De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Uit de pers

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit de pers

9 minuten leestijd

Spiltijd en compassie
De Britse schrijfster Karen Armstrong (1945) is bij een breed lezerspubliek bekend geraakt door vooral twee boeken. Om te beginnen: Een geschiedenis van God – Vierduizend jaar jodendom, christendom en islam (1995). En verder: De strijd om God – Een geschiedenis van het fundamentalisme (2000). Behalve in de Verenigde Staten vinden haar boeken vooral in Nederland veel aftrek. Haar nieuwste studie: De grote transformatie – Het begin van onze religieuze tradities, verscheen zelfs eerst (november 2005) in ons land en zal pas later dit jaar in haar eigen land verkrijgbaar zijn. In een ANP-bericht staat de reden van het schrijven van dit boek als volgt onder woorden gebracht: ‘Om een uitweg te vinden uit de diepe geestelijke crisis waarin de mensheid verkeert, moet ze te rade gaan bij de ongeëvenaarde wijsheid van de religieuze Spiltijd tussen 900 en 200 v.Chr.. In die periode ontstonden in China, India, Israël en Griekenland de grote geestelijke tradities van deze wereld.
Het begrip Spiltijd ontleent Armstrong aan de Duitse filosoof Karl Jaspers. In genoemde tijd ontstonden in China het confucianisme en het taoïsme, in India het hindoeïsme en het boeddhisme, in Israël het joodse monotheïsme en in Griekenland het filosofisch rationalisme. We hebben het over de tijd van Boeddha, Socrates, Confucius, de profeet Jeremia, Mencius en Euripides.
Armstrong: De Spiltijd was een van de vruchtbaarste perioden van intellectuele, psychologische, filosofische en religieuze verandering in de geschreven geschiedenis. Latere tradities als het rabbijnse jodendom, het christendom en de islam bouwen daar volgens haar allemaal op voort. Het ontstaan van de islam in de zevende eeuw na Christus noemt Armstrong de laatste bloei van de Spiltijd.

In het Kerstnummer van VolZin (23 december 2005) staat een gesprek te lezen dat Lisette Thooft onlangs met haar had. Op een gegeven moment zegt Armstrong:
'Ik ben niet christelijk meer.' Als zeventienjarige trad ze ooit toe in de Engelse orde De gemeenschap van het Heilig Kind Jezus, maar na een aantal jaren keerde ze het kloosterleven de rug toe.
Er wordt haar dan gevraagd: ‘Bent u echt helemaal niet christelijk meer?’
Kijk, volgens mij zeggen alle wereldreligies hetzelfde. Een paar maanden geleden zag ik de Dalai Lama in de Verenigde Staten. Ik leidde daar een sessie met religieuze leiders waar hij bij was, in Idaho. Hij zei ook dat alle religies hetzelfde zijn. Eigenlijk leren ze je allemaal hoe belangrijk compassie is, mededogen. Hij zei: “Mijn religie is vriendelijkheid”. Dus dat ik helemaal niet christelijk ben, klopt ook niet. Compassie ligt in de kern van de christelijke religie, net als in de kern van het confucianisme, het boeddhisme, de joodse traditie en de islam. Ik zie mezelf eerder als een zieke die bezig is te herstellen van het christendom. Ik heb een moeilijke rooms-katholieke ervaring gehad toen ik jong was en ik heb lange tijd niets met de christelijke religie te maken willen hebben. Daarover heb ik geschreven in mijn autobiografie De wenteltrap.
Als ik in de VS ben, ga ik wel naar de kerk. Daar is het leuk! Ik ben nogal vaak op Harvard University en daar hebben ze elke ochtend een mooie oecumenische dienst in de Harvard Memorial Church, een kwartier. Dat is een heerlijk begin van de dag. Een van de faculteitsmedewerkers houdt een kort praatje en een koor zingt een mooi lied met orgelbegeleiding. Maar ik ga ook wel eens naar joodse of islamitische ceremonies.’

Hoe zou uw gedroomde religie eruitzien?
Die zou zich niet bezighouden met geloofswaarheden, doctrines of dogma’s. In de Spiltijd was geen enkele religieuze bezig met metafysica. In het christelijke Westen hebben we een fetisj gemaakt van geloof. We hebben net gedaan alsof religie hetzelfde is als geloven in bepaalde voorstellingen. Dat is een grote vergissing, een misverstaan van religieuze waarheid. Mijn droomreligie zou bovenal de waarde van compassie benadrukken, en in elk geval geen andere afleidende doelen op de voorgrond plaatsen. Die zou niet bezig zijn met het seksuele leven van de gelovigen bijvoorbeeld. Die zou zich – net als Jezus – concentreren op de plicht om in vriendelijkheid je hand uit te steken naar andere mensen.’
Volgens Armstrong komt de kern van alle godsdiensten hierop neer: compassie hebben met de ander, ook en juist als die ander anders is. Of om het met een bijbelwoord te zeggen: Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet. 'Ja maar,' reageert Lisette Thooft: 'de meeste mensen doen toch wel hun best om vriendelijk te zijn?'
‘Nee hoor. Ik weet niet of je onlangs nog op een etentje in Londen bent geweest maar de mensen hebben daar zo’n scherpe tong, ze zijn voortdurend bezig anderen aan te vallen of te klagen over anderen. Of over de regering, over de moslims. De universiteit in Oxford waar ik studeerde, was een plek van extreme onvriendelijkheid. Niet dat je moet rondlopen als een oude hippie en bloemen uitdelen. Compassie betekent dat je jezelf in de positie van de ander kunt verplaatsen, door een voortdurende oefening van de verbeelding. Dat je steeds in je eigen innerlijk kijkt om te zien waar de pijn vandaan komt, en weigert om een ander die pijn aan te doen. Dan overstijg je jezelf, dan stap je uit de grenzen van het egoïsme. Daar heb je dagwerk aan. Je hebt er intelligentie bij nodig, creativiteit en verbeelding. Maar dat is wat religie is. Religie is een vorm van kunst, de een heeft er meer talent voor dan de ander. Maar iedereen kan compassie oefenen.’

Het probleem is dat er soms frustraties en trauma’s in de weg staan.
‘Precies. Ik was zelf lange tijd getraumatiseerd. Ik was een zeer kwaadaardig persoon, niet fysiek maar verbaal. Maar je kunt je oefenen in het zien van het standpunt van de ander en dat is zeer therapeutisch, heb ik gemerkt. De Spiltijdleiders hebben dat ontdekt. Je vindt vrede in je eigen ziel als je niet voortdurend klaarstaat om anderen aan te vallen. Ik heb ook van de Dalai Lama geleerd. Hij is zo licht van hart. We zouden allemaal veel lichter moeten zijn, vrolijker. We zijn zo plechtig. Hij lacht gewoon als je hem iets vraagt. Er is geen ego in die man. Veel van die poeha en dat gedoe met wetten en regels komt omdat we onszelf veel te serieus nemen. Wij westerlingen zouden ons moeten realiseren dat we eigenlijk absurde schepselen zijn, en we zouden wat minder pretenties moeten hebben.’
Armstrong deinst niet terug voor krasse uitspraken. Zoals bijvoorbeeld wanneer haar deze vraag wordt gesteld:
Er is een grote spirituele dorst onder de mensen, maar in de kerk wordt die niet gelest.

‘Mensen vinden helemaal niets in de kerk. Niet in Europa tenminste. In de VS gaat tachtig procent van de mensen regelmatig naar een dienst. In Engeland is dat zes procent. Het christelijke fundamentalisme bestaat in de VS, ja, maar dat is niet het hele verhaal. Ongeveer de helft van de mensen is nieuwsgierig en open, misschien zelf meer dan de helft. In de regering zitten de conservatieve christenen, maar zelfs in het midden van Amerika, in Idaho en het midden-westen, zijn mensen open en geïnteresseerd. Ik kom er vaak, ik trek enorm grote volle zalen, soms tweeduizend mensen. Ze zijn geïnteresseerd in andere religies, zetten vraagtekens bij gangbare voorstellingen van God of het goddelijke. Ik ben in de Bible Belt geweest, Tenessee, Mississippi, en ook daar heb je mensen die honderden kilometers rijden om mij te horen, omdat ze ook iets anders willen horen. Dat geeft hoop.
Het interessante is dat ook de Democraten nu een religieus verhaal creëren, als tegenwicht tegen het fundamentele verhaal van de neo-conservatieven. Iedereen is daarin erg geïnteresseerd. Een seculier verhaal landt niet bij de Amerikanen. Bij ons is dat andersom, een religieus politiek verhaal is de beste manier om kiezers te verliezen. Als Blair, die een religieus man is, over God zou praten, zou dat de kus des doods zijn voor zijn positie. Ha ha ha. Maar Amerika is veel meer in overeenstemming met de rest van de wereld. Wij Europeanen beginnen langzamerhand schattig ouderwets te worden in onze seculiere maatschappij. Ik ontbeet vorige week met een Amerikaanse vriend, een journalist die correspondent was geweest van de Boston Globe in Jeruzalem. Hij zei: in Engeland zijn de mensen veel verder en slimmer als het gaat om politieke analyse dan in de VS. Zelfs een krant als de New York Times geeft vooral feiten en geen politieke duiding. Maar in religieus opzicht zijn wij hier achterlijk. In Amerika zijn ze in religieus opzicht verder en slimmer dan wij.
In Nederland is dat misschien anders dan in Engeland. Nederlanders hebben wel benul van religie, zelfs al praktiseren ze het niet. Ik verkoop hier veel meer boeken dan in Engeland. Na de VS is Nederland mijn beste afzetmarkt. Het is een seculier land, maar de mensen begrijpen waarover ik het heb.’

Ik voel me niet competent om haar stellingen over de Spiltijd recht te doen. Haar ijver om de mensheid tot compassie op te roepen is prijzenswaard. Juist in een periode van de geschiedenis waarin één van de grote wereldgodsdiensten voor ingrijpende spanningen zorgt met name in de westerse wereld.
Lang voor 11 september 2001 waarschuwde Armstrong al voor gevaar als we niet zouden proberen om extremistische groeperingen te begrijpen. Toch zeiden de Romeinen al: Homo hominem lupes est. De ene mens is voor de ander een wolf. En ook de Bijbel zet een uitermate somber mensbeeld neer. Tegen de revolutie het evangelie, werd daarom ooit gezegd. Dat is niet hautain bedoeld in de zin van: wij christenen beschikken over de oplossing van alle problemen. Maar het is wel een diepe overtuiging: onderlinge liefde wordt geboren uit de liefde die uit God is.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 januari 2006

De Waarheidsvriend | 13 Pagina's

Uit de pers

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 januari 2006

De Waarheidsvriend | 13 Pagina's