Belijden in de branding
TOESPRAAK VAN DS. G. BOER JR.
'Hoop op God, ik zal Hem nog loven.'
Dat is de tekst die in de grafsteen is gebeiteld op het graf van mijn vader. Vijf jaren na zijn overlijden werd ook mijn moeder daar begraven. In de laatste weken van haar leven was zij sterk met deze tekst bezig, hun huwelijkstekst die voor beiden een grote betekenis had gekregen.
Toen wij als kinderen in Gouda merkten dat er bijna geen zondag voorbij ging zonder 'hoorders' uit vacante gemeenten in de kerk en, erger nog, na de kerk op de koffie, soms twee op een zondag, was dat niet tot ons genoegen en vroegen wij onze ouders om een verklaring voor deze aanslag op de zondagsrust in de familie. 'Zijn er dan zo weinig dominees?' vroeg ik mijn vader. Hij antwoordde eens: 'Jongen, er zijn mensen die denken dat de Heere God sommige van zijn dienaren wat verder uit de klei heeft getrokken dan anderen; dat denken ze maar, want dat is natuurlijk niet zo.'
Voor veel mensen was mijn vader een dienaar van het Woord, een voorganger met gezag. Voor ons in het gezin was hij dat ook: een toegewijde dienaar des Woords, dienaar van de kerk en een toegewijde en liefhebbende vader.
Geschonken gezag
Gezag zoals vader dat had, wordt niet veroverd, maar wordt toegekend, geschonken. Door bijzondere gaven aan hem geschonken, herkend en erkend door anderen. Hij was zich zeer bewust van het gevaar van zelfverheffing en ijdelheid voor zichzelf en allergisch voor zelfverheffing bij anderen. Humor, spot en vermaning waren zijn middelen om hiertegen te waarschuwen. Zijn ambities lagen in de bediening van het evangelie van de verzoening op een niet mis te verstane en aansprekende manier.
Het ego gekruisigd, gaven van verstand en hart in dienst van het evangelie. Vader was op latere leeftijd theologie gaan studeren, werd voortdurend ook gedreven door het besef dat verloren tijd ingehaald moest worden, voltooide zijn theologische studie in drie jaren tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Deze korte studie aan de universiteit werd de basis voor een studie van vooral exegese, kerkgeschiedenis, dogmatiek en ethiek, die hij niet meer zou verlaten. Hij studeerde dat de stukken eraf vlogen en de stapels boeken hem door het hele huis volgden.
Ontdekkend
Ook in theologisch denken en de wijze waarop dit zich in de kring van de Gereformeerde Bond ontwikkelde, werd hem gezag toegekend. Hij was iemand van vergezicht, over de kleine belangen van de groep en de korte termijn heen kijkend. Daarom was hij graag in gesprek. Scherp en kritisch wanneer het nodig was, dat wel. Soms zo scherp dat er vervreemding optrad, in zijn preken en geschriften komen de woorden 'scherp' en 'ontdekkend' opvallend veel voor. Ook met mensen uit totaal andere kerkelijke kringen, hoge dominees en anderen in de regerende elite van de toenmalige Nederlandse Hervormde Kerk, een nogal gesloten elite.
Hij gaf mede de stoot tot de oprichting van het COGG, het Contact Orgaan Gereformeerde Gezindte, in een tijd dat in de Gereformeerde Bond de zorgen over de ontwikkelingen in de Gereformeerde Kerken in Nederland steeds groter werden. Hij was geen voorstander van een gereformeerde-bondszuil in de kerk of een reformatorische zuil in de samenleving, maar zocht dialoog. Door zijn scherpe formulering van standpunten was er vaak meer tegenstelling dan verbinding.
De weg van het Woord
De bediening van het Woord in de breedte van de kerk vond hij belangrijker dan het denken in partijen en groepen, ook belangrijker dan de Gereformeerde Bond, die hem dierbaar was, wanneer zij dienstbaar zou zijn aan het versterken van het gereformeerde belijden in de Nederlandse Hervormde Kerk. Bondsdenken, partijleiderschap lustte hij niet. Zijn gezichtsuitdrukking sprak boekdelen, wanneer hij door anderen toch in deze rol werd geplaatst, zoals bij de viering van zijn 25-jarig ambtsjubileum, toen een ouderling uit een vorige gemeente hem uitvoerig prees, omdat hij in die gemeente 'de Gereformeerde Bond groot had gemaakt'. Vriendelijk maar dringend volgde in zijn antwoord de correctie: mijn roeping was om mensen te bewegen de naam van de Heere groot te maken, om de gemeente op te bouwen. Hij zal oordelen.
Verdrietig kon hij zijn wanneer in een 'wij en zij' de grote rijkdom van de volle verkondiging van het evangelie aan onze kant werd gezien en alle geestelijke armoede bij 'de anderen'.
Wij moeten het allen van genade hebben en allen dagelijks leren de weg van het Woord te gaan. Zelfgenoegzaamheid en vertrouwen in eigen kracht als het begin van de uitholling. Gereformeerd belijden is op zijn krachtigst in de branding.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 september 2005
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 september 2005
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's