Koralen, cantates, Passionen
DE PREDIKING VAN DE VERZOENING BIJ BACH [1]
De muziek van Johann Sebastian Bach, de Thomascantor uit Leipzig, trekt nog altijd scharen van bewonderaars en muziekliefhebbers. Een groot deel van zijn composities behoort tot de kerkmuziek en is geschreven voor de lutherse eredienst, waar - anders dan in de op Calvijn georiënteerde liturgie - meerstemmige vocale en instrumentale muziek een belangrijke plaats inneemt.
In deze artikelen willen we één facet aan de orde stellen, namelijk de wijze waarop Bach in zijn werk het geheimenis van de verzoening vertolkt heeft. Dat is in Bachs levenswerk een centraal moment. De kruistheologie van Luther is in vele van zijn composities terug te vinden. Niet alleen in de werken die speciaal voor de lijdenstijd geschreven zijn, zoals de Matthaüs Passion, maar ook in de muziek waarin de thematiek van de rechtvaardiging aan de orde komt, de betekenis van de doop, het geschenk van het eeuwige leven.
Alvorens aan de hand van een aantal voorbeelden te laten horen hoe Bach te werk is gegaan, wil ik eerst iets zeggen over de genres die we bij Bach vinden.
Het koraal
In de eerste plaats moet dan genoemd worden het koraal, een berijmd geestelijk lied, vaak bestaand uit meerdere strofen. Luther heeft het in de eredienst een eigen functie gegeven als antwoord van de gemeente op het haar verkondigde levende en actuele Woord van God. De kracht van de teksten van de koralen uit de Reformatietijd is het feit dat zij getuigen van het heil dat de Heere in Christus volbracht heeft en schenkt. Anders dan bijvoorbeeld het opwekkingslied, waar de vrome gemoedstoestanden en de subjectieve ervaring, een grote rol spelen, is het koraal vooral een belijdenis van het geloof van de kerk.
Bach heeft het in vele vormen gebruikt, in zijn cantates, motetten en passionen en niet te vergeten in zijn orgelcomposities. Hij had, volgens dr. H. van der Linde, in Leipzig de beschikking over een gezangboek met vijfduizend liederen in acht banden. Dit liedboek werd vooral gebruikt door koor en organist. In zijn orgelmuziek heeft Bach op allerlei wijze het koraal verwerkt, soms in de vorm van een korte koraalbewerking, soms in een uitvoerige reeks variaties op één melodie, soms in een rijk versierde vorm. We noemen hier het zogenaamde Orgelbüchlein, een reeks van vijfenveertig koraalbewerkingen, verdeeld over de vier kringen van het kerkelijk jaar, rondom de drie feesten en de jaarwisseling. Wie in staat en bereid is om het notenschrift van deze miniaturen voor orgel te analyseren, komt onder de indruk van de verrassende wijze waarop Bach allerlei geloofsmomenten en theologische accenten in de muziek heeft vertolkt.
Cantates
In de tweede plaats wijzen we op de cantates. Zij zijn te zien als evangelieverkondiging en uitleg van de Schrift. Evenals voor Luther stond ook voor Bach de muziek in dienst van de verkondiging. Een klein aantal van de ongeveer tweehonderd cantates die bewaard gebleven zijn, is ontstaan in de eerste perioden van Bachs loopbaan. Het leeuwendeel is gecomponeerd in Leipzig in de jaren 1524-1529. De cantor-organist had als taak voor elke zondag een cantate uit te voeren met de hem ter beschikking staande zangers, ongeveer vijfenvijftig jongens die verdeeld werden over vier cantorijen. Het waren dus geen grote koren. De huidige praktijk om Bach vooral uit te voeren door kleinschalige ensembles spoort dus met de praktijk in Bachs tijd. Trouwens, de aard van deze muziek vraagt er ook om. Het wint aan doorzichtigheid en zeggingskracht.
Zo'n cantate bestaat doorgaans uit een openingskoor en een slotkoor of koraal met daartussen enkele recitatieven - een zangstuk van overwegend verhalende aard - en aria's. Ze duurde ongeveer twintig, soms dertig minuten, en werd uitgevoerd na de lezing van het evangelie en vóór de preek. Soms ook deels voor en deels na de preek. De vorm van de cantates is niet altijd dezelfde. Soms hebben we te maken met een koraalcantates, waarbij de verschillende strofen van een koraal in de verschillende onderdelen terugkeren. In vele gevallen ligt er een bijbeltekst aan ten grondslag die soms letterlijk getoonzet is, maar ook wel door tekstschrijvers en dichters is bewerkt. De lutherse eredienst kent een zogenoemd perikopensysteem, vaste lezingen uit brieven en evangeliën voor elke zondag van het kerkelijk jaar. In het mooie boek van Alfred Dürer waarin alle cantates van Bach besproken worden, staan die lezingen ook aangegeven. Wie zich verdiept in de boeiende wereld van de cantates, doet er goed aan die lezingen erbij te houden. Want al is de aansluiting in het ene geval sterker dan in het andere, op de een of andere wijze klinkt de thematiek van zo'n zondag door in de muziek.
Mijn persoonlijke ervaring dat hoe vaker je de cantates beluistert - en we verkeren in de gelukkige omstandigheid dat er op cd vele uitvoeringen voorhanden zijn - hoe meer je onder de indruk komt van de rijkdom van de cantates. Er is terecht wel gezegd: Bach is een schilder met muziek geweest. Geen wonder dat theologen en musicologen nog altijd bezig zijn om ons in die wereld in te leiden en ons te laten horen hoe hij met zijn toontaal het evangelie verkondigde. Hij doet dat op allerlei wijzen, door bepaalde woorden te herhalen, door wijzingen aan te brengen in de hem aangereikte teksten, door bepaalde liedregels naar voren te halen, door vragen muzikaal te versterken enzovoort. We kunnen spreken van een rijke symbooltaal waar Bach zich van bediende, en we noemen met name de getallensymboliek die in zijn werk een grote rol speelt.
Hierboven merkte ik op dat Bach voor elke zondag een cantate schreef. Ik moet dat iets nuanceren. Een uitzondering vormen de tweede, derde en vierde adventszondag en de zondagen in de veertigdagentijd voor Pasen. De adventstijd en de tijd voor Pasen staan in het teken van de boete. Dan zweeg, zoals men dat uitdrukte, de 'hogere muziek'.
Passiemuziek
Naast koralen en cantates noemen we in de derde plaats de Passionen. Ongetwijfeld is Bach daardoor het meest bekend geworden. Hij is voor velen synoniem met de Matthaüs Passion die in de weken voor Pasen in ons land in vele kerken en concertzalen wordt uitgevoerd en nog elk jaar stromen bezoekers trekt. Het werk is daardoor losgeraakt van de oorspronkelijke bedoeling. Want de passiemuziek werd in de lutherse traditie uitgevoerd op de Goede Vrijdag. Het gebruik om in de week voor Pasen het gehele passieverhaal in de kerk te laten horen, dateert al uit de Middeleeuwen. Ook componisten vóór Bach schreven passiemuziek. Heel bekend zijn de vertolkingen van Heinrich Schütz. Het hoogtepunt vormen ongetwijfeld de passionen van de meester uit Leipzig. Hij heeft er minstens vijf geschreven. Slechts twee zijn er bewaard gebleven in de Matthaüspassie en de passiemuziek naar het evangelie van Johannes. Van de Marcuspassie zijn slechts enkele fragmenten over.
In Bach's tijd werd de passiemuziek uitgevoerd in de vesperdienst van de Goede Vrijdag. Afwisselend: het ene jaar de Matthaüs, het andere jaar de Johannes Passion. Ze werd gezongen voor en na de preek. De kern is de evangelietekst - door Bach met rode inkt in de partituur gezet - , maar ook de koralen nemen een substantiële plaats in. Het is opvallend hoe het eigen karakter van de evangeliën in de muziek doorklinkt. Bach moet de teksten toch wel heel scherp beluisterd hebben om zo de verkondiging van het evangelie te kunnen vertolken.
Zoals gezegd, Luthers kruistheologie heeft Bach sterk beïnvloed. Op vele manieren heeft Bach het unieke en exclusieve van het heilswerk in Christus, vertolkt, het Christus alleen, genade alleen, geloof alleen.
In het korte bestek van enkele artikelen moet ik me sterk beperken. Ik wil achtereenvolgens ingaan op de Hohe Messe, enkele werken voor de kerst- en de paastijd, enkele voorbeelden van de wijze waarop het kruis expliciet naar voren komt, om te eindigen met een paar fragmenten uit de Matthaüs Passion. Uiteraard zijn de gekozen voorbeelden mijn voorbeelden. Ik kan me indenken dat een ander weer door andere fragmenten getroffen wordt. Maar ik hoop dat deze summiere bespreking deze of gene mag stimuleren zich te verdiepen in de tekst en de muziek van Bachs muzikale erfenis.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 december 2005
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 december 2005
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's