De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Ons staan in de Protestantse Kerk

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ons staan in de Protestantse Kerk

INLEIDING JAARVERGADERING (I)

11 minuten leestijd

Het afgelopen jaar dacht het hoofdbestuur intensief na over onze kerkelijke positie en over onze verantwoordelijkheid. Graag spreken we daar ook met u over. Het wil een aanzet zijn. We zoeken naar mogelijkheden om het gesprek voort te zetten. Zes gedachten wil ik u voorleggen, als een voorzet.

1. Gebed
We kozen niet voor de Protestantse Kerk in Nederland. We hoopten dat de kerk er anders zou uitzien. Naar tekenen van reformatie, van herstel verlangden we. We konden het niet ontdekken in de aanvaarde kerkorde. De kerk die ons lief was, schiep onder andere ruimte voor het zegenen van andere relaties dan het huwelijk. We waren onthutst, teleurgesteld, verslagen. We protesteerden, we streden.
In onze gebeden legden we de ontwikkelingen in Gods hand. Juist omdat het gebed de meest ootmoedige houding is. In ons gebed raakten we de kerk kwijt aan de Heere. We vonden houvast in het diepe besef dat Christus het Hoofd van Zijn kerk is. Boven het instituut uit gaat toch de kerk (in de gemeenten) als lichaam van Christus?! Met dat zicht op de kerk nemen we ook in de Protestantse Kerk in Nederland onze plaats in. We geloven dat Christus de kerk ook in haar gebroken vorm door de tijd heen draagt.

Elia was ontmoedigd de dag na de gebeurtenissen op de Karmel. Hij koos voor de woestijn, voor de eenzaamheid. Maar, de Heere riep hem opnieuw. Wilt u de kerk dienen? Bidt dan voor haar.
Wilt u de kerk tot zegen zijn? Bidt dan voor haar.
Hebt u ernstige bezwaren tegen de Protestantse Kerk? Bidt dan voor haar. Hebt u de belijdenis lief? Laat deze liefde u brengen tot een aanhoudend gebed voor de kerk. Wat is er meer ootmoedig dan in uw gebeden de kerk mee te dragen.

2. Roeping
We worden opnieuw geoefend om te denken en te handelen vanuit de roeping, vanuit Gods verbond.We hebben geloofd op de plaats te moeten blijven waar we stonden: binnen de kerk. Maar, hoe zullen we dat doen? Eenvoudig is het niet. Wie zijn wij? Ook in onze gemeenten ziet het er veelal niet rooskleurig uit. Ons staan in de Nederlandse Hervormde Kerk lag voor ons verankerd in de roeping. Gods roeping om in de kerk te blijven. Door dit besef van roeping hebben onze ouders zich laten leiden. Daarin nemen we ook nu ons vertrekpunt.
Pragmatische redenen waren het toch niet? We geloven de kerk. We geloven dat de Heere hier samenwoont met zondaren. Daarom zijn we gebleven en niet uit motieven van gemakzucht. Dat besef moet ons nu ook leiden. Wat we over de kerk zeggen, tot de kerk zeggen, dat moeten we keer op keer toetsen aan onze roeping. Eigen aan de hervormd-gereformeerde visie op de kerk is zicht hebben op, geloof oefenen in de roeping waarmee we geroepen zijn. De kerk staat of valt met het verbond van God, met de trouw van God. Ook vandaag. Gods verbond is altijd eerder dan ons geloof of onze gehoorzaamheid.
Ons beroep op Gods verbond is geen automatisme. Het is een hartenkreet van vertwijfelde zielen, een gebed uit de diepte. Het is de enige grond waarop een kerk kan staan. Waarop wij in het midden van de kerk kunnen staan We bleven niet voor kerkgebouw of pastorie. We bleven, omdat de Heere zondaren zoekt, goddelozen rechtvaardigt. Omdat Hij ons midden in de schare roept met het evangelie van Zijn kruis. Het is ons een wondere eer dat Hij ons daar roept. Blijven binnen de kerk vraagt veel geloof. Laten we afzien van onszelf en onze mogelijkheden en alles van de Heere verwachten.

3. Kerkelijk denken
We zoeken het zicht op heel de kerk. We moeten ons wel eerlijk de vraag stellen in hoeverre ons zicht op heel de kerk de toets kan doorstaan. Wie weet zich aangetrokken tot de verscheurde, verdeelde kerk, waar we toe behoren? Er wordt voortdurend weer op een bittere manier over de kerk gesproken en geschreven. Dat gebeurt door mensen die een andere kerkelijke weg zijn gegaan. Dat gebeurt ook onder ons die zijn gebleven. Mijn vraag aan u is: 'Wordt dan de schuld aan de kerk nog echt beleefd?' Waar is dan het gebed voor heel de kerk, de bewogenheid voor 'het gruis van Sion?' Wie vanuit Gods roeping denkt, kan niet zeggen: 'Ik ben wel in de kerk, maar niet van de kerk.' Wie vanuit de roeping denkt, kan de kerk niet loslaten.
Daarom is het ontstaan van de Hersteld Hervormde Kerk ook zo droevig en eveneens een droeve vergissing. De kerk is niet gereformeerd, niet vernieuwd geworden. Er is slechts een deel uit de kerk weggegaan: Een groter deel is achtergebleven. Ook het lot en de weg van hen die zijn gegaan, gaat ons ter harte. Hoeveel keren klinkt in de profetenwoorden niet als in één adem: Juda en IsraëL Symbool daarvan is het altaar, dat Elia opricht op de Karmel: een altaar van twaalf stenen. Maar de gedachte dat de Nederlandse Hervormde Kerk zou worden voortgezet, blijkt onjuiste voorlichting te zijn geweest. Trieste dingen komen er uit voort. De rechter moet er aan te pas komen, keer op keer. Over gewetens en harten oordelen wij niet. Dat mag niet. Dat doet de Heere. De weg van hervormd-gereformeerden is dit in ieder geval nooit geweest. Die weg kunnen we ook nu niet gaan. Wie zou niet wenen? De positie van de Gereformeerde Bond kan geen andere zijn dan een kerkelijke positie. Daarmee stemmen we overeen met de belijdenis die wij liefhebben. In onze belijdenissen gaat het niet over een groep, een deel van de kerk. Het gaat het over heel de kerk, die de waarheid aangaande onze Heere Jezus Christus dient te belijden. De belijdenis denkt en spreekt kerkelijk. Daarom kunnen en willen hervormd-gereformeerden niet anders dan kerkelijk denken. Dat staat enorm onder de druk. Daar is de kerk ook debet aan. Haar getuigenis is zo zwak en vaak halfslachtig. Waarom niet gewoon - om een recent voorbeeld te geven - in een brief aan de paus beleden dat Jezus de enige Voorbidder is aan de rechterhand van de Vader.  Waarom niet gewoon hartstochtelijk en ronduit getuigd van Zijn volbrachte werk. Het is de tragedie van de kerk dat het niet gebeurt.
Maar laat dat ons kerkelijk besef niet uithollen. Het groepsdenken bedreigt ons en het verlamt ons. We zijn er niet om eigen posities veilig te stellen. We zijn er niet alleen voor gelijkgezinden. Laten we de gezindheid van de Meester, Die zorg had voor de scharen niet kwijt raken. Ik ben maar zo bang, broeders en zusters, dat er onder ons de kiemen worden gelegd

Op dinsdag 24 mei had de jaarvergadering van de Gereformeerde Bond plaats. Het hoofdbestuur wilde daar graag met de leden van onze vereniging in gesprek zijn over drie thema's. Ds. G.D. Kamphuis leidde het eerste onderwerp in Ons staan in de Protestantse Kerk in Nederland. Vandaag plaatsen we zijn bijdrage.

voor een volgende breuk. Laten we leren van de geschiedenis. Laten wij kerkelijk blijven denken. Binnen onze kerkenraden, binnen de classes, binnen onze hervormd-gereformeerde bonden. Hervormd-gereformeerde bonden zijn ontstaan binnen de kerk. Daar ligt hun doelstelling en hun roeping. 

4. Onbevangen en onbekrompen
Zijn er in de geschiedenis van de Gereformeerde Bond sporen van zegen aan te wijzen? Ja. Ik zeg dat verwonderd. Waar is die zegen zichtbaar? Waar kerkpolitiek de agenda vult? Nee, daar is nederlaag op nederlaag te bespeuren. Hoewel uit ons verlies ook winst geboren kan worden.
Waar zijn de sporen van zegen dan aan te wijzen?
Waar het getuigenis van Wet en Evangelie klinkt. Het getuigenis van het kruis. Waar we in de kerk staan en stonden in een diep doorleefd geloof, in de vreze des Heeren. Onbevangen en onbekrompen.
Waar we heel de gemeente en heel de kerk in het blikveld hebben.
Waar het geestelijk leven open bloeit, daar verbreiden en verdedigen we de waarheid op een levende en krachtige manier.
We hebben geen ander evangelie dan dat van Gods genade. Daarom is er geloof voor nodig om in de kerk te staan. Diep geworteld geloof in de genade en de trouw van de Heere. We staan in een verdeelde kerk met het Woord van onze Koning. Meer hebben we niet. De enige norm en bron van kerkelijke verkondiging en dienst is het Woord. Onze belijdenis leert ons hoe ons voorgeslacht dat Woord verstaan heeft en hoe wij het mogen verstaan in onze tijd. Daarmee durven we toch in de kerk te staan? Dat durft u toch? In de kracht van de Heere.
De ketterij holt de kerk van binnen uit. Zij heeft er geen wettige plaats. Zij is er altijd onrechtmatig. Want Christus heeft recht op heel Zijn kerk: pilaar en vastheid van de waarheid. De beste dienst die wij de kerk kunnen bewijzen, is getrouw het volle Woord van God te bewaren. Getrouw dat Woord preken en spreken. Toegesneden op de huidige tijd, de huidige leefwereld. Daar zou wel eens meer vrucht kunnen zijn dan u en ik nu durven denken. Al verdienen we het niet, de Heere gaat wel door met Zijn werk.

5. Genezing
Genezing van de kerk (daar verlangen we naar) kan alleen vrucht zijn van oprechte bekering. Bekering begint bij onszelf. Om zegenrijk en vruchtbaar in de kerk te staan, zullen we ook onze schuld eerlijk onder ogen moeten zien. Hoe heeft het zover kunnen komen dat diep in de boezem van de hervormd-gereformeerde beweging een scheuring kon ontstaan? Dat moeten we onszelf vragen. Daar moeten we mee klaar komen. We staan niet buiten die schuld. Dat geldt voor ons als bestuur, als vereniging, als hervormd-gereformeerden samen.
Hebben we te veel wind gezaaid? Zijn we de kerk te hard gevallen? Was de scherpte te weinig priesterlijk gekleurd? Hebben we een vuur ontstoken dat we niet meer konden doven? Sluimert diep in onze beweging toch een zaad van separatisme? En in hoeverre hebben we dat gevoed? Heeft het ook niet te maken met de diepe polarisatie die al jaren in onze beweging zit? Hoeveel kansels waren al niet gesloten? Waar we de diepte verliezen, daar verliezen we ook de breedte. Diepte en breedte gaan altijd samen. Laten we deze vragen niet uit de weg gaan.
Onze leer van de kerk vraagt in ieder geval om diepere doordenking. We voelden ons meer dan eens verheven boven anderen. We dachten de kerk te kunnen redden. Dan was de ootmoed weg. Anderen waren ziek. Dan kom je zomaar op het punt de ander heen te laten gaan, de kerk los te laten: letterlijk maar ook geestelijk. Hoe vaak hebben we wel van de kerk geprofiteerd, maar geen verantwoordelijkheid willen dragen. Onze concrete schuld is dat wij van het levende Woord van de Heere maar zo weinig een goed getuigenis geven. Daarom zijn ook onze gemeenten betrokken in de secularisatie die zich voltrekt. De kerkelijke strijd is een negatief signaal naar de jonge generatie. In Romeinen 3:12 wordt gezegd: 'allen zijn zij afgeweken, tezamen zijn ze onnut geworden'. Laten wij dat woordje 'zij' veranderen in 'wij' en ons altijd weer tot op de allerlaagste plaats voor God neerbuigen. Daar verliezen we alle pretenties.
Inleven en uitdragen van de schuld, onze kerkelijke schuld, zal de dienst van de verzoening verdiepen. Wij hebben in niets te roemen dan enkel in het kruis van Christus. Dat kan maar op de ene manier waarop we alle triomfantelijkheid voortdurend verliezen. Herstel kan wel van God afgesmeekt worden maar niet georganiseerd worden. Het is geen wanhoop om deze vragen onder ogen te zien. We hebben reden om te komen tot kerkelijke verootmoediging, een kerkelijke schuldbelijdenis, een krachtig gebed dat de Heere over ons opstaat. We bidden dat Hij ons geneest door de Geest, Die waarheid en eenheid schept.

6. Appèl
Alleen in de kracht van God, Die in onze zwakheid wordt volbracht, kunnen we iets realiseren van onze doelstelling: de verbreiding en verdediging van de waarheid in het geheel van de kerk. Dan zullen we onszelf en de kerk en de synode eerlijk de zonde voor moeten houden, maar wel in diepe verbondenheid, liefde, ootmoed en zelfkennis. Dan zal het er ook om gaan dat we positief de rijkdom van het Woord en het gereformeerd belijden inbrengen. Dat we die rijkdom zelf ook uitstralen. De inhoud ervan ontsluiten en ontvouwen.
Dat grijpt dieper dan zeggen: de Schrift en de belijdenis. Ik bedoel dat we geroepen zijn uit te dragen wat de Schrift ons leert, wat de belijdenis ons aanreikt als schatten uit de Schrift. Dat vraagt veel van ons. Dat vraagt een voortdurende doordenking van de diepten van de Schrift. Dat vraagt ook dat we dat vruchtbaar maken voor vandaag. Daarmee bedoel ik niet dat we inleveren op de rijkdom die de belijdenis ons aanreikt. Integendeel! Verbreiden staat nooit los van verdedigen. Verbreiden en verdedigen betekenen ook dat we dwaling afwijzing.

Ik doe een diep bewogen appèl op u allen, om - laat het vooral kritisch zijn - naast het hoofdbestuur te gaan staan, wanneer het zich laat leiden door deze roeping. Laten we niet gescheiden optrekken. Ik doe dat appèl op u ter wille van de kerk, ter wille van het evangelie van Jezus Christus, onze Heere.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 juni 2005

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Ons staan in de Protestantse Kerk

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 juni 2005

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's