Uit de pers
Eindtijddenken
Eerder dit jaar verscheen van het Kwartaalblad voor evangelische theologische bezinning Soteria (22e jaargang, nummer 2, 2005) een themanummer over Eschatologie. Zoals altijd zijn de afleveringen van dit tijdschrift de moeite van. het lezen en bestuderen waard. Ook in dit nummer wordt de lezer ruimschoots bedeeld met informatie over het thema.
Prof. Olaf H. de Vries opent met een exegetische verkenning over de gelijkenis van het onkruid tussen de tarwe.
Dr. Eveline van Staalduinen zet helder de verschillen op een rij tussen eschatologie, profetie en apocalyptiek om vanuit het Oude Testament te laten zien waar het ten diepste in de profetie om gaat.
Dr. J. Hoek levert een bijdrage onder de titel Continuïteit en discontinuïteit in het eschaton.
En mevr. Nelly van Kampen-Boot laat zien hoe de eschatologie tot zending motiveert.
Drs. Gijs van den Brink deelt met de lezer zijn geboeid zijn door Jürgen Moltmann, die een sterk accent in zijn eschatologie legde op het chiliastisch aspect ervan.
Waar het mij in dit persoverzicht om gaat, is de bijdrage van drs. Jart Voortman die schrijft onder het opschrift: Vijf voor twaalf. En dan vooral om wat hij laat zien als de politieke en ethische consequenties van een apocalyptische eindtijdverwachting. Wat mij trof en boeide in zijn bijdrage is zijn stelling dat 'er geen onderwerp in het geloof is dat zo sterk te maken heeft met politiek en onze opstelling in de maatschappij als het eindtijddenken'. Dit denken vindt in de Verenigde Staten brede aanhang.
Voortman toont dat aan aan de hand van de ook in ons land druk gelezen schrijver Tim LaHaye. Hij wordt gerekend tot een van de meest invloedrijke evangelische auteurs. De laatste jaren schrijft hij bijna uitsluitend over de eindtijd. Van de ook in ons land bekende serie De Laatste Bazuin zijn er wereldwijd zestig miljoen exemplaren verkocht. Voortman heeft ernstige kritiek op de manier waarop hier met bijbelse profetieën wordt omgegaan. Volgens hem doe je die profetieën ernstig tekort als je ze leest als voorspellingen over de toekomst. 'De diepste kern van profetie is toch echt: een oproep om terug te keren naar de levende God, verbonden met een dringende analyse van wat er mis is in deze tijd.'
Een ander probleem bij Tim LaHaye is, aldus Voortman, 'dat hij de oorspronkelijke bedoeling van de bijbelse profetieën negeert. Hij kan herhaaldelijk zeggen dat je de Bijbel letterlijk moet nemen, maar bij dat serieus nemen van de Bijbel hoort ook: verklaren vanuit de oorspronkelijke bedoeling. LaHaye slaat echter ongegeneerd 2500 jaar over om direct in de actualiteit zich af te vragen hoe profetieën in vervulling gaan.' Voortman geeft daar dan enkele voorbeelden van.
Doemdenken
De brede aandacht voor een reeks als De Laatste Bazuin onder christenen heeft, vermoed ik, vooral te maken met de schijn van bijbelgetrouwheid die deze boeken hebben. In een tijd waarin veel zekerheden wankelen, juist ook als het gaat om de interpretatie van de Bijbel, lijkt het veilig boeken te lezen die pretenderen de Bijbel gewoon te laten zeggen wat er staat. Veel mensen leven ook in angst en onzekerheid: wat hangt ons boven het hoofd, vooral ook als je die bijbelgedeelten leest die over de toekomst gaan. Helaas schijnen nogal wat christenen de wereld te hebben prijsgegeven en zich te hebben teruggetrokken op het heil van de eigen ziel. Ik citeer Voortman:
In het eindtijddenken gaat men ervan uit dat alles in de wereld naar de ondergang gaat. In feite is dit een net zo fataal gedachtegoed als de Verelendungstheorie in het marxisme: de gedachte dat voor de komst van de klassenloze maatschappij eerst alles goed in het honderd moet lopen. Aan het begin van de vorige eeuw was de fïlosofie: door te vernietigen bouwen we aan een betere toekomst. We weten tot wat voor catastrofes dit revolutionaire denken heeft geleid. Het eindtijddenken is met hele andere uitgangspunten evenzeer een radicale en revolutionaire Verelendungstheorie. Bij eindtijdgelovigen vind je geen ijveraars voor een beter milieu, geen mensen die bezorgd zijn over de mensenrechtensituatie in de wereld en daaraan wat willen doen, geen voorvechters voor betere wereldhandelsverhoudingen, enzovoort. Integendeel, men ziet de wereld als een schouwtoneel, waarvan de slechte afloop al van tevoren vaststaat. De enige boodschap die men heeft is: kom in de reddingsboot waar wij ook in zitten. De belangrijkste elementen van het eindtijddenken zijn angst en escapisme.
Voortman citeert dan in het Engels een collega van LaHaye als hij zegt: De Bijbel leert ons dat alles bestemd is om almaar slechter te worden. Daarom heeft het absoluut geen zin je druk te maken om maatschappelijke verbetering en verandering. Het beste wat we kunnen doen is te proberen nog wat meer mensen aan boord van de reddingsark te krijgen voor Jezus terugkomt.
Eindtijdhorror?
Hoe moeten we dan de bijbelgedeelten over de toekomst verstaan, het boek Openbaring bijvoorbeeld?
Wat betekenen in het boek Openbaring die zegels die geopend worden, die bazuinen die klinken, die schalen waardoor er plagen over de aarde worden uitgestort? Het lijkt wel of de uittocht uit Egypte wordt overgedaan! In de wisseling van panorama's is echter de boodschap eenvoudig: jullie hebben het moeilijk, het wordt nog moeilijker, maar als je volhoudt dan zal God je laten delen in de heerlijkheden die in dit boek beschreven staan. Jezus spreekt met zijn leerlingen over de haat die zij zullen ondervinden en de verdeeldheid in hun eigen families. Dat is de achtergrond van de teksten over de opname (Matth. 10:32, 36; 24:40, 41). Het gaat in deze teksten dus niet om 'eindtijdhorror', maar om een bemoediging in tijden van verdrukking. En het lijkt wel: hoe groter de druk, des te sterker de verwachting van het nabije einde. Jakobus zegt: 'Het zijn de laatste dagen'. Ja, want het onrecht op aarde is tenhemelschreiend (Jak. 5:3, 4). Ezechiël spreekt over de Dag die nabij is. De morele verloedering maakt de wereld namelijk onleefbaar (Ez. 7). In het boek Openbaring belooft Jezus:Ik kom spoedig' als antwoord op de vraag: 'Hoe lang moet dit nog duren?' (Openb. 6:10; 22:20).
Schrijvers als LaHaye en Jenkins gaan ervan uit dat alle profetieën eens hier op aarde vervuld zullen worden.
Dat is, aldus Voortman, ook de achtergrond van de grote constructies die ze bedenken. In een voetnoot meldt hij hoe ze in De Laatste Bazuin het hoofdkwartier van de VN naar Bagdad laten verhuizen om de profetieën over Babel in vervulling te doen gaan. 'Maar is het zo dat alle profetieën nog een keer uit moeten komen in de geschiedenis? Het visioen dat Ezechiël had van de nieuwe tempel is nooit vervuld (Ez. 40 e.v.). Babylon is gevallen zoals aangekondigd, maar het was niet het einde van de wereld (Jes. 13).
En zo noemt Voortman nog een aantal voorbeelden.
Profetie is geen voorspelling van de toekomst. Het is niet een vorm van magie. Mensen willen zekerheid en laten kaarten voor zich leggen, of ze verdiepen zich in astrologie of ze gaan op de kermis naar de waarzegger. Het zijn allemaal heidense gebruiken. Bij de profeten zijn de uitspraken over de toekomst eigenlijk niet meer dan projecties op het scherm van de toekomst. En het sjabloon dat ervoor gebruikt wordt dat is ons eigen leven. Profeten tonen de consequenties van onze levensinstelling. Als we God loslaten dan kunnen we rampen verwachten. Wie tot Hem terugkeert, zal - hoe dan ook - delen in de zegen. Profetie is dus dynamisch, of als ik een eigentijds woord mag gebruiken: interactief. De reactie van de mensen bepaalt de uiteindelijke uitkomst. Apocalyptiek is natuurlijk een apart genre, maar de grondregels voor de uitleg zijn wat mij betreft dezelfde als bij de profeten.
Het is dus niet houdbaar om te stellen dat belangrijke gebeurtenissen in onze recente geschiedenis al in de Bijbel zijn voorspeld. Dit is een vorm van science fiction. Een veel grotere bescheidenheid is op zijn plaats.
Hoewel in het woord apocalyptiek het woord 'onthulling' zit, moeten we vaststellen dat er toch veel voor ons verborgen is. Vele evangelische christenen beleven een evenredigheid tussen geloven en weten, tussen geloven en begrijpen. Hoe meer je gelooft des te meer je zult begrijpen. Maar is dat wel altijd zo? Het kan heel gelovig zijn om te zeggen dat je op bepaalde vragen geen antwoord weet. De laatste woorden van Jezus op aarde waren dat wij niet weten wanneer en hoe de Voleinding zal plaatsvinden (Hand. 1:7).
Inderdaad, ons past bescheidenheid en verlegenheid. 'Gij weet niet de dag en het uur,' waarschuwde ooit Jezus al Zijn discipelen. Ons is in de Bijbel geen eindtijdscenario overgeleverd.
Ons is wel de garantie gegeven dat God eens recht zal doen aan Zijn uitverkorenen die Hem dag en nacht bidden. Het diepste wat de apocalyptische teksten ons willen duidelijk maken is: dat God de geschiedenis in Zijn hand heeft. Dat biedt troost voor het heden en niet minder naar de toekomst.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 september 2005
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 september 2005
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's