De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbespreking

6 minuten leestijd

Bram van de Beek:
Toeval of schepping? Scheppingstheologie in de context van het moderne denken.
Uitg. Kok, Kampen; 259 blz.; € 18,50.

De discussie rond schepping en evolutie is vorig jaar in Nederland heropend. Tot in de Tweede Kamer toe werd er over dit onderwerp gesproken, maar ook in televisieprogramma’s en op speciale discussiebijeenkomsten. Reden van dit alles was het verschijnen van een boek uit de kring van Intelligent Design. Een beweging die benadrukt dat er in de natuur zulke complexe structuren zijn dat die onmogelijk toevallig kunnen zijn ontstaan. Vooral bij levende wezens zijn alle onderdelen zo op elkaar afgestemd dat de gedachte dat ze toevallig in deze samenhang bij elkaar zouden komen, onwaarschijnlijk klein is. Reeds Darwin zelf noemde al het menselijk oog als een orgaan dat zo ingewikkeld samengesteld is dat hij de rillingen kreeg over zijn rug als hij zijn evolutietheorie bezag tegenover alleen al het oog! In deze discussie begeeft ook prof. A. van de Beek zich met zijn boek Toeval of schepping? Hij is iemand die goed is toegerust voor dit onderwerp, omdat hij naast theoloog ook gepromoveerd bioloog is. In zijn boek duikt hij niet onmiddellijk in het onderwerp zelf, maar gaat eerst enkele grondvragen langs. We krijgen in vogelvlucht een mooi overzicht van de ontwikkeling van cultuur en denken in West-Europa. De verhouding van geloof en verstand komt aan de orde, ook de verhouding van theologie en natuurwetenschap. Prof. Van de Beek wil geen theologie die zich gemakkelijk losmaakt van de zichtbare werkelijkheid zoals die door de natuurwetenschappen wordt onderzocht. Aan de andere kant wil hij geen natuurwetenschap die de werkelijkheid reduceert tot het zichtbare en meetbare. Theologie en wetenschap moeten op elkaar betrokken zijn en zo elkaar bevruchten.
Dit eerste, grondleggende gedeelte van het boek is niet altijd eenvoudig, wel zeer instructief en van groot belang om niet tot een simpele discussie over schepping en evolutie te vervallen, maar eerst de onderliggende vragen helder te krijgen. In het tweede gedeelte van het boek krijgen we de eigen visie van prof. Van de Beek op het onderwerp. Er komt een visie naar voren die wel origineel is, maar tegelijk grote vragen oproept. We noemen de twee kernpunten.
Het eerste is dat hij de schepping benoemt als geschapen door de gekruisigde Christus. De schepping heeft dan ook de structuur van de gekruisigde Christus. Daarom behoren lijden, ziekte, rampen en de dood wezenlijk bij de schepping. Zij zijn het teken dat de schepping door Christus is geschapen. Van de Beek wijkt hier sterk af van Oude Testament, Nieuwe Testament, kerkvaders en kerkhervormers. Die leerden dat God door Zijn Zoon als de Wijsheid de wereld goed heeft geschapen. Gods Zoon is pas mens geworden en gekruisigd na de zondeval van de mens. De schepping draagt dan ook niet het teken van de gekruisigde Christus, maar het teken van Gods Zoon als de Wijsheid en Goedheid Gods.
Dat brengt ons bij het tweede bezwaar tegen de visie van prof. van de Beek. Deze hangt samen met het eerste: hij relativeert zowel het goede van het paradijs als ook het erge van de zondeval. Het lijden is voor hem niet meer het gevolg van de zondeval, maar intrinsiek aan de schepping verbonden. Vandaar dat Van de Beek weinig met Intelligent Design aan kan. Hij beleeft niet het intelligente van de schepping als teken van God, maar juist het lijden en de rampen!
In zekere zin doet Van de Beek denken aan Marcion, uit de Vroege Kerk. Ook Marcion worstelde met het lijden. Hij kon het niet verbinden met God, de Vader van Jezus Christus. Van de Beek gaat de omgekeerde weg: hij verbindt juist het lijden helemaal aan God de Vader als Schepper. Maar zowel bij Marcion als bij Van de Beek krijgt zowel het goede van het paradijs als het ernstige van de zonde te weinig gewicht.
Door paradijs en zonde(-val) te verwaarlozen, krijgt de visie van prof. Van de Beek iets van een theodicee: een intelligente poging om het lijden te verklaren. Het lijden gaat er structureel bij horen. Gevolg hiervan is wel dat het moeilijk wordt God te blijven erkennen als volkomen licht en zuiver. Wie het lijden in de wereld wil verklaren zonder het overweldigend goede van het paradijs en het grote gewicht van de zonde er in te betrekken, veroorzaakt gemakkelijk schaduwranden om het beeld van God.
Hier tegenover denken we aan het leven en werken van de Heere Jezus. Voordat Hij voor de zonden zich offerde aan het kruis, deed Hij vele wonderen. Wonderen van herstel van de goede schepping, in duiveluitdrijving, genezing, oprichting. Na de verzoeking in de woestijn zijn de wilde dieren in vrede bij Hem (Mark. 1). In die wonderen straalde iets door van de heerlijkheid van het paradijs en de goedheid van de Schepper. Dat Hij zich daarna liet kruisigen, was om de zondige, van God en het paradijs vervreemde mens voor eeuwig aan dat paradijselijke, heerlijke goede van een volkomen goede God deel te geven. Het kruis is – om zo te zeggen – niet het ideaal, maar het hemelse middel om het ideaal van het overweldigende paradijs Gods te herstellen! Onder andere de kerkvader Augustinus (De Stad Gods), maar ook latere christenschrijvers als C.S. Lewis (in zijn ruimtetrilogie) en F.M. Dostojewski (denk aan de Staretz in De Gebroeders Karamazov, maar ook in Schuld en boete) hebben in contrast met het kwade en het lijden die oorspronkelijke goede schepping en het paradijs op een geweldige wijze beschreven. Om heimwee naar te krijgen! Een heimwee die inderdaad uitdrijft naar het kruis van onze Verlosser, waar alleen dat heimwee vervuld kan worden, omdat daar de zonde in haar volle ernst is gedragen en wordt weggedaan. Bij al ons nadenken over schepping en evolutie, theologie en natuurwetenschap, staan we hier voor feiten waar ons denken alleen vanuit kan gaan, maar geen veranderingen kan aanbrengen.
Tot slot nog dit: naar mijn mening is voor het nadenken over de schepping de beweging van Intelligent Design zeer te waarderen en te gebruiken, juist vanuit het weten dat de feitelijke situatie van de huidige natuur alles te maken heeft met de Schepping Gods in den beginne. Ook al is de zondeval ertussen gekomen: ‘het intelligente ontwerp’ is niet ‘de’, maar wel ‘een’ heenwijzing naar de wijsheid van de Maker van het Al!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 februari 2006

De Waarheidsvriend | 14 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 februari 2006

De Waarheidsvriend | 14 Pagina's