J. Douma Genesis.
Prof. J. Douma:
Van Jozua tot Salomo;
Uitg.: Kok, Kampen; 112 resp. 128 blz.; € 10,00 per deeltje.
Het eerste deeltje in de serie Gaan in het spoor van het Oude Testament is gewijd aan het eerste bijbelboek, Genesis. Prof. Douma stelt dat het voor de hand ligt dat Genesis 1-3 fundamentele betekenis heeft voor de christelijke ethiek. Het gaat hier namelijk om de mens die in een goede verhouding tot God geplaatst wordt. De zondeval maakt hieraan echter een einde.
Op heldere en overtuigende wijze toont de auteur dat er in het begin nog geen aarde was, het is met andere woorden geen kwestie van orde in de chaos scheppen. Ook heeft er geen strijd plaatsgevonden tussen God en andere goden en machten om die aan Zich te onderwerpen. God schiep 'in den beginne' zonder 'tegenspelers'. 'Van niets kan gelden dat het een autonoom bestaan buiten God had of heeft' (12).
Als het gaat om de schepping van de mens waarbij God zegt: 'Laat Ons mensen maken ...', legt Douma geen verbinding met de drie-eenheid (18). Hij gaat er vanuit dat 'ons' hier slaat op God die door engelen omringd is of dat God hier bij Zichzelf te rade gaat. Het 'ons' wijst mijns inziens op grond van de tekst op een meervoud in God. Elke gedachte aan polytheïsme is bovendien als tegenargument aan Genesis 1 vreemd.
Prachtige dingen zegt Douma over het monogame huwelijk vanuit de scheppingsverhouding man-vrouw. Het is de moeite waard om deze en vele andere (ethische) kwesties die hij aan de orde stelt), te heroverwegen. Praktisch alle facetten in de theologie komen hier aan de orde. We eindigen met een woord van de schrijver: 'Om de zonde te overwinnen, is er een andere ingreep nodig dan een zondvloed. Het vergoten bloed van Jezus zal van iets beters spreken dan dat van Abel' (101). Aanbevolen.
In het derde deeltje (het tweede deel ontvingen we eerder ter recensie en is reeds besproken, red.), Van Jozua tot Salomo, laat de auteur ons meedenken over de oorlogen ter verkrijging van het land Kanaän onder Jozua. Deze materie is voor veel mensen aanleiding om te zeggen dat het oude Israël niet vies van bloedvergieten was. Heel mooi toont prof. Douma met kracht van redenen aan dat deze oorlogen niet op gelijke voet staan met wat wij vandaag 'genocide' plegen te noemen. Hij zegt: 'Wie met de oorlogen ter verovering van Kanaän ethisch onoverkomelijke moeite heeft, zal dat dan hebben met heel de openbaring omtrent Jahwe, die niet alleen het goede, maar ook het kwade over de mensen beschikt' (28). Terecht wijst Douma erop dat Israël in de praktijk geen oorlogszuchtige natie was. In dit eerste hoofdstuk biedt de auteur ons heel veel, juist ook als het gaat om de huidige discussie over Israël: volk, land en staat.
Hoofdstuk 2 gaat over het bijbelboek Richteren. De Richteren passeren een voor een de revue, waarbij voor de een, conform het bijbelboek, meer of minder aandacht is. Douma stelt op grond van commentaren en preken die hij onderzocht dat er op de inhoud van het bijbelboek Richteren kritiek geoefend wordt die vaak te ver gaat (51vv.). Op grond van wat ik las, val ik hem hierin bij met als argument dat we ook dit bijbelboek historisch in de toenmalige context moeten plaatsen. Het Oude Testament moeten we niet lezen door de bril van het Nieuwe Testament.
In hoofdstuk 3 spreekt prof. Douma over het bijbelboekje Ruth, waarbij het hem minder juist lijkt om bepaalde personen zoals Boaz bijvoorbeeld 'typen' van Christus te noemen (77vv). Douma wijst erop dat 'type' heel makkelijk kan samenvallen met 'instrument' (vgl. Jes. 45:1vv), zodat 'type' niets meer toevoegt. Ik begrijp zijn bezwaar, maar deel die niet. Angst is hier een slechte raadgever. Wie zou bijvoorbeeld in Jozef geen voorafschaduwing van Jezus Christus zien! Ook heb ik moeite wanneer Douma spreekt over een 'eenzijdige christocentrische uitleg' van Ruth. Ik meen dat de auteur dezelfde fout maakt als de valkuil waarvoor hij ons waarschuwt.
Zoals de auteur in zijn 'woord vooraf' stelt, is er voldoende aandacht voor ethische kwesties. In hoofdstuk 4 komen verschillende zaken aan de orde die onder deze noemer vallen: Sauls zelfdoding, Davids overspel en Salomo's polygamie. Van harte ter bestudering aanbevolen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 april 2005
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 april 2005
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's