De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Het begin van een overgangsstadium

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het begin van een overgangsstadium

PREDIKANTSVROUW ANNO 2005 [1]

6 minuten leestijd

Misschien voelen jullie, net als ik, een bepaalde kriebel bij deze vraag: Wat wordt er in 2005 van een predikantsvrouw verwacht? Daar heb je het weer. Dat is nu precies waar je bang voor bent. Een verwachtingspatroon. Je krijgt het gevoel dat je een bepaald harnas aangemeten krijgt en je wilt gewoon jezelf zijn. Kan dat dan niet als predikantsvrouw? Laat ik dan gelijk aan het begin zeggen: dat kan. Sterker: dat moet.
De vraag: Wat wordt er anno 2005 verwacht? geeft al aan dat er nu misschien iets anders verwacht wordt dan vroeger. Daarom kijken we eerst even terug. Zomaar wat indrukken.

100 jaar terug
Pakweg 100 jaar gelden was het pastorieleven totaal anders dan nu. Misschien hebben jullie het boek 30 jaren domineesche van mevr. M.J. de Vrijer-Struijs wel eens gelezen. Zo niet, echt een aanrader. Zij doet daarin verslag van het leven in de pastorie in dorp en stad in de periode 1906-1936. De taak van de predikantsvrouw in die tijd lijkt veel op die van een maatschappelijk werkster of diacones. Er was veel armoede en onkunde. De predikanten en hun vrouwen kwamen vaak uit de betere kringen. Dat wat ze aan kennis en praktische vaardigheden in huis hadden, wilden ze delen met hun gemeenteleden. Daar zat vaak een grote liefde en gedrevenheid achter. Gevoed door geloof.
Mevr. De Vrijer was druk met verpleegadviezen, soep koken voor zieken, bezoeken afleggen, maar ook ontfermde ze zich over totaal verwaarloosde oude mensen. Ze waste ze en gaf ze een schoon bed. Op de verenigingen was er naast het bijbelgedeelte veel praktisch onderwijs, als naai- en kookles, opvoedkunde en dergelijke. Het is misschien vergelijkbaar met het werk van een zendingsechtpaar in een ontwikkelingsgebied .

50 jaar terug
50 jaar geleden was de situatie al weer heel anders. Na de oorlog veranderde de maatschappij. Vanuit het maatschappelijk leven werd er meer aandacht besteed aan sociale voorzieningen en onderwijs. Dat hoefde niet meer alleen vanuit de kerk te gebeuren. Er was wel behoefte aan leiding. Veel predikantsvrouwen zagen een taak in het oprichten en leiden van vrouwen- en meisjesverenigingen of kregen die taak toebedeeld. Er werd vanuit gegaan dat een predikantsvrouw toch net iets meer van de Bijbel wist dan een ander en dat ze kon voorgaan in gebed.
Jonge domineesvrouwen in de eerste gemeente waren vaak erg eenzaam. Hun mannen waren altijd weg. 's Nachts werd er nog aan de preek gewerkt en op die enige avond dat ze samen waren, de zondagavond kwam er vaak een ouderling om de preek te bespreken, al of niet instemmend, 's Avonds werd in kleine plaatsjes de telefoon afgesloten. Ook werd er erg op je kleding en levensstijl gelet. In die tijd kwam je nog niet zo gemakkelijk voor jezelf op. Hulp in de pastorie was in die tijd nog vanzelfsprekend. Veel vrouwen gingen dan ook met hun man mee op pastoraal bezoek. De kinderen werden opgevangen door het meisje en het werk werd gedaan door de werkster. Toen na een aantal jaren de hulp in huis niet meer te betalen was, moesten predikantsvrouwen meer gaan nadenken wat ze wel en niet konden doen. Gezin en gemeente konden niet meer gecombineerd worden, zoals het vroeger kon. Er moesten keuzes worden gemaakt.

25 jaar terug
Ook 25 jaar geleden was je in een klein plaatsje nog echt 'mevrouw'. Als iemand zei: 'mevrouw is er ook', wist iedereen dat de predikantsvrouw werd bedoeld. In een grotere plaats of een stad was het al anders. In de kleinere dorpen werd er vaak nog vanuit gegaan dat je de vrouwenvereniging zou leiden. Vooral oudere gemeenteleden verwachtten nog dat je mee kwam op bezoek. Er kwam al wel meer begrip voor de gezinssituatie. Er waren anderen die aan verenigingen leiding gaven en er kwamen in veel gemeenten HVD's. De gemeenten werden onafhankelijker van het predikantsechtpaar. Veel taken werden door gemeenteleden vervuld. De representatieve taken bleven over.
De predikantsvrouwen hadden nog niet of nauwelijks een baan buitenshuis.

In 2001 hield drs. H.J. Oortgiesen een lezing voor predikantsvrouwen over de veranderende rol van de predikant en de predikantsvrouw in kerk en samenleving. Daarin haalt hij een artikel aan uit 1969 van mevr. Smalbrugge-Hack, toen predikantsvrouw, over de vraag of de predikantsvrouw in de kerk van de toekomst nog een functie heeft. Mevr. Smalbrugge zegt dan: 'In de kerk van de toekomst zal de predikantsvrouw geen aparte functie meer hebben. Zij zal weten dat zij mede-gemeentelid is. En als zodanig zal zij, zoals iedere getrouwde vrouw, rekening houden met haar gaven en talenten, met haar man en haar gezinsomstandigheden. Het is nog wat duister. Wij zijn pas in de beginfase van een overgangsstadium.' Volgens ds. Oortgiesen zitten we daar in 2001 (dertig jaar na dato) nog steeds middenin. Al ziet hij wel steeds meer predikantsvrouwen die met hun eigen opleiding wat willen blijven.

Dit voorjaar beiegde het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond een ontmoetingsdag voor studenten theologie die op latere leeftijd aan de studie begonnen en voor hun echtgenotes. De (toen nog Ridderkerkse, nu Hardinxveldse) domineesvrouw H.G. Schuurman-Hijmissen sprak over de vraag: Wat wordt er anno 2005 van een predikantsvrouw verwacht? Omdat het onderwerp ook van belang is voor anderen, plaatsen deze bijdrage in enkele afleveringen in ons blad.

RED. DE WAARHEIDSVRIEND

doen, ook in de meer traditionele hoeken van de kerk.

Niets, iets, alles
Terug naar de titel van de lezing. Wat wordt er in 2005 Van een predikantsvrouw verwacht? Bij zo'n vraag maakt het al veel uit wie het antwoord geeft. En als er een antwoord komt, volgt de vraag: kun je er aan voldoen? En ook: moet je er aan voldoen?

Laten we om te beginnen eens drie antwoorden op de vraag geven. 1. 'Niets'. 2. 'Iets'. 3. 'Alles'.

Niets.
In deze tijd merken we dat er eigenlijk niet echt iets verwacht wordt van een predikantsvrouw. We hebben de laatste tijd weer contact gehad met verschillende hoorcommissies en je merkt dat er niet iets speciaals wordt verwacht. Soms zeggen de mensen uit zichzelf dat er niet van mij verwacht, wordt dat ik de vrouwenvereniging zal leiden. Dit is wel verschillend. In het oosten van het land wordt er vaak meer verwacht dan in het westen. En in een dorp meer dan in een stad. Maar over het algemeen merk je, als je het aan gemeenteleden en kerkenraadsleden vraagt, dat ze niet iets speciaals van je verwachten. Maar 'niets' is natuurlijk erg weinig. Het komt meestal neer op iets en dat iets is dan betrokkenheid.

Iets. Als er iets van je verwacht wordt, is het dat je achter het werk van je man staat. En van harte meeleeft in de gemeente. Dat verwachtingspatroon leeft zowel bij de kerkenraden en gemeenten als bij je man.

Alles. Hierbij denk ik aan de eis van God. Hij vraagt van ons dat we Hem liefhebben boven alles en onze naaste als onszelf. Aan dat hoge verwachtingspatroon hebben we ook in 2005 als predikantsvrouw te voldoen. We willen nu eerst met elkaar nadenken over wat het inhoudt als de liefde je grondhouding is.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 juli 2005

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Het begin van een overgangsstadium

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 juli 2005

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's