgetreden gaat worden. Maar merk je soms toch niet, dat vooral liefde harde harten breekt?
In een volgend artikel wil ik ingaan op wat we India zagen van juist gericht zijn op bekering van niet-christenen tot Christus Jezus.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 april 2005
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 april 2005
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's