Jan Smulders De
Dr. A. van de Beek: Hier beneden is het niet. Christelijke toekomstverwachting. Uitg. Meinema, Zoetermeer; 128 blz.; € 12,50.
Er verschijnen talrijke romans met het woord 'mysterie', 'geheim' of 'code' in de titel. Denk alleen maar aan de Da Vinci Code van Dan Brown. Evenzo allerlei pseudo-wetenschappelijke werken waarvan de auteurs menen een bepaald mysterie te kunnen ontrafelen. Tot deze categorie behoort het boek van Smulders.
Het mysterie dat hij wil doorgronden, is de Graal, die in vele gedaanten voorkomt: de kelk die Jezus gebruikte bij het laatste avondmaal en waarin Zijn bloed is opgevangen na Zijn kruisdood; een verborgen schat van de Katharen in Zuid-Frankrijk; de bloedlijn van Christus die getrouwd zou zijn met Maria Magdalena, met de Merovingers als afstammelingen; een bijzondere steen; een bron van hogere, geestelijke wijsheid; enzovoort.
Smulders meent ontdekt te hebben dat het mysterie van de Graal is terug te brengen tot geheimgehouden verhoudingen of afmetingen in de diverse kunsten. Basis is de zogenaamde Gulden Snede: een bepaalde verhouding die zowel in de natuur voorkomt en met de schepping gegeven is - bijvoorbeeld in de lengte van bladeren en in de onderlinge afstand van bladeren op een stengel - als in de cultuur (beeldhouwkunst, muziek, schilderkunst en architectuur, in meetkunde en natuurkunde). Die steeds terugkerende verhouding is: 1:10, 618. Ook het pentagram, de vijfpuntige ster, is tot de Gulden Snede terug te brengen.
Tot zover zijn de 'ontdekkingen' van de schrijver niet onjuist, al geeft hij in feite niets nieuws: het pentagram was reeds in de tijd van Pythagoras bekend en we wisten al lang dat bijvoorbeeld bouwwerken van de oude Grieken en bepaalde kunstwerken in de renaissance - van Da Vinci, Rembrandt, Dürer - berusten op een ingewikkeld lijnenspel met de Gulden Snede als grondslag.
Hier had Smulders beter kunnen stoppen. Maar hij gaat ongeremd verder. Hij trekt met passer en winkelhaak vanuit het pentagram (verborgen) lijnen, die hij 'Interieur' en 'Superieur' noemt, de afstand ertussen noemt hij IS en tweemaal IS relateert hij weer aan de omtrek van een cirkel. Dit noemt hij de Sleutel tot het verstaan van de bouw van onder andere tempels, piramiden en het Vaticaancomplex. Stoutmoedig maakt hij nog verdere sprongen: tweemaal IS levert ISIS op (!) - een Egyptische godin - , door letteromzetting vinden we in de naam 'Poussini ook ISIS terug, de jaartallen 1681 en 1861 zijn heel bijzonder omdat ze bij omzetting de verhouding van de Gulden Snede (1:0, 618) zichtbaar maken, kortom allerlei gegoochel met getallen, letters en namen.
En die zogenaamde Sleutel is in zijn ogen de 'ware Graal'. De genoemde afmetingen zijn, zo meent hij, bewust verborgen gehouden door ingewijden: architecten, bouwmeesters, schilders en allerlei geheime genootschappen van geestelijken en vrijmetselaars. En dit verklaart het tweede deel van de titel: 'de valse hoeders'. Hij gebruikt voor die vermeende verhulling nogal krachtige termen: 'misdaad', 'chantage', 'complot'. De verbanden die Smulders in zijn boek legt, doen je als lezer duizelen. Het wemelt van uitspraken die niet onderbouwd worden, die berusten op vermoedens of fantasiesprongen. Aan formuleringen als 'mijn idee', 'mijn vermoeden', 'mijn interpretatie' koppelt hij stellige uitspraken. En zonder het blijkbaar te beseffen ondermijnt de auteur zijn hele betoog als hij over zijn 'vondsten' opmerkt: 'Sceptisch ben ik ook nu nog ...' (p. 109).
Het boek De Ware Graal is het product van een goedwillende amateur die zichzelf een 'hobbyist' noemt en 'gelooft' in zijn ontdekkingen. Het amateuristische blijkt ook uit de vormgeving van het boek. Verwijzingen binnen het boek naar pagina's of afbeeldingen kloppen niet (p. 59; p.186). Het wemelt van spelling- en stijlfouten, zoals: zijn ... verhuist (p. 197), belande op straat (p. 262), is ... uit de school geklapt (p. 178), (hem) is het lot beschoren gebleven (p. 262).
De schrijver heeft ook geen idee van het juiste taalregister. Zo schept hij een merkwaardig vertrouwelijk sfeertje door de lezers herhaaldelijk met 'jullie' aan te spreken: 'dat zal jullie duidelijk zijn', et cetera. En in een informatief boek passen zeker geen woorden en uitdrukkingen als je 'moerstaal', 'gejat', er 'geen moer' van geloven. Mijn conclusie moge duidelijk zijn. Het mysterie van de Graal - vele wilde verhalen doen daarover de ronde - heeft Smulders niet opgelost. Het zal mijns inziens ook onoplosbaar blijven. De vermelding Wereldprimeur op de vooromslag - je moet maar durven! - wekt verwachtingen die niet kunnen worden waargemaakt.
De titel van de onlangs verschenen publicatie van prof.dr. A. van de Beek - Hier beneden is het niet , is veelzeggend. En de omslag van het boek is dat ook: een fresco voorstellende de verdrijving van Adam en Eva uit het aardse paradijs in een kerk te Florence (vijftiende eeuw). In feite wordt de lezer van dit boek aanhoudend geconfronteerd met het lijden van de mensheid sinds Genesis 3.
De theologie van Van de Beek is geen theologie van de bevrijding of van een krampachtige maatschappij-kritische theologie die de structuren van de maatschappij zoekt te verbeteren. Die hebben immers aan het lijden in de wereld nooit iets wezenlijks kunnen veranderen. Maar moeten wij ons dan maar bij de feiten neerleggen in een theologie van geborgenheid (straks komt alles goed) of in een theologie van het oordeel, waarin alle hoop is vergaan? Wat is de inhoud van de christelijke toekomstverwachting?
Van de Beek voert in zijn studie een vurig pleidooi voor een toekomstverwachting volgens de totale geloofsstructuur van de Schrift, die we vooral in het Oude Testament tegenkomen. De Dag des Heeren is aanstaande. God zal de rechtvaardigen vergelden. Het lijkt wel, alsof God nooit werkelijk in de geschiedenis ingreep. Maar - aldus Van de Beek - het antwoord van het Nieuwe Testament is verrassend: God heeft al ingegrepen. Hij is gekomen. In Christus Jezus, de gekruisigde Koning, de Man van smarten in Wie God recht doet op de aarde, door al het lijden van de rechtvaardigen op Zich te nemen. In deze Gekruisigde is de wereld definitief veroordeeld en er is geen hoop op verbetering. Maar in Hem mag het ook gelden dat alles, alles is gedaan. Dit is Gods eindconclusie over de wereld. Hier openbaart Zich Gods gerechtigheid in de geschiedenis van de mensheid.
Christenen zijn mensen die in deze Christus hun identiteit hebben gekregen. Zij zijn vreemdelingen op de aarde, hier niet thuis, met Hem in de hemel. Helaas, 'de meeste kerkmensen zijn schijngelovigen; er zijn maar een paar uitzonderingen'. Maar wie een ware gelovige is, zal de wereld een beetje bewoonbaar maken. Hij is - reeds als kind - gedoopt en hoeft zich dus niet meer af te vragen, of hij wel een kind van God is.
Het gaat dan ook niet om prestatie, maar om oriëntatie op Christus in een houding van liefde en trouw, gehoorzaamheid en overgave. Laten wij maar gedurig blijven denken aan onze dood (Ireneüs) en intussen hopen op de opstanding van het lichaam. Want de God van het Oude Testament, de God van Israël zal recht doen. Het schip van de schepping wordt niet gesloopt, maar gerestaureerd (Tertullianus). Daarbij mag de gelovige ook weten dat 'zijn diepste identiteit' (zijn ziel; ook als zijn lichaam is gedood) bewaard zal zijn bij God. Gerechtigheid houdt echter ook in dat God ten gerichte komt. En dan is het lidmaatschap van een kerk alleen niet voldoende.
'De scheiding van het oordeel gaat dwars door de kerk heen.' Ook al zijn preken over hel en verdoemenis vandaag niet 'in', laat ons wel bedenken dat de hel een realiteit is (niet leeg, zoals H. Berkhof opperde). Er is ook een opstanding tot eeuwig afgrijzen. God kan geducht toornen op Zijn vijanden (zie o.a. Ps.137). Dat alles mag niet verzwegen worden, ook al kunnen moderne mensen zich daarbij niet zoveel meer voorstellen. Kortom, 'het geloof belijdt, dat God recht doet ... Daarmee staat of valt het christelijk geloof.' En dat in weerwil van het feit dat God in Auschwitz niet heeft ingegrepen. 'God heeft Zijn oordeel uitgesproken over Jezus in wie Hij zelf in ons midden is gekomen.' En christen-zijn betekent in dit perspectief: 'Gods oordeel aanvaarden en met Christus sterven. Het is aanvaarden dat we verloren, onrechtvaardige mensen zijn.' En zo mag dan toch de geschiedenis van de wereld eindigen met de maaltijd van de bruiloft van het Lam, de tegenpool van de maaltijd van de gieren. Die maaltijd van het Lam vieren we nu reeds in de verborgenheid van het kruis. Wij weten dat de Gekruisigde is opgestaan.
Ziedaar een kort resumé van de onlangs verschenen publicatie van prof. Van de Beek. Ik vond het een indrukwekkend boek, dat ik ademloos uitlas. Hier een theologie van het kruis die een verademing is voor het geloof in de gerechtigheid van God in de Gekruisigde. Van de Beek heeft hierin stellig klassieke lijnen doorgetrokken van de vroege kerkvaders (vaak geciteerd).
Toch meen ik dat Van de Beek niet vrij is van 'Christomonisme' (à la K. Barth). Alles staat op één noemer: de Gekruisigde. Die waarheid wordt ons 'aangezegd'. Maar intussen blijft er bij Van de Beek weinig ruimte over voor de legitieme en vandaag nog steeds relevante vraag: Hoe ben ik rechtvaardig voor God? Het antwoord op deze vraag gaat immers nog steeds niet buiten 'de oprichting van het recht van God in het hart van de zondaar' om (zo ook A.A. van Ruler). Vgl. Mattheus 7:3vv. En ten slotte: Als het hier beneden niet is, dan houdt het geloof in Christus niet alleen hoop op de opstanding van het lichaam in, maar ook de troost dat mijn ziel na dit leven van stonde aan tot Christus, haar Hoofd, zal opgenomen worden' (Heid. Cat. zondag 22). Dat is net iets meer dan een zogenaamde 'diepste identiteit' van de gelovige die na zijn sterven bewaard blijft bij God, zoals Van de Beek schrijft. (Vgl. Joh.14 : 2; 2 Kor. 5:1vv; Fil. 1:20vv)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 september 2005
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 september 2005
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's