Uit de pers
Zondige theologie
Deze woordverbinding dook enkele weken geleden op in de pers en dan in combinatie met de woorden 'gereformeerde theologie'. In het opinieblad voor de christen vandaag CV-Koers van april 2005 is het de kop boven een gesprek met de anglicaanse theoloog en hoogleraar in Oxford Michael Green. Hij is al een halve eeuw een van de gangmakers achter de evangelische vernieuwing van de anglicaanse kerk in Engeland.
'Gereformeerde theologie is zondige theologie omdat deze te veel met zichzelf bezig is en er niet op uit gaat om anderen te redden.' Green vraagt zich mede daarom af of de protestantse kerken in Nederland wel in staat zullen zijn de enorme missionaire uitdagingen van onze tijd aan te gaan. De forse spanningen binnen genoemde kerken doen daar ook geen goed aan. Er is aan de ene kant een groep, aldus Green, die alles wil houden zoals het altijd geweest is, met een sterke nadruk op de traditionele vormen. Daarom heeft ze nauwelijks missionaire kracht, is sterk naar binnen gericht en steeds in de verdediging om het bij het oude te houden. Aan de andere kant constateert hij dat er een stroming van jongeren en jongvolwassenen is die zijn opgegroeid na de kaalslag van de secularisatie. 'Zij zijn zich er volledig van bewust dat ze als christenen leven in een postmoderne maatschappij en willen daarom graag een veel radicaler christendom. (...) De oplossing ligt in het herontdekken van de dynamische kerkgemeenschappen uit de dagen van het Nieuwe Testament: levende gemeenschappen te midden van een pluriforme samenleving. Deze vorm van kerk zijn heeft een bepaalde frisheid. Men durft door het geloof risico's te nemen, waardoor kerken vernieuwend worden. Nederlandse kerken kunnen op deze manier verlost worden van het zich laten gijzelen door tradities', aldus in CV-Koers Michael Green. Welnu, in deze context valt dan de stelling van Green waar we mee begonnen:
Gereformeerde theologie is zondige theologie:
Het kenmerk van de gereformeerde of reformatorische theologie is dat ze allerlei tradities in de kerk heeft ingevoerd die niet in de Bijbel staan. Dat bijvoorbeeld God mensen van eeuwigheid bestemd heeft voor de hel, zoals de Dordtse Leerregels dat leren - is niet af te leiden uit de Bijbel. Als Dordt gelijk had, zou God een monster zijn. Zo zijn allerlei zaken uit de kerkelijke cultuur doordrongen in de gereformeerde theologie. Onze theologie moete we altijd onder kritiek van de Schnft stellen.
Niet: wat zeggen de dogmatici in onze traditie, maar: wat zegt de Schrift? Een ander verschil is dat de reformatorische theologie teveel met zichzelf bezig is. Intern over allerlei zaken discussieert, terwijl de massa's verloren dreigen te gaan. Dit is een kenmerk van zonde. In de definitie van Augustinus is zonde: gericht zijn op jezelf. Zondige theologie kenmerkt zich door zelfgerichtheid en er daardoor niet op uitgaan om anderen te redden.
Even afgezien van Greens stelling over de gereformeerde theologie als zondige theologie, zijn opmerking over de Dordtse Leerregels is een karikatuur, een vertekening die berust op een al te oppervlakkige lezing. Er staat nergens met zoveel woorden dat God een eeuwig besluit zou hebben genomen om mensen te bestemmen voor de hel. De start van de Leerregels is dat het hele mensdom door eigen schuld verloren ligt en dat God daarom geen onrecht zou hebben gedaan als hij ons daarin gelaten had. De Leerregels belijden echter dat er toch een weg tot behoud is, namelijk door het geloof in Christus waarbij dit geloof een geschenk is. De oorzaak van dit geloof ligt namelijk niet in de gelovige maar in Gods keus, waarbij hij sommigen dit geloof schenkt en anderen laat in het verderf waarin ze zichzelf moedwillig gestort hebben. Maar afgezien van deze vertekening, blijft de kritiek van Green overeind: is er toch niet het een en ander waar van wat hij aan de orde stelt. Wie zich verdiept in de geschiedenis van de gereformeerden vanaf bijvoorbeeld 1834 (de Afscheiding) kan toch niet volhouden dat het een beweging is geweest tot op de dag van vandaag van grote broederlijke eenheid en verbondenheid? En is de achtergrond van al die verdeeldheid toch soms ook niet de kleingeestigheid en benepenheid van velen, juist ook onder hen die geacht werden en worden leiding te geven aan de gereformeerde beweging. Onlangs opperde dr. ir. J. van der Graaf op een IZB-studiedag over het proefschrift van dr. R. de Reuver de mogelijkheid dat 'het antikatholieke zelfs gegeven zou zijn met de gereformeerde confessie zelf'. Dus: de grote verdeeldheid (het antikatholieke) zou te maken hebben met de 'aanmerkelijke uitbreiding en verregaande precisering' in genoemde belijdenissen vergeleken bij de soberheid van de oorspronkelijke christelijke symbolen. Lijkt deze stellingname niet enigszins op wat Green bedoelt als hij spreekt over het je als gereformeerde gezindte laten gijzelen door tradities? Kun je je soms zo vandaag nog niet voelen ook binnen de hervormd-gereformeerde beweging: gegijzeld door menselijke inzettingen en regels waardoor de bloei van het geestelijk leven in onze gemeenten in sterke mate belemmerd wordt?
Interview dr. André Troost
In het Centraal Weekblad (25 maart 2005) stond een interview te lezen dat dr. Gert Marchal had met de bekende schrijverpredikant (Heusden) André Troost. Aan Troost, van huis uit vertrouwd met de kring van de Gereformeerde Bond, wordt gevraagd wat hij van huis uit heeft bewaard en wat dan het nieuwe is dat hij onderweg heeft ontdekt.
Ben ik geloofsmatig in de Bond gebleven? Wie het weet mag het zeggen. Ik heb nooit de neiging gehad mijn eigen nest te bevuilen, integendeel. Ik ben nog altijd zo blij als een kind met wat ik van huis uit meegekregen heb, aan respect voor het bevindelijke, authentieke, bijbelgebonden geloofsleven. Dat herkende ik overigens in de loop der jaren ook sterk bij Willem Barnard. Aanvankelijk hield ik hem alleen voor een briljante taalman, een woordspeler - maar later zag ik bij hem wat ik al eerder bij Ad den Besten had gezien. Letterlijk gezien: tranen in de ogen bij de opsomming van wat binnen de geloofswereld van de orthodoxie aan schoons te aanschouwen is. Dat ik gaandeweg mijn vleugels wijder heb uitgeslagen heeft vooral te maken met de overtuiging dat de Bond voor mij persoonlijk te weinig orthodox is. Orthodox is immers niet 'de rechte leer', maar letterlijk 'de rechte eer'. En die ervaar ik binnen de Bond in mij te nauwe perken. Die bange behoudzucht als het gaat om 'liturgie' ... Ik weet heel goed: ik veralgemeniseer, maar toch. Er zit zoveel angst binnen de Bond, zoveel benauwenis als het gaat om de ruimte van de lofprijzing. Buiten de zondagse diensten kan er van alles en nog wat. Mij vaak veel te veel! Maar in de dienst ... Dat wanhopige verzet tegen andere liederen dan de psalmen in de eredienst, het verzwijgen van de Naam van de Geliefde, onze Heer Jezus Christus, in het kerklied, het preek- en praatachtige karakter van veel gebeden in de kerkdienst - het is mij vaak te weinig stijlvol, te oneerbiedig, te weinig orthodox. Met name bij Barnard heb ik de hartstocht voor dat 'heilig spel' van de liturgie leren waarderen, zonder mij daar overigens nu zelf aan te buiten te gaan. Het draait in de eredienst toch niet alleen maar om de preek van de dominee, het gaat toch minstens óók en misschien wel vooral om de lofzang van Gods volk, waarop de Heilige troont?
Overigens heb ik van Barnard vooral geleerd dat het bijbelse getuigenis niet zozeer een vroom verslag van riten is - en dat gevoel kreeg ik toch wel mee in de kerkdiensten die ik als jongen meemaakte. Daar zou ik op den duur beslist op stukgelopen zijn! Maar de Bijbel is geen databank. De Bijbel is verzet, protest! De Bijbel gaat tekeer tegen de mythische machten. De Bijbel roept op tot bekering van oerheidense tendensen die zich in die mythen manifesteren. Dat maakt de verkondiging krachtiger, spannender ook, en altijd weer actueel.
Maar ik heb met dit alles geen enkele behoefte om weg te trappen wat ik aan spirituele warmte en verlangen naar Waarheid van huis uit heb meegekregen. Integendeel! Ik heb ongelofelijk veel te danken aan mensen die iets of veel met de Gereformeerde Bond te maken hadden. En nog altijd heb ik in die kring het gevoel in zeker opzicht 'thuis' te zijn, ook al ben ik dan heel erg 'vóór' allerlei dingen waar ik in dat huis eigenlijk 'tegen' zou moeten zijn.
Heb overigens geen medelijden: ik voel me overal thuis waar ik liefde proef voor wat je het grote Geheim zou kunnen noemen. Overal waar liefde en eerbied wonen, proef ik de zegen van de Eeuwige.
Misschien mag je dit antwoord een voorbeeld noemen van wat Green de gereformeerde theologie verwijt, waarbij Troost onverlet laat de grote waarde die het geestelijk klimaat heeft geworteld in de gereformeerde traditie. Het is mijn stellige overtuiging dat de geestelijke vernieuwing van gemeenten primair ontstaat vanuit een levende verkondiging in de kracht van de Geest. Daar hoort zeker ook het lied bij dat we in antwoord op de verkondiging zingen.
P.S. CV-Koers is de laatste tijd ook in de kiosken en bij veel boekhandels los verkrijgbaar.
De opmerkingen van dr.ir. J. van der Graaf zijn geciteerd uit de laatste aflevering van Kontekstueel, 19e jaargang nr. 4. Daarin staat de volledige tekst van zijn bijdrage getiteld Katholiciteit en pluraliteit. Een los nummer is te verkrijgen via e-mail: elsenjan.bette@filternet.nl
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 april 2005
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 april 2005
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's