Praten over seksualiteit
BRON VAN VREUGDE, BRON VAN SPANNING
Seksualiteit wordt wel opgevat als een bijzondere vorm van communicatie. Communicatie niet alleen met woorden, maar met, nu ja, met lichaam en ziel. Mijn uitgangspunt is daarom dat de seksuele daad, de geslachtsgemeenschap, de coïtus zelf ons leert hoe erover te praten. Anders gesteld, wat zijn de kenmerken van de coïtus en welke handvatten geven ons die voor de communicatie, het praten over seksualiteit?
Technische voorlichting?
We zouden dat technisch op kunnen vatten. We zouden een plaatje kunnen laten zien (plaatjes helpen soms bij het praten over). Een plaatje met de opwindingscurve, de seksuele respons-cyclus, zoals het technisch heet. Hoe gaat het in zijn werk? Eerst is de fase van verlangen om, zin hebben in. Dan begint het versieren, de ander zover krijgen dat. Dat gaat over een stijgende opwinding, het voorspel, dat korter of langer kan voortduren om uit te lopen op het orgasme. Daarna is er de ontspanning. Dat mag zo zijn. En er is op zichzelf ook niets mis met een technische voorlichting over seksualiteit en hoe je (lichaam) reageert.
Maar het zegt niet bijster veel over hoe en wat het is en waarom? Dat technische klinkt ook door in allerlei misvattingen, vooroordelen of ordinaire platitudes over seksualiteit. Bij voorbeeld over vrouwelijke seksualiteit: vrouwen hebben een geringer seksueel verlangen dan mannen; seks is meer voor het plezier van mannen dan van vrouwen; bij ieder seksueel contact moeten vrouwen minstens éénmaal een orgasme hebben; een gebrek aan opwinding betekent dat er iets mis is met de seksualiteit van de vrouw of haar huwelijksrelatie. En neem deze misvattingen over mannelijke seksualiteit: mannen willen altijd seks en zijn ook altijd klaar voor seks; voor goede seks is een orgasme nodig; in een goede relatie masturbeert (zelfbevrediging) een man niet.
Het lastige van vooroordelen en misvattingen is dat ze niet alleen een belemmerende invloed op het intiem zijn en genieten kunnen hebben, maar natuurlijk ook het praten over beïnvloeden als het gaat om beeldvorming, verwachtingen en rolmodellen (als het kennelijk zo zit tussen man en vrouw). De communicatie wordt erdoor belemmerd. Natuurlijk kun je technisch met behulp van een bezemsteel laten zien op school hoe je een condoom gebruikt (zoals ik van mijn kinderen hoorde). Maar het zegt nog steeds niets over seksualiteit als (intieme) communicatie.
Het wordt al anders als we in gedachten nog een keer naar dat plaatje kijken en erop letten wanneer in die opeenvolgende stadia communicatie speelt. Dat is nog niet meteen bij het opkomende verlangen, maar met de overgang naar het versieren wordt communicatie (niet alleen maar woorden) wel een stuk belangrijker en dat geldt helemaal voor de fase van opwinding, het voorspel; dat is er zo'n prachtige communicatieve, interactieve term voor. Dat gaat over in een fase waarin de beide echtelieden meer bezig zijn, meer gericht zijn op hun eigen sensaties inclusief het orgasme, om daarna tijdens de ontspanning korter of langer weer op elkaar gericht te zijn. Kijk, dat is een heel avontuur, een hele kunst om daarin op elkaar in te Ieren spelen en te weten wie wat plezierig vindt en wanneer. Dat die afstemming niet altijd klopt, is niet zo erg. Maar wanneer het gebrek aan afstemming een voortdurend patroon wordt, kan dat tot problemen leiden en bijvoorbeeld verlies 'van zin in' geven.
Altijd weer lastig
Waarom is het zo lastig om over seksualiteit te praten? Geboden, verboden, misvattingen, taboes maken het lastig. Het is niet nodig, het is overbodig, het is ongewenst om over seks te praten. Schaamte en gêne spelen een rol. Tja, je moet je toch enigszins kwetsbaar durven opstellen om over gevoelens, wensen en verlangens te kunnen praten of om de ander aan te moedigen dat te doen. Maar dat is best riskant. Want voor dat je het weet, krijg je een vraag terug, die net iets te dichtbij komt of waar je geen raad mee weet.
Bovendien, stel dat ik met iemand, een ambtsdrager over seksuele vragen of zelfs problemen wil praten en ik word met een van de geboden, verboden of misvattingen afgewezen, ik bedenk me natuurlijk wel tien keer. En hoe moet ik als ambtsdrager ingaan op vragen of seksuele kwesties waar ik zelf misschien geen weet van heb of in ieder geval nog nooit over nagedacht heb? Nou ja, naar de dominee verwijzen natuurlijk; maar predikanten zijn toch niet altijd van die helden wat dat aangaat, of wel? Pastorale (wijk)ouderlingen zouden er, denk ik, goed aan doen om met een zekere regelmaat in de beslotenheid van het consistorie een kwestie met elkaar door te praten, om elkaar te bevragen, te stimuleren, van elkaar te leren. Ik pleit daarmee dus voor een actievere houding. Niet alleen maar passief in de trant van 'als iemand erover begint, dan zien we wel, en zo niet, dan is het ook goed'. Ik heb in ieder geval in elf jaar ouderlingschap nooit meegemaakt dat iemand eigener beweging over seksualiteit begon.
Woorden om over te praten
Maar waar zullen we dan over hebben, als we praten over seksualiteit? Ik geef u een reeks van woorden, die stuk voor stuk meer of minder dichtbij komen: vertrouwen, lichamelijk contact, hygiëne, communicatie, spanning, macht, afwijzen, variatie, intimiteit, rekening houden met elkaar, opwinding, overgave, spel, zwangerschap, voorkeuren, fantasie, liefde, veiligheid, ontspanning, knuffelen, stemming, geduld, tijdstip, creativiteit, begrip, orgasme, genot, tederheid, initiatief, plaats. Er zijn vast nog wel andere woorden aan toe te voegen. Woorden die je als man en vrouw kunt gebruiken om met elkaar te praten over. Wat is voor jou ....?
Woorden die je misschien kunt gebruiken om je kinderen of leerlingen een paar andere woorden te leren, naast de woorden die ze al kennen. Woorden die u misschien voor schuttingtaal houdt, maar die tijd is ondertussen voorbij. Trouwens, wat is schuttingtaal? Toen ik ooit in een preek iets zei met 'stevige vrijpartij', waren sommigen onthutst, dat was geen kanseltaal; ik snapte er niets van. En toen prof. Graafland ooit in een preek iets zei over de puberteit van de Heere Jezus, en dat Hij ook zoiets als de ontdekking van het andere geslacht heeft meegemaakt, vonden sommigen dat godslasterlijk, terwijl ze anders toch instemmend zouden knikken als gezegd werd dat Jezus waarlijk mens is geweest.
Geslachtsgemeenschap
Dat brengt me bij de kern van de zaak, die ik bij het begin aankondigde. Ik maak gebruik van een bijzonder fraai hoofdstuk van prof. H.W. de Knijff over seksualiteit en huwelijk, uit 1994. Daarin geeft hij een bijbels-theologiche karakterisering van huwelijk en coïtus (geslachtsgemeenschap). Ik zou er voor willen pleiten dat in preek, pastoraat, onderwijs en opvoeding niet vanuit een negatieve, moraliserende opvatting over seksualiteit gesproken wordt, maar vanuit deze of een vergeijkbare positieve inzet.
Ik geef in mijn woorden de vijf karakteristieken van de coïtus, zoals De Knijff die verwoordde. De geslachtsgemeenschap is de fysieke bezegeling, vervulling van het verbond, het huwelijksverbond tussen man en vrouw. De coïtus is niet zonde, zoals Augustinus beweerde (of gezegd wordt dat hij dat
Bron van vreugde, bron van spanning, zo heette het symposium dat de stichting voor geestelijke gezondheidszorg Eleos afgelopen zaterdag belegde. Onder meer werd ingegaan op de wijze waarop seksualiteit ter sprake gebracht kan worden in de kerkenraad of in een pastorale relatie. De psychiater en theoloog drs. P.J. Verhagen hield een inleiding over Praten over seksualiteit, een bijdrage die we vandaag in ons blad plaatsen.
RED. DE WAARHEIDSVRIEND
beweerde). De coïtus is ook niet alleen maar een aspect van het lichamelijke, lagere, vergankelijke van de oude mens, die ingaat tegen de ziel als het hogere, het eeuwige, het in beginsel nieuwe. Geen dualisme dus. Het genieten, ook het seksuele genot gaat niet om de ziel heen, maar komt uit 'de diepten van de ziel'.
Het kernstuk is de totale overgave aan elkaar. Dat is typerend voor de verbonds-, voor de huwelijksgemeenschap. Dat is typerend voor de coïtus. Het orgasme is een zich geheel en al geven, zonder reserves. Je geeft je aan de ander. Overgave vraagt om vertrouwen, om trouw. Ik kan mij niet geven als ik niet vertrouwen kan. Dat is ook de kern van veilig vrijen. Veilig vrijen kan ik opvatten als een nuttige, technische kwestie van beschermende maatregelen. Maar werkelijk veilig vrijen in termen van communicatie en verbondenheid is dat ik het doe met de ene, mij door God gegeven, levensgezel.
Volledige overgave
Maar dat maakt het in de derde plaats ook exclusief. Zoiets als ik met mijn vrouw heb, en zij met mij, dat hebben wij ook alleen met elkaar. Met meer dan één, dat kan alleen als ik de coïtus losmaak van gemeenschap. Maar dan is het geen coïtus meer als volledige overgave en samengaan van twee tot één. Prof. De Knijff voegt er nog twee karakteristieken aan toe: duurzaamheid en toekomstgerichtheid. Als ik dit met deze ene beleef en meemaak, hoe zou dat alleen maar voorbijgaand en kortstondig kunnen zijn? Dat hangt direct samen met het toekomstgerichte. Dat laatste heeft te maken met het kind dat verwekt wordt. Niet dat elke coïtus tot bevruchting leidt of zou moeten leiden. Seksualiteit is veel meer dan voortplanting. Maar het ligt er wel onlosmakelijk in besloten.
Het zijn deze kenmerken van de geslachtgemeenschap, die in zoveel positievere zin de betekenis van seksualiteit en huwelijk neerzetten dan te wijzen alleen op wat niet deugt, niet mag, niet kan of hoe het verder ook gezegd wordt. Want veelal blijft het dan bij dat negatieve, van de tv en van de reclame. Maar is dat dan alles wat we over seksualiteit te melden hebben? Dat lijkt mij niet. Ik pleit voor een positieve inzet als kern, met 'aan de rand' als vanzelf de grenzen, en niet omgekeerd. Praten over seksualiteit doe je vanuit die kern.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 november 2005
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 november 2005
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's