Aandacht voor financiële planning
INGEZONDEN
Ik heb kennisgenomen van de inhoud van het artikel over stille armoede in de pastorie (16 maart jl.). Zelf ben ik tot voor kort administrerend ouderling-kerkrentmeester geweest, en ik houd me nog steeds bezig met de boekhouding binnen onze gemeente. In mijn dagelijkse werk houd ik mij bezig met Financiële Planning.
Broeder Vergunst begint het artikel met te stellen dat predikanten, wat hun inkomen betreft, niet tot de minima van de Nederlands samenleving behoren. Op basis van cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) heb ik gekeken wat in Nederland het gemiddelde inkomen is van personen die gedurende een heel jaar werk hebben, hoofdkostwinner zijn en actief deelnemen aan het arbeidsproces. In deze cijfers zijn dus gepensioneerden, parttimers, arbeidsongeschikten, etc. weggelaten. Deze cijfers heb ik vergeleken met de basistraktementen van predikanten, dus zonder rekening te houden met vergoedingen. Ook heb ik geen rekening gehouden met de overige inkomsten van een predikant in verband met bijvoorbeeld extra preekbeurten.
Wat blijkt nu? Het ‘kale’ inkomen van een predikant varieert van 1,08 maal het gemiddelde (voor een beginnend predikant) tot 1,85 maal het gemiddelde voor een predikant die aan het einde van zijn ‘periodieken’ is gekomen. Dat is bijna tweemaal ‘Jan Modaal’. En toch horen wij over een brandbrief die is verzonden, en voorbeelden die er niet om liegen.
Ik ben er voorstander van dat een college van kerkrentmeesters, als goed werkgever, z’n verantwoordelijkheid neemt op het moment dat de nood aan de man is bij een predikant. Maar dit soort oplossingen moeten uitzonderingen zijn en geen gewoonte. Bovendien moet niet alleen sprake zijn van het tijdelijk dichten van een gat, maar van een meer structurele oplossing.
Een meer structurele oplossing is mogelijk door (bijvoorbeeld) tijdens de opleiding enkele colleges te wijden aan het onderwerp Financiële Planning. Het is van belang aandacht te besteden aan hetgeen op een predikant afkomt, ook in financiële zin. Hij krijgt te maken met de belastingdienst, het voeren van een (zij het eenvoudige) boekhouding en wellicht op den duur ook met studerende kinderen. Indien het ontbreekt aan enige financiële planning, zal men al snel door de bomen het bos niet meer zien, waarna de problemen vanzelf komen. Ten slotte zal een predikant vanaf zijn eerste gemeente er rekening mee moeten houden dat op het moment dat het emeritaat ingaat, hij zelf voor een andere woning zal moeten zorgen. Dit zijn slechts enkele voorbeelden die er voor pleiten meer aandacht te besteden aan het onderwerp Financiële Planning. Het moet geen probleem zijn vrijwilligers te vinden die dit willen verzorgen, terwijl de bewustwording die dit met zich meebrengt, veel ellende kan voorkomen.
A.E. WILLEMSEN, (MASTER OF FINANCIAL PLANNING), SOMMELSDIJK, A.EWILLEMSEN@FREELER.NL
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 maart 2006
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 maart 2006
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's