De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Heftige discussie met je dochter

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Heftige discussie met je dochter

CONFRONTATIE OF CONVERSATIE MET PUBERS? [1]

8 minuten leestijd

Een ouderpaar zit in mijn kamer. Ze zijn radeloos. Hun jonge dochter van zestien jaar gaat totaal haar eigen gang en lijkt niet meer bereikbaar. Ze komt uit school, gooit haar tas op de grond en fietst weer weg zonder iets te noemen over de afgelopen schooldag of de bestemming waar zij nu naartoe gaat. Rond het avondeten is zij thuis, zit wat afwezig aan tafel en gaat na het eten vrijwel direct naar haar kamer, waarna zij urenlang msn’t met haar klasgenoten.
Het is al lang geleden dat ouders echt van hart tot hart met hun dochter hebben gesproken. De sporadische gesprekken die zij nog met hun dochter hebben, monden vaak uit in conflicten en heftige discussies waarbij zij te horen krijgen dat zij ‘haar toch niet begrijpen en zij ouderwets zijn en nooit eens iets toelaten’. Ouders herkennen het meisje van twee jaar geleden niet meer terug in hun dochter. Waar is haar bruisende enthousiasme gebleven? Waar is haar spontaniteit en vrolijkheid? Beide ouders geven aan hun dochter nu met fluwelen handschoenen te behandelen, discussies en confrontaties uit de weg te gaan en met lede ogen te zien gebeuren dat hun levens meer parallel lijken te verlopen dan dat er sprake is van gezamenlijkheid.

Spanningsveld
In de media zijn ‘jongeren’, ‘jonge adolescenten’ of ‘pubers’ vaak onderwerp van gesprek. Zo zijn er zorgen over: de werkloosheid onder jongeren, de criminaliteit door jongeren, of het uitgavenpatroon van jongeren. Jongeren die direct hun behoefte bevredigen en alle nieuwe snufjes op computergebied kopen, voorop willen lopen met de mode, bij willen zijn op het gebied van mobiele telefoons, mp3-spelers en veel geld besteden aan vakanties, uitgaan en dergelijke. Er wordt nauwelijks rekening gehouden met dingen op de lange termijn.
In de kerkelijke gemeente is verlegenheid en zorg hoe de jongeren gemotiveerd en betrokken te houden bij de kerk. Meer nog: hoe de jongeren voor te leven in het christelijk geloof. Kortom, de omgang met jong-adolescenten in gezin, samenleving en kerk roept vragen op en laat een bepaald spanningsveld zien.

Het ego-ontwikkelingsmodel van Erik Erikson
Voordat we ingaan op de adolescentiefase, is het goed om deze fase binnen de gehele ontwikkeling te beschouwen. Dit wil ik doen vanuit het ego-ontwikkelingsmodel van Erik Erikson, een bekende psycholoog uit de jaren zestig/zeventig.
Erikson (1968) onderscheidt een aantal fasen in de individuele ontwikkeling. Deze fasen verlopen in een vaste volgorde. In elke fase staat een kernconflict centraal waaruit een kracht/deugd kan voortkomen. Tot en met de adolescentiefase onderscheidt hij vijf fasen, nl. zuigelingen-/babytijd, peuterleeftijd, kleuterleeftijd, basisschoolleeftijd en adolescentiefase. In de basisschoolfase, de fase voorgaand aan de adolescentiefase, krijgt het kind bijvoorbeeld te maken met de competitie tussen het aanleren van vaardigheden en de angst niet aan gestelde eisen te kunnen voldoen. Bij een positieve ontwikkeling zal het kind een competentiegevoel ontwikkelen. Om een ontwikkelingsfase goed te doorlopen, moet het kernconflict opgelost worden. Daarbij is de relatie met voor die specifieke periode significante medemensen heel belangrijk. We kunnen in onze ontwikkeling van kind naar volwassene veel van elkaar en van vorige generaties leren.
De uitkomst van elke fase is voor iedereen verschillend. Voor de een verlopen de overgangen van deze fasen schoksgewijs, voor de ander rustig. Dit is afhankelijk van de factoren in een persoon zelf, maar ook van de omgeving waarin hij/zij opgroeit. Erikson ging ervan uit dat problemen ontstaan in eerdere fasen, hun weerslag vinden in daaropvolgende fasen.

Basis gelegd
In het model van Erikson is geen sprake van een stapsgewijze ontwikkeling, dus eerst de ene ontwikkelingsopgave volbrengen en dan de volgende, maar er is sprake van een continuüm. In elke volgende fase speelt de vorige fase en haar momenten van hoop en wanhoop, van initiatief of schuld, van constructiviteit of minderwaardigheid een belangrijke rol. Dus ook in de adolescentiefase spelen conflicten uit voorgaande fasen een rol.
In de gehele menselijke ontwikkeling komen de verschillende kernconflicten terug. De mate waarin voorgaande ontwikkelingsfasen zijn doorlopen, bepaalt in zekere zin wel het proces in de nieuwe ontwikkelingsfasen.
Als men een positieve ontwikkeling doorgemaakt heeft in de vroege jeugd, in interactie met zijn omgeving, is er een basis gelegd om de uitdagingen en ontwikkelingstaken in de nieuwe ontwikkelingsfase aan te gaan.

Gij doorgrondt en kent mij
Bij het ego-ontwikkelingsmodel van Erikson moet ik vaak denken aan Psalm 139. De Heere God kent ieder mens vanaf het prille begin. ‘Gij hebt mij in mijn moeders buik bedekt’ (vs. 13). ‘Gij weet mijn zitten en mijn opstaan; Gij verstaat van verre mijn gedachten’. (vs. 2). Hij weet wat je nodig hebt als baby, als peuter, kleuter, schoolgaand kind, adolescent en als volwassene. Hij weet voor welke ontwikkelingsopgave men staat en Hij weet ook wat men daarvoor nodig hebt om ze goed te doorlopen. God kent de vragen waar pubers mee kunnen zitten en de zorgen van ouders in de omgang met hun kind.

De adolescentiefase
De adolescentie is de overgangsfase tussen kindertijd en volwassenheid. Je bent als adolescent niet meer echt kind, maar ook nog geen volwassene. In de volksmond wordt deze fase ook wel aangeduid als ‘de puberteit’. We spreken vaak over ‘pubers’ wanneer kinderen 12 tot 17 jaar oud zijn. Eigenlijk staat het begrip puberteit voor de specifiek lichamelijk kant van de ontwikkeling tot volwassenen. Het lichaam groeit in die periode naar zijn (letterlijk) volwassen vorm. Tevens zijn er cognitieve en sociale veranderingen. De jonge adolescent moet ten opzichte van leeftijdgenoten (vooral de andere sekse) en ten opzichte van ouders een nieuwe positie innemen. In onze westerse cultuur is vooral het emotioneel zelfstandig worden een belangrijke ontwikkelingsopgave. In het ego-ontwikkelingsmodel geeft Erikson de adolescentiefase weer met het conflict tussen enerzijds ‘identiteit’ en anderzijds ‘identiteitsverwarring’. De sleutel van het oplossen van dit conflict ligt volgens hem in de interacties van de adolescent met zijn omgeving. De belangrijke mensen in de omgeving van de adolescent fungeren als spiegel, waaruit hij kan opmaken wie hij is en wie hij zou willen zijn.
Jongeren verkennen ontwikkelingsmogelijkheden die de omgeving biedt en maken hierin keuzes. Deze verkenning vindt plaats op tal van levensterreinen en heeft betrekking op de keuze van een beroep, de doelen die iemand zich stelt, het aangaan van relaties, het ontwikkelen van een religieuze overtuiging en in meer algemene zin op de normen en waarden die iemand hanteert. Ook met het gebruik van alcohol en drugs wordt veelal in de adolescentiefase geëxperimenteerd. Voor jongeren zelf kan juist het nemen van risico’s een van de aantrekkelijke kanten van het experimenteergedrag vormen. Door dat te doen wat in een bepaalde levensfase in de ogen van volwassenen (nog) niet gepast is, zoals bijvoorbeeld bier drinken, kan een jongere aanzien verwerven in zijn vriendengroep en laat hij zien hoe ‘onafhankelijk en volwassen’ hij al is. Samengevat is de adolescentiefase een levensfase die gekenmerkt wordt door: nadenken over het eigen bestaan, veranderen van relaties en de tijd waarin jongeren in verstandelijk, moreel en politiek opzicht volwassen worden. Het is dus een periode die gepaard gaat met veel veranderingen. Om deze ontwikkelingsfase goed te doorlopen, hebben jongeren (12-17 jaar) de behoefte:
- om deel uit te maken van een groep (het gevoel krijgen erbij te horen);
- aan activiteiten waarin zij hun vaardigheden kunnen verwerven, zodat zij waardering krijgen.

Tijdens de laatstgehouden bijeenkomst van de hervormde predikantsvrouwen sprak psychologe drs. Christine Burggraaf over de omgang met jonge adolescenten in gezin en kerk. In twee afleveringen plaatsen we haar bijdrage in ons blad.

RED. DE WAARHEIDSVRIEND

- aan stabiele en voorspelbare relaties;
- aan het gevoel van persoonlijke identiteit en eigenwaarde.

Een veel gehoorde klacht vandaag de dag is dat ‘jongeren zoveel moeten’; de eisen van de maatschappij lijken hoger dan voorheen. Ze moeten er goed uitzien, snel kunnen beslissen en al jong mondige burgers zijn. Deze hogere systeemeisen veroorzaken meer stressoren; zeker binnen bepaalde groepen.

Aansluiten bij de behoeften
Het leven tussen twee werelden (enerzijds de kerk, anderzijds het uitgaansleven) bezorgt ouders, maar zeker ook de jongere zelf stress en conflictsituaties. Hoe kunnen wij als volwassenen hierop inspringen en hieraan tegemoet komen? Hoe kunnen wij onze bijdrage leveren, zodat hun leven zoveel mogelijk in balans is? Alleen wanneer de al eerder genoemde behoeften van een jonge adolescent vervuld zijn, kan hij tegen zichzelf zeggen dat hij een waardevol en volwaardig persoon is, dat hij bepaalde belangrijke capaciteiten of vaardigheden bezit, dat hij relaties met anderen kan leggen en kan houden, en dat hij hoop kan koesteren voor de toekomst. Maar hoe langer en ingewikkelder de overgang van kindertijd naar volwassenheid is, hoe groter de kans is dat jongeren onzekerheid en ambiguïteit zullen ervaren bij het doen van zulke uitspraken over zichzelf.
Daarmee raken we aan een fundamentele vraag ten aanzien van de adolescentie in deze tijd: slagen we er in voldoende mate in om tegemoet te komen aan deze basale ontwikkelingsbehoeften bij adolescenten? Mijns inziens betekent aansluiten bij de behoeften van jonge adolescenten in gezin en kerk vooral: ruimte en mogelijkheden bieden om hem/haar deze taken te laten volbrengen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 januari 2006

De Waarheidsvriend | 13 Pagina's

Heftige discussie met je dochter

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 januari 2006

De Waarheidsvriend | 13 Pagina's