De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Liturgie zegt veel over de gemeente

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Liturgie zegt veel over de gemeente

GODS LOF OP ONZE LIPPEN

8 minuten leestijd

'De liturgie die een kerk heeft en de wijze waarop zij ermee omgaat, zeg die kerk, haar karakter, wensen en verlangens'. Een uitspraak van de g vrijgemaakte musicoloog dr.Jan Smelik. Hij beseft dat de bezinning op he uan de eredienst in veel kerken plaatsheeft en dat deze bezinning vaak op e toon gevoerd wordt. Zijn nieuwste boek is daarom een aanwinst. In Gods lof lippen bundelt hij tien opstellen, waarin hij bijbelse en historische achtergronden voor de inrichting van de eredienst doorgeeft, met name het zingen. En kennisnem achtergronden zorgt dat besluiten op goede gronden genomen worden

r. Smelik schrijft met regelmaat in het vrijgemaakt-gereformeerde kerkblad De Reformatie over kerkmuziek en promoveerde ooit op een onderzoek naar het zingen van

stichtelijke liederen bij Nederlandse protestanten tussen 1866 en 1938. Ook was hij redacteur van Het kerklied. Een geschiedenis. Kortom, hij weet wat er onder ons kerkmuzikaal te koop is. En dat is in deze bundel ook te merken - reden waarom we er hier enige gedachten uit doorgeven, waarmee gemeenten in de bezinning op de liturgie winst kunnen boeken. t

Die bezinning is niet zo bijzonder, gezien het grote belang van de wekelijkse samenkomst van de gemeente. De eeuwen door heeft de kerk nagedacht over de inhoud van de eredienst en de vormgeving daarvan. Dat gebeurde op basis van gegevens uit het Woord, later ook luisterend naar stemmen uit de Reformatie, toen de rooms-katholieke mis op veel plaatsen overging in een gereformeerde eredienst. Maar dat heeft altijd plaats in rapport met de context, waarin de gemeente zich bevindt. Wie de afgelopen vakantieperiode kerkdiensten in het buitenland bijwoonde, zal de deels gelijke, deels andere invulling gebruiken om na te denken over hoe de eredienst in de eigen gemeente ingericht is. Bewustwording is van belang, evenals waardering van al het goede. g d N b g d m s E b 2 N t d d H h d l h

Gedachtenis stichten

Wat liturgie is - ik vermoed dat velen in de gemeente daarover niet vaak nadenken. Er zal onder de koffie over gesproken worden, als de organist een tempo aanhoudt dat niet het onze is of als de predikant de wet een keer in de avonddienst leest - afwijking van het vertrouwde verstoort wat veilig is - , maar wat we nu doen in de liturgie, daarover is minder gesprek. Wellicht dat hier het zich ook wreekt dat er niet veel hervormd-gereformeerde theologen verdere studie maken op het terrein van de liturgie. De theologische bezinning in het geheel van de Protestantse Kerk zou hiermee ook gediend kunnen zijn.

Smelik duidt de liturgie aan als 'het gedenken van Gods daden', zowel in de schepping als in de verlossing. Naar de schepping wordt al verwezen bij de eerste woorden die de voorganger spreekt: 'Onze hulp is in de Naam des Heeren, die hemel en aarde gemaakte heeft.' En de lezing van de wet staat in het kader van de uitleiding uit Egypte's slavendienst. Smelik verwijst bij zijn aanduiding naar Exodus 20: 24: 'Aan alle plaats, waar Ik voor Mijn Naam gedachtenis stichten zal, zal Ik tot u komen, en zal u zegenen.' Waar de gemeente Gods naam gedenkt, daar is Hijzelf aanwezig.

Hier ligt een belangrijke insteek voor het spreken over de eredienst, die daarmee geen bijeenkomst is van geijkdenkende mensen, maar die plaatseeft voor Gods aangezicht. Terecht zegt dr. Smelik dat gedenken van wat God in de geschiedenis van Israël en in de zending van Zijn Zoon deed, een actieve zaak is, die de gemeente in beweging zet, die om een antwoord vraagt. Daarin verschilt gedenken van herdenken. We roepen hierbij het woord van dr. Noordmans in herinnering, dat de liturgie op straat wordt voortgezet, in die zin dat het gedenken van Gods daden gevolgen heeft voor ons staan in de samenleving, voor onze houding in de wereld, voor de keu- t zen veel in over ons leven. Daarom zegt Smelik het ereformeerd- zo mooi: 'Liturgie is een manier t van karakter leven geworden. Heel ons leven is motionele liturgie, eredienst.' Hij noemt de kerk- op dienst de of de huisgodsdienstoefening hierin momenten van verdichting.

Godsbeeld

Uitermate leerzaam is ook het gedeelte waarin de auteur ingaat op de relatie tussen de liturgie in de eredienst en het godsbeeld dat mensen hebben. Het gaat immers om Gods spreken en ons antwoord, om Zijn Woord en ons gebed, om Zijn wet en onze boetvaardigheid en dankbaarheid. Verlangens op het terrein van de eredienst zeggen daarom veel hoe de gemeente tegen de Heere aankijkt. Als dr. Smelik dit aan de orde stelt, kan hij niet heen om de evangelische invloeden die er zijn binnen de kerken van de Reformatie - in sterke mate binnen de Gereformeerde Kerken Vrijgemaakt, waartoe hij behoort, maar evenzeer binnen hervormde gemeenten.

Over de evangelische beweging schrijft hij evenwichtig: respectvol én ook kritisch. Inzake hun samenkomsten noemt hij de laagdrempeligheid, spontaniteit en ongedwongenheid in de liturgie, wat zijn weerslag heeft op gevestigde protestantse gemeenten, waar de vraag klinkt of het informeler en alledaagser kan. De theologische onderbouwing wordt gevonden in de menswording van Christus, waar de Zoon van God ons alledaagse leven aannam. De dienstbaarheid van Christus zou de gemeente moeten brengen tot aanpassing aan de huidige cultuur. De gemeente wordt getypeerd als een huisgezin.

Smelik noemt die invalshoek te beperkt. Immers, God heeft Zich niet alleen geopenbaard als hemelse Vader, maar ook als Schepper, als de Allerhoogste, de Almachtige, de Heilige -karakteristieken die alle de kerkdienst naar inhoud, vorm en sfeer dienen te stempelen. En daarom zijn intimiteit en spontaniteit geen eenzijdige kenmerken van de oud- en nieuwtestamentische liturgie, maar gaat het ook om eerbied, gepaste afstand tot de Heere, Die een ontoegankelijk licht bewoont, om waardigheid. Immers, de eredienst is ontmoeting tussen Schepper en schepsel, tussen Verlosser en zondaar. Waar de gemeente samenkomt om God te aanbidden en Zijn aangezicht te zoeken, is de aantrekkelijkheid van de kerkdiensten voor buitenkerkelijken voor de auteur ondergeschikt.

Kerklied

Een apart hoofdstuk is in deze bundel aan het kerklied gewijd. Ook in hervormde kring een actueel en aangelegen thema. Zorg om jongeren bij de dienst te betrekken, kan zo doorschieten dat liederen gekozen worden die het Evangelie versimpelen, zowel wat de weerbarstigheid van het leven als de realiteit van zonde en genade betreft. In het blad Kontekstueel werd onlangs gesproken over 'verkleutering in de kerk'. Wel, de vraag mag gesteld worden aan welke eisen een kerklied moet voldoen.

Wie Gods daden gedenkt, zet Zijn Woord in het centrum. Daarom, zegt Smelik, moet een goed kerklied doordrenkt zijn van de Schriften. Een kerklied komt niet op uit de gelovige mens, maar uit het Woord van God. Het zijn niet de gevoelens en de geloofservaringen van de mens die bezongen worden, maar het is de inhoud van de Schrift, die op de lippen geno-. men wordt - waarin klacht en jubel, aanvechting en overgave van de gelovige overigens ook sterk aanwezig is. Smeliks kritische uitlatingen over 'theologisch uiterst oppervlakkige liedteksten die bestaan uit korte aanbiddingsteksten die vele malen achter elkaar herhaald worden', zijn op grond van de feiten moeilijk te weerleggen.

Psalmen en gezangen

In de diverse andere delen van Gods lof op de lippen komen we veel stof tot verdere bezinning tegen. Steeds weer zijn Gods Woord en de geschiedenis van de gereformeerde eredienst spiegels waarin wij kijken, als kinderen van de

tijd, levend in een belevingscultuur. Heeft Smelik geen gelijk, als hij schrijft dat we in onze diensten het psalmboek naar onze hand zetten door er sterk uit te selecteren? Waar eén gemeente kiest voor het gebruik van psalmen en enige gezangen - de auteur zelf vindt dit te beperkt, ondanks zijn grote liefde tot de psalmen -, moet ze dan wel het hele psalmboek zingen. Anders doet de voorganger niet anders dan zijn eigen gezangenboek samenstellen...

Terécht legt hij ook de vinger bij het feit dat in de Statenberijming van 1773 elementen uit een door de Verlichting gestempelde theologie zitten, dat de dwaalleer niet alleen door gezongen gebeden (dat zijn onze kerkliederen), maar ook door gesproken gebeden kan worden verspreid, dat niet-ritmisch zingen gebruik werd vanwege de onkunde en onmacht van de gemeente. Kortom, een kritische tegenstem voor wie de eredienst nog niet bewust vormgeeft.

Inzake de functie van het orgelspel heeft Smelik ook een punt ter overweging. Dit spel kan zeker dienen om het hart te richten op de komende dienst, om te 'onthaasten', om ontvankelijkheid te scheppen. Maar in welke gemeente dient dit spel niet als 'achtergrondmuziekje bij andere bezigheden, zoals het uitwisselen van nieuwtjes? ' Daarom: Het wordt tijd dat kerken een keuze maken: of stoppen met praten, of met orgelspelen voor de dienst.

Gastorganist

De kerk is er om Gods lof te zingen om ook de komende generaties bij dat koor te betrekken. Zowel de kwaliteit als de kwantiteit van die lofzang doen mee. De kerk heeft daarom de taak zorg te dragen voor een bundel met goede liederen die thuis en in de kerk gezongen kunnen worden. Dat betekent huiswerk voor allen die hierin verantwoordelijkheid dragen. Daarnaast mag de kerk zich inspannen om gemeenteleden te scholen, zodat ze de gemeentezang kunnen begeleiden. Daar is geen conservatorium voor nodig. Feit is wel dat het aantal orgelbespelers binnen de gereformeerde gezindte terug loopt. In (kleinere) gemeenten is soms vaker een gastorganist dan een gastpredikant. Ook daarin is het goed om tijdig beleid te ontwikkelen. We danken dr. Smelik voor de royale invulling van de agenda voor deze bezinning.

P. J. VERGUNST

N.a.v. dr. Jan Smelik Gods lof op de lippen. Aspecten van liturgie en kerkmuziek. Uitg. Boekencentrum, Zoetermeer; 205 blz.; € 17, 50.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 23 augustus 2005

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Liturgie zegt veel over de gemeente

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 23 augustus 2005

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's