De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De PThU, na een forse verbouwing

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De PThU, na een forse verbouwing

IMPRESSIE VAN DE SYNODE [2]

7 minuten leestijd

Was het omdat het onderwerp wat ver van de meeste synodeleden afstaat? Kwam het omdat de materie best ingewikkeld is? Nee, alom heerste de mening dat de synode op 7 april de nota over de stichting van een Protestantse Theologische Universiteit (PThU) unaniem en veel sneller dan gepland aanvaardde, vanwege het vakwerk dat de Raad van Toezicht onder leiding van prof. F.A. van der Duyn Schouten geleverd had. Per 1 januari 2007 komen de drie predikantsopleidingen bestuurlijk nu onder één dak.

Op weg naar de vorming van de Protestantse Kerk in Nederland besteedde de synode weinig aandacht aan de organisatiestructuur van de opleidingen. Wel werd besloten de activiteiten aan de Gemeentelijke en de Vrije Universiteit in Amsterdam en aan de Universiteit Groningen af te bouwen. Anders dan bij de Christelijke Gereformeerde Kerken met hun Theologische Universiteit in Apeldoorn, de Gereformeerde Kerken Vrijgemaakt met hun Theologische Universiteit in Kampen of de Gereformeerde Gemeenten met hun Theologische School in Rotterdam is er in hervormde gemeenten minder zicht op – en daarom ook minder betrokkenheid bij – de opleiding van de aanstaande dienaren van het Woord, toch zo cruciaal voor de voortgang van het werk in de gemeenten.
Zou het gemiddelde gemeentelid weten dat dr. G. van den Brink, die zondags de gemeenten in de prediking dient, door de kerk als docent dogmatiek benoemd is? Zou hij of zij veel meer weten dan dat vanuit onze beweging de hoogleraren A. de Reuver, W. Verboom en J. Hoek hun werk in Utrecht, Leiden en Kampen doen? Daarom besteden we in een tweede bijdrage naar aanleiding van de synodebesluiten aandacht aan de vorming van de PThU.

Vervagende nestgeur|
Wat is de situatie momenteel?
Allereerst dat het Theologisch Wetenschappelijk Instituut in een duplex ordo structuur (waarbij zowel de openbare faculteit godgeleerdheid als de kerk verantwoordelijkheid draagt voor een aantal vakken; de kerkelijke opleiding is daarbij formeel gesproken een opleiding bij de openbare faculteit) in Utrecht en Leiden een kerkelijke opleiding aanbiedt, die volgt op een driejarige bacheloropleiding en een eenjarige masteropleiding aan beide staatsfaculteiten.
Daarnaast dat het Evangelisch-Luthers Seminarie van Amsterdam naar Utrecht verplaatst is.
Ten slotte dat de Theologische Universiteit Kampen zowel een driejarige bachelor als een driejarige masteropleiding aanbiedt.
De aanvaarde voorstellen betekenen dat tot de PThU gaan behoren een driejarige bachelor- en een driejarige masteropleiding in Kampen, terwijl in Utrecht en Leiden er sprake is van een duplex ordo nieuwe stijl: een driejarige bachelor die de openbare faculteit verzorgt, een driejarige master die de PThU verzorgt. Hiermee sluit de Protestantse Kerk aan bij nieuwe regelgeving van het ministerie van onderwijs en wetenschappen op het gebied van de inrichting en de bekostiging van wetenschappelijk onderwijs. Voor de opleidingen samen is met name de schaalvergroting winst. Het wetenschappelijk onderzoek wordt erdoor versterkt en ook de inzetbaarheid van wetenschappelijk personeel is eenvoudiger.
In zijn inleidende woorden ter synode zei prof. Van der Duyn Schouten dat uit de besprekingen die vooraf met kerkelijke instanties gevoerd zijn, er wel een beduchtheid bleek dat de hervormde, gereformeerde en lutherse nestgeur te snel zou vervagen.

Verlies en winst
Van der Duyn Schouten legde in zijn rede gewicht in beide schalen. Allereerst erkende hij de weemoed dat de klassieke duplex ordo na meer dan 125 jaar voorbij is, dat aan het bestaan van de Theologische Universiteit in Kampen uit 1854 een einde komt, dat het luthers seminarium (een op 5 december 1816 gegeven cadeau van koning Willem I) ophoudt te bestaan en dat het seminarium Hydepark haar onafhankelijkheid verliest. Maar de balans schoot voor hem in positieve zin door, omdat het wisselgeld een ‘robuuste en duurzame structuur van de predikantsopleiding is, waarvan enerzijds de kerkelijke oriëntatie is gewaarborgd en die anderzijds in voldoende mate in rapport staat met de ontwikkeling van wetenschap en maatschappij. Ze stelt de Protestantse Kerk in Nederland in staat predikanten af te leveren die niet alleen in staat zijn geestelijke leiding te geven binnen de kerk, maar ook in een missiologische betrokkenheid in gesprek kunnen blijven met de wereld om ons heen.’

Bijzonder hoogleraren
Synodeleden moesten van goeden huize komen om gaten in het betoog van de Raad van Toezicht te schieten. Ds. I. Fritz zei dat de lutherse synode waardering uitte voor de vorming van de PThU, ook omdat er garanties ingebouwd zijn voor de voortgang van datgene waarvoor het luthers seminarie bedoeld was.
Mevr. ds. K. van den Broeke (classis Leiden) bepleitte aanwezigheid van de kerkelijke opleiding aan een algemene universiteit, in een bredere academische context.
Diaken A.J. Heij (classis Brielle) vroeg naar de positie van de bijzonder hoogleraren, met name degenen die door de Gereformeerde Bond benoemd zijn.
Mevr. ds. L.G. Bos (classis Schiedam) onderstreepte de vrijheid van de theologische wetenschap. ‘Het is goed om te kunnen studeren zonder direct bevraagd te worden op je loyaliteit aan het instituut kerk.’
Mevr. ds. A. Haasnoot (classis Tiel) vroeg aandacht voor de werving van studenten: ‘Hoe speelt het geroepen zijn door de Heer ook mee? Als dit niet ervaren wordt, worden de problemen in het ambt groter.’
Kerkelijk hoogleraar dr. H.P. de Roest erkende dat er een creatieve geest vaardig geworden was over de universiteitsbestuurders en waardeerde het dat ook in de leerinhoud de missiologische opdracht terug te vinden was.
In zijn beantwoording zei prof. Van der Duyn Schouten dat er voor de bijzonder hoogleraren niet zoveel wijzigt. ‘De Gereformeerde Bond kan bepalen of ze hen aan de openbare faculteit of aan de PThU wil benoemen. De PThU is uiteraard in hen geïnteresseerd, zodat er meer te kiezen is.’ In lijn hiermee mogen we de uitspraak van scriba dr. B. Plaisier zien, die zei ‘niet zo gecharmeerd te zijn van de ontwikkelingen aan de faculteiten, waar theologie soms een subfaculteit wordt.’

Huiswerk
Met bovenstaande besluiten ligt er niet alleen veel huiswerk voor de universiteitsbestuurders, die de tweejarige kerkelijke opleiding in Leiden en Utrecht moeten omvormen tot een zelfstandige driejarige master, die een nieuwe bestuurlijke structuur moeten vormen die aan de eisen voor overheidsbekostiging voldoet, die de activiteiten van Theologisch Seminarie Hydepark moeten samenvoegen met vergelijkbare activiteiten binnen de opleidingen.
Er ligt óók huiswerk voor het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond, dat overigens voor deze synodevergadering hiermee al een aanvang nam. De vraag waarvoor we ons gesteld weten, gaat om meer dan om de toekomstige personele invulling van onze leerstoelen in Leiden en Utrecht, nu prof. Verboom en prof. De Reuver beiden 64 jaar zijn. Die personele invulling is overigens ook geen geringe verantwoordelijkheid, ooit door prof. A.J. Bronkhorst op formule gebracht met de uitspraak: ‘Waar zijn uw Bogermannen?’, refererend aan de naam en het gezag van de preses van de Dordtse synode. Zijn ze er, de gepromoveerde theologen die in een voluit gereformeerd samengaan van wetenschap en vroomheid voldoende toegerust zijn om het geheel van de kerk te gaan dienen in een wetenschappelijke setting? Om blijvend Bogermannen te kunnen voortbrengen, hebben we te staan naar een klimaat in de gemeenten, waarin de wetenschappelijke beoefening van de theologie in aanzien blijft. Laat de betrokkenheid op dit werk in de gemeenten levend mogen blijven, biddend of God niet alleen mannen geeft die de leerstoelen van de Gereformeerde Bond kunnen bezetten, maar vooral ook aan het gereformeerd belijden verbonden theologen die door de synode benoemd kunnen worden.

Gunstige plaats
Ons huiswerk gaat echter verder dan concrete benoemingen, maar bevat ook de bezinning op de plaats waar de leerstoelen in een veranderende onderwijsstructuur kunnen worden ‘aangehaakt’. Het beleid zal er op gericht zijn om op die plaats aanwezig te zijn die het meest gunstig is voor de ontmoeting met de aanstaande dienaren van het Woord. Dat dit behalve bij de openbare (sub)faculteiten godgeleerdheid na 1 januari 2007 ook bij de PThU mogelijk is, is door prof. Van der Duyn Schouten publiekelijk uitgesproken.
Zorg voor de opleiding van de aanstaande dienaren van het Woord – dat is méér dan een jaarlijkse collecte of gift voor het Leerstoelfonds, hoe noodzakelijk die ook zijn. Dat is vanuit een betrokken houding meeleven met wat er gebeurt aan theologische faculteiten, waar vanuit de overtuiging dat in de Bijbel de stem van de levende God klinkt, vorming voor het ambt plaatsheeft, maar waar helaas ook theologen doceren die deze overtuiging niet delen. De desastreuze gevolgen van de theologische invloed van prof. Kuitert en veel anderen zij tot schaamte voor de kerk in Nederland genoemd.
Het leert ons dat in de academische context evenzeer sprake is van verbreiden en verdedigen van de waarheid van de Schriften, hopende op verdieping voor allen die in deze arbeid staan. Zo mogen we ons leerlingen van Calvijn weten, die het ‘vierde ambt’, dat van de doctor in de theologie, een volwaardige plaats in de kerk gaf.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 april 2006

De Waarheidsvriend | 14 Pagina's

De PThU, na een forse verbouwing

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 april 2006

De Waarheidsvriend | 14 Pagina's