De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De tekst voor de preek is...

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De tekst voor de preek is...

PREEKBIJBEL VEEL DUNNER DAN GEWONE BlJBEL

7 minuten leestijd

Welke bijbelgedeelten en bijbelteksten worden regelmatig gekozen om uit te preken? En welke hoofdstukken uit de Bijbel komen niet of nauwelijks aan de orde? Is de 'Preek-Bijbel' dunner dan de werkelijke Bijbel? Vanuit mijn luisterervaringen en preekervaring heb ik het idee dat er een bepaalde eenzijdigheid is in de vrije preektekstkeuze.

In het kader van de afronding van de kerkelijke opleiding vanwege de Protestantse Kerk te Utrecht heb ik een onderzoek verricht naar de praktijk van de vrije preektekstkeuze. Na een kort historisch en theoretische benadering van het vraagstuk van de vrije tekstkeuze heb ik de gegevens geanalyseerd welke preekteksten werden gekozen in ruim 1500 erediensten binnen één gemeente over een periode van 25 jaar. In dit artikel wordt dit onderzoek samengevat.

Situatie
In de praktijk van de preektekstkeuze is een belangrijke en omvangrijke traditie die zich laat leiden door zogenaamde leesroosters die voor iedere zondag een bepaald bijbelgedeelte (of meerdere gedeelten) voorschrijven. In een andere belangrijke traditie binnen de Nederlandse kerken is de keuze voor het te bepreken gedeelte geheel vrij en wordt die keuze aan de voorganger overgelaten.
Oorspronkelijk was er ook nog het gebruik om te beginnen bij Genesis en door te lezen tot Openbaring om dan opnieuw te beginnen (o.a. door Calvijn). Deze vorm komt niet of nauwelijks meer voor, wel komt het nog voor dat er een bepaalde periode achtereen uit één bijbelboek wordt gelezen. De verschillende principes worden ook regelmatig gecombineerd.

Rooster of vrijheid?
Er is nogal eens discussie over verschillende aspecten van enerzijds de lezing volgens een rooster en anderzijds het principe van de vrije preektekstkeuze. De discussie spitst zich toe op de rol van de Heilige Geest bij de preektekstkeuze.
Perkt een rooster de vrijheid van de Geest niet te veel in, omdat slechts door die voorgeschreven tekst gesproken kan worden? Daar wordt echter tegenin gebracht dat bij het volgen van een rooster juist de Geest, door de kerk der eeuwen, in het spreken voorop gaat door een tekst 'op te leggen'! De voorganger moet zich door die tekst laten gezeggen en niet zelf eerst een voorselectie maken naar eigen inzicht. Bij de vrije preektekstkeuze kan dit laatste wellicht sterker het geval zijn.
In de gereformeerde traditie is vrijwel exclusief gekozen voor de vrije preektekstkeuze, vanuit een afwijzen van een (te rigide) voorselectie. Daarin speelt ook de overtuiging mee dat een tekst pas als preektekst kan dienen, wanneer de voorganger zelf in een bepaalde tekst of passage de Stem van God heeft gehoord. Vanuit een persoonlijke aanspraak door God kan vervolgens vanuit een persoonlijke bevinding het Woord van God uitgelegd en toegepast worden. We geloven dat het de Geest van God Zelf is die in de grazige weiden van het Woord leidt en van daaruit Zelf tot de gemeente spreekt (Openb. 2:7).

Geest en verstand
De tekstkeuze is allereerst een zaak van Gods Geest. Volgens de gereformeerde homileet Hoekstra (Gereformeerde Homiletiek, 1973) zal een voorganger die persoonlijk met vaste regelmaat de Schrift gestructureerd bestudeert, telkens op zijn weg een tekst ontmoeten, die hem dermate aangrijpt dat hij zich gedrongen voelt om er uit te prediken.
Naast dit geestelijke aspect werkt ook het menselijk verstand ten volle mee in de tekstkeuze. Dit maakt de keuze tot een verantwoordelijke zaak, waarbij geen sprake mag zijn van willekeur of van totale afhankelijkheid van de persoonlijke voorkeuren van de voorganger. Omdat ook het verstand een rol speelt bij de keuze van de preektekst, kan de praktijk van de vrije preektekstkeuze ook onderzocht worden.

Onderzoek naar de feiten
Als bron voor dit onderzoek dienden de gegevens van de preekbeurten die verzorgd zijn in een middelgrote gemeente van hervormd-gereformeerde signatuur in het midden van het land. De vergelijking is uitgestrekt over een periode van 25 jaar en richt zich slechts op de morgendiensten, aangevuld met eventuele doordeweekse diensten en de diensten op bijvoorbeeld tweede feestdagen. De diensten van zondagavond zijn buiten beschouwing gelaten.
De gehele Bijbel (Statenvertaling) bevat 1189 hoofdstukken. De 1526 onderzochte lezingen bleken afkomstig te zijn uit 38,8% van de hoofdstukken in de Bijbel, 728 hoofdstukken werden geheel niet zijn gelezen! De keuze van de gelezen hoofdstukken was vrij eenzijdig. Veel hoofdstukken (84%) bleven ongelezen of bijna ongelezen (minder dan 3x in 25 jaar tijd!).
Wanneer het totaal van 1526 lezingen wordt bekeken, dan ziet het er in diagram als volgt uit:

Witte en zwarte vlekken
De zwaartepunten in de Bijbel lagen bij de vijftien bijbelboeken die helemaal of waaruit veel is gelezen (meer dan 90% van de hoofdstukken). Dit zijn: Genesis, Ruth, Psalmen, Jesaja, Mattheüs, Markus, Lukas, Handelingen, Romeinen, Efeze, Filippenzen, Hebreeën, 1 Petrus, 1 Johannes en Openbaring.
De witte vlekken in de Bijbel lagen bij negen bijbelboeken waaruit geen enkele keer werd gelezen: 1 Kronieken, Amos, Obadja, Nahum, Habakuk, Zefanja, 2 Thessalonicenzen, Filemon en 3 Johannes.
Naast de kernhoofdstukken rond het kerkelijk jaar blijkt een aantal hoofdstukken opvallend veel aandacht te krijgen: Psalm 84, Mattheüs 5, 11 en 25, Markus 10, Lukas 15 en 18, Johannes 14, Handelingen 9, Romeinen 8, 1 Korinthe 15 en Hebreeën 11.

Feitelijke conclusies
Uit dit onderzoek blijkt dat de 'preekbijbel' veel dunner is dan de 'gewone' Bijbel. Bij 1526 lezingen kwam slechts 38,8% van de bijbelhoofdstukken aan bod. Grote delen van de Bijbel werden niet of nauwelijks behandeld. Sommige passages zijn niet of minder geschikt voor een zondagse prediking, maar geldt dat voor alle 728 hoofdstukken waaruit niet werd gelezen? De verhouding lijkt niet geheel in evenwicht te zijn.
Uit het onderzoek kwam ook als resultaat een lijst van 92 hoofdstukken, waaruit in het totaal 861 keer werd gelezen. Deze 92 hoofdstukken (7,7%) dragen zorg voor 56,4% van alle lezingen! Zie voor deze lijst: www.preektekstkeuze.nl.

En verder
Wanneer dit onderzoek uitgebreid zou kunnen worden tot bijvoorbeeld een database van zo'n 10.000 lezingen binnen hervormd-gereformeerde gemeenten, kan op die manier nader gekeken worden of er daadwerkelijk sprake is van zwarte en witte vlekken bij de keuze van de Schriftlezingen in de erediensten. Op basis van deze gegevens zou het wellicht mogelijk zijn om te komen tot een opsomming van bijbelpassages die een bijzondere relevantie blijken te bezitten. Anderzijds zou kritisch de vraag gesteld moeten worden of de 'witte vlekken' mogelijke (theologische/homiletische) zorgpunten rond de prediking blootleggen, omdat sommige zaken/thema's onderbelicht blijven.
Verder kunnen deze resultaten gebruikt worden als richtsnoer om te bepalen wat er bijvoorbeeld bij de catechese of bij verenigings- en kringwerk aan de orde gesteld kan worden. Moeten dat de bekende en belangrijke gedeelten zijn, of juist de minder bekende gedeelten? De gegevens zouden ook kunnen dienen als bron voor suggesties voor preekteksten, ook rond bijzondere diensten.

Blijvend aandacht geven
Het is belangrijk dat de preektekstkeuze een gewetensvolle afweging blijft! De keuze van de preektekst is een zaak die onder aanroeping van de leiding van de Heilige Geest voor Gods aangezicht moet geschieden. Het verstand wordt daarbij niet uit-, maar juist ingeschakeld.
Ten dienste van deze verantwoordelijke rol breng ik tot slot vanuit de literatuur een aantal aandachtspunten naar voren die bij de preektekstkeuze relevant zijn:

1. Een voorganger moet letten op het moment van het kerkelijk jaar.
2. De verschillende kernen van het bijbelse getuigenis moeten op een gestructureerde manier aan bod komen.
3. De predikant dient zich bewust te zijn van zijn persoonlijke voorkeuren en mogelijkheden.
4. De voorganger moet rekening houden met de plaatselijke pastorale actualiteit van de beoogde gemeente. Daarom dient de voorganger alert te zijn op de pastorale nood van de gemeente en de geestelijke vragen die er leven.
5. Het kan zeer zinvol zijn om als predikant regelmatig met het consistorie of met de kerkenraad te spreken, juist ook over de preektekstkeuze.
Ten diepste kan een verantwoorde keuze alleen gemaakt worden door een persoonlijk verstaan van de woorden van de Schrift. De keuze van een Schriftgedeelte voor de eredienst met en voor de gemeente zal moeten geschieden in de bedding van persoonlijk lezen en mediteren. Zo kan de eer van God worden gediend en mag de gemeente worden gevoed en gebouwd. Vanuit Sola Scriptura en Tota Scripture tot het Soli Deo Gloria!

Voor geïnteresseerden is nadere informatie te vinden op unvw.preektekstkeuze.nl. Ook zijn daar meer feitelijke gegevens en uitgebreidere tabellen te vinden, bijvoorbeeld met informatie per bijbelboek.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 september 2005

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

De tekst voor de preek is...

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 september 2005

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's