Vereniging voorkwam de breuk niet
SAMEN OP WEG, DE MOEITE WAARD GEWEEST?
Op 1 mei 2004 kwam de fusie van de Nederlandse Hervormde Kerk, de Gereformeerde Kerken in Nederland en de Evanglisch-Lutherse Kerk in het Koninkrijk der Nederlanden tot stand. Door deze fusie ontstond de Protestantse Kerk in Nederland. Een zeer langdurig, moeizaam proces ging aan deze vereniging vooraf. Wat zijn daarvan de oorzaken geweest? Waarom moest er zoveel tijd en energie aan besteed worden?
Ds. Barend Wallet probeert een duidelijk antwoord te geven op deze vragen in zijn boek Samen op Weg naar de Protestantse Kerk in Nederland. In dit boek wordt een eerste volledige beschrijving gegeven van het hele Samen-op-Wegproces, dat liep van 1961 tot 2004. Het is geschreven voor het geïnteresseerde gemeentelid. Een schat van informatie wordt ons in dit boekwerk van bijna 400 bladzijden geboden. Het is geen dorre beschrijving van de vele feiten en gegevens geworden. Het is een levend verhaal achter de vereniging. Als lezer worden wij opnieuw in het SoW-proces betrokken, maar nu bestaat er wel enige afstand. Voor de verwerking van het proces kan de lezing van dit boek heel nuttig zijn. Het is de auteur gelukt om een goed leesbaar boek samen te stellen uit de overstelpende hoeveelheid materiaal dat er over Samen op Weg is.
Geschiedenis van SoW
Na de inleidende hoofdstukken wordt zeer uitvoerig de geschiedenis van het SoW-proces behandeld. Ds. Wallet verdeelt deze geschiedenis in vijf perioden: beweging vanaf de basis (1961- 973), de eerste gezamenlijke vergaderingen van de synoden (1973-1985), in staat van hereniging (1986-1990), op weg naar verdere vormgeving (1991-1998), op weg naar de vereniging (1998-2003). De overgangen vormen belangrijke markeringspunten, waarlangs het SoW-proces verloopt.
Het duidelijke begin van Samen op Weg ligt bij De Achttien. Achttien predikanten die van hervormde en gereformeerde huize zijn, doen in 1961 een bewogen oproep om een einde te maken aan de verdeeldheid van de beide reformatorische kerken. Vanuit de opdracht die de kerk in de wereld heeft, kan gescheidenheid van beide kerken niet langer geduld worden. Het missionaire motief speelt hier een beslissende rol om tot eenwording te komen.
De oproep vindt gehoor bij gemeenteleden. Er ontstaat een beweging vanaf de basis. SoW is van onderop begonnen. Vervolgens zijn de synoden er beleidsmatig bij betrokken geraakt en ontstaan er de eerste gezamenlijke vergaderingen van de synoden. De Raad voor Deputaten wordt ingesteld. Hij wordt de spil van SoW.
Een mijlpaal in het SoW-proces is het jaar 1986, honderd jaar na de Doleantie. De Nederlandse Hervormde Kerk en de Gereformeerde Kerken in Nederland verklaren zich in ‘staat van hereniging’. Met ‘hereniging’ wordt nog niet het eindresultaat bedoeld, maar een procesgang die voortgaat. Bij dit besluit wordt gezegd dat de hervormde gemeenten niet verplicht zullen worden tot enige vorm van federatieve samenwerking. Er zal geen dwang op de plaatselijke gemeenten toegepast worden.
Sterke weerstand
Bij een derde deel van de Nederlandse Hervormde Kerk leeft er sterke weerstand tegen de hereniging. De weerstand wordt vooral bepaald door de zorg over het belijdende karakter van de toekomstige kerk. De ontwikkelingen in de Gereformeerde Kerken baren ernstige zorgen. Het samengaan zal geen versterking van het gereformeerde belijden betekenen.
In de jaren 1989 en 1990 gaat Samen op Weg door een ernstige crises heen. De verwarring hoe het allemaal verder moet, is zeer groot. Het proces dreigt geheel vast te lopen. Samen op Weg komt weer op gang na het besluit om een nieuwe belijdende kerkorde te ontwerpen naar hervormd model. Dan zal ook duidelijk worden hoe de toekomstige kerk eruit zal gaan zien. Om deze duidelijkheid wordt gevraagd. Een belangrijk feit is dat de Evangelisch-Lutherse Kerk sinds 1990 mee gaat doen aan het SoW-proces. Dat zal een complicerende factor worden in het proces, zoals de president van de lutherse synode al aangeeft op de eerste zitting van de triosynode.
Toen het concept nieuwe kerkorde in 1991 gereed kwam, kwam er een storm van kritiek, met name van de zijde van de Gereformeerde Bond. De nieuwe kerkorde vormde een ondeugdelijke basis. Het ‘onaanvaardbaar’ werd uitgesproken. Op de ambtsdragersvergadering in Putten klonk de zeer bekend geworden uitspraak met betrekking tot Samen op Weg: ‘Wij kunnen niet weg en wij kunnen niet mee’. Ds. Wallet zegt dat ‘de achtergrond van de uitspraak zal gehoord moeten worden tegen de achtergrond van twee stromingen in de Bond: een oriëntatie op het kerkmodel van Kuyper en van Hoedemaker.’ Bij het model van Kuyper vormen de gelijkgezinden samen de kerk. De kerk is hier een vereniging van gereformeerde belijders. Bij Hoedemaker ligt de nadruk op het verbond, als het over de kerk gaat. Niet de belijdenis van de kerk, maar het verbond staat voorop. De gereformeerde belijders die in de lijn van Hoedemaker zitten, kunnen en willen zich niet van de kerk afscheiden, maar roepen heel de kerk op tot gehoorzaamheid aan Gods Woord. Zij willen trouw op hun post blijven en werken aan het herstel van de kerk. Op de kerkenradendag in Amersfoort (1996) is door het hoofdbestuur van de Gereformeerde. Bond gezegd: ‘Wij kunnen niet heengaan en de kerk prijsgeven aan wie er geen recht op hebben.’
Nadat het kerkorde-traject helemaal doorlopen was, kwam uiteindelijk het verenigingsbesluit. Op 12 december 2003 werd het besluit tot vereniging genomen. Een krappe tweederde meerderheid was er in de hervormde synode. Een breuk kon niet voorkomen worden. Een deel van de gereformeerde belijders ging niet mee naar de Protestantse Kerk in Nederland. Deze belijders wilden alleen een exclusieve binding aan de gereformeerde belijdenisgeschriften en konden daarom hun plaats in de verenigde kerk niet innemen.
Slotbeschouwing
In het slothoofdstuk van het boek komt de vraag aan de orde of het hele SoW-proces wel de moeite waard geweest is. Het persoonlijke antwoord van ds. Wallet, dat tegelijk een getuigenis is, luidt dat er door hem gehandeld is vanuit de bijbelse opdracht tot eenheid. Hij geeft verder te kennen dat hij niet teleurgesteld is in hoe het proces verlopen is. ‘We moeten er praktisch mee rekenen, dat ook in het kerkelijk beleid drempels en vertragingen behoren tot de weg naar kerkelijk eenheid’. Of het SoW-proces sneller en beter had gekund, dit kan waar of onwaar zijn. Laten anderen daar maar over oordelen.
Op de moeilijke kwestie van de pluraliteit wordt nader ingegaan. In de belijdende grondslag klinkt pluraliteit door. De pluraliteit wordt in de kerkorde op een aantal punten doorgetrokken. In de kerk komen verschillende gemeenten naast elkaar voor (art. II-2). En in bepaalde zaken die van wezenlijk belang zijn voor het leven van de gemeente, mag de gemeente zelf de keuze doen. (Ord.4-8-7) Er zijn volgens de auteur echter wel grenzen aan het pluralisme. ‘Christenen kunnen niet afdingen op de unieke plaats van Jezus Christus in het hart van onze belijdenis’. (p. 335)
Een spannende vraag is of de Protestantse Kerk in de toekomst een missionaire kerk zal zijn. ‘De vereniging van kerken is nooit als doel in zichzelf gezien, maar heeft altijd gestaan in het missionaire perspectief.’ (p. 338)
Eindconclusie
Mijn eerste indruk na lezing van dit boek is dat er een vrij objectieve weergave van het SoW-proces gegeven wordt. Er wordt een goed inzicht verkregen in het verloop. De ingezette koers om tot vereniging te komen is ondanks alle weerstanden duidelijk gehandhaafd. De vele moties die pleiten voor federatie, werden telkens weer afgewezen. Om het draagvlak voor de vereniging te kunnen vergroten, koos men er wel voor om meer federatieve elementen in de kerkorde op te nemen. Er zijn tegemoetkomingen gedaan aan de bezwaarden binnen het beoogde doel van de vereniging.
Persoonlijk blijf ik het ontzettend jammer vinden dat de motie van dr. J. Hoek op de triosynode in 1993 niet behandeld is. De motie werd niet ontvankelijk verklaard. Hij stelde voor een hereniging tussen de Nederlandse Hervormde Kerk en de Gereformeerde Kerken in Nederland, die zich dan samen verbonden zouden weten met de Evangelisch-Lutherse Kerk. Heel wat problemen zouden daarmee opgelost zijn. Ds. Wallet schrijft zelf: ‘Het was jammer dat er geen gesprek plaatsvond, omdat de hervormden en gereformeerden zich in 1986 wel voor de weg van de hereniging hadden uitgesproken, maar de Luthersen zich over de vereniging of federatie niet hadden uitgesproken. Ook de mindere vergaderingen moesten hun oordeel nog geven.’ (p. 142, 143) Het doet velen met mij verdriet dat er een scheuring is gekomen in de kerk, die toch het Lichaam van Christus is. De ‘vereniging’ heeft deze pijnlijke breuk niet kunnen voorkomen.
Hoge prijs
Het hele SoW-proces is nog wel de moeite waard geweest voor de gemeenten die al samen op weg waren, maar zeker niet voor de gemeenten die verscheurd zijn geworden. Zij hebben er een zeer hoge prijs voor moeten betalen. Een bittere nasmaak houden zij aan het SoW-proces over.
De echte eenheid waar het in Gods Woord omgaat, is na een heel moeizaam proces niet dichterbij gekomen. Een sterke verdeeldheid is gebleven. Wij zien op het plaatselijke vlak vele soorten gemeenten naast elkaar bestaan binnen de Protestantse Kerk in Nederland. Dat is zeker niet bevorderlijk voor het missionaire doel van de kerk.
Het huidige pluralisme werkt niet verenigend, maar eerder ontbindend in de kerk. Er is wel een wettige pluriformiteit, die gebaseerd is op Gods Woord. Daarbij gaat het om een eenheid in verscheidenheid. Dat is goed voor de ware oecumene. Het exclusivisme, dat ten diepste niet gereformeerd is, moeten wij afwijzen, maar zeker ook het pluralisme.
Laten wij echt kerk zijn in gehoorzaamheid aan Gods Woord.
Onze bede is: ‘Heere, ontferm U over de kerk, en laat zij werkelijk één zijn in U, de drie-enige God.’
N.a.v. Barend Wallet:
Samen op Weg naar de Protestantse Kerk in Nederland.
Uitg. Boekencentrum, Zoetermeer; 388 blz.; € 26,90.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 februari 2006
De Waarheidsvriend | 13 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 februari 2006
De Waarheidsvriend | 13 Pagina's