De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De boetseerder en het leem

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De boetseerder en het leem

Gaan wij bepalen wat kwaad is?

5 minuten leestijd

Gaan wij bepalen wat kwaad is?

Beste Roelof,

Over de discussie Boer-Berkhof zal ik net als jij kort zijn. Volgens mij is elke vraag uit ongeloof geboren onwettig en elke vraag geboren uit aangevochten geloof legitiem. Die vragen kunnen zo diep gaan als die van Asaf, waarbij slechts de trouw aan het geslacht van Gods kinderen hem door het dal heen helpt. Misschien een reden voor ons om de eenheid van de gelovigen als het lichaam van Christus weer meer in het oog te vatten.

Dan het eigenlijke thema van deze discussie: God, mens en kwaad. Ik stem volledig met je in dat God geen kwaad kan gedogen. Het staat van meet af onder Zijn oordeel. Maar peilen we de heiligheid van God voldoende als wij gaan bepalen wat kwaad is? Is kwaad niet wat God kwaad noemt en onder Zijn oordeel stelt? Juist daarom zou ik Gods goedheid en Zijn almacht niet zo tegenover elkaar zetten dat je kunt zeggen: ‘Dat God almachtig is, heeft wel beperkingen.’ Gods almacht kent geen perken, evenmin als Zijn goedheid. Als er iets beperkt moet worden, is het, zoals jij terecht zegt, onze nieuwsgierigheid. Ik zou het nog sterker zeggen: ons oordeel. Wij menen te makkelijk dat wij moeten oordelen over goed en kwaad, en dat we dat oordeel zelfs over God kunnen uitstrekken. De goedheid van God is wat Hij goed noemt en dat is wat Zijn wezen is. Of wij dat kunnen inpassen in ons oordeel, is een tweede. Vorige week zondag was ik in Zuid-Afrika in de kerk. Daar kwam de bekende vraag aan de orde of het niet onrechtvaardig is als al die mensen die nog nooit van Jezus hebben gehoord, verloren gaan. Het antwoord van de predikant was heel duidelijk: Gods oordeel is altijd rechtvaardig. Daarover hoeven wij niet te gaan. Er gaat niemand verloren zonder dat God hem rechtvaardig oordeelt. En er komt ook niemand vanwege een administratieve fout in de hemel. Laten we dus het oordeel maar aan God overlaten.

De vraag heeft een ander aspect dat jij aan de orde stelt: dat van de menselijke vrijheid en de zonde. Want mensen doen het kwade dat door God niet is gewild. Zij zijn er zelf voor verantwoordelijk. Hoe zijn die twee te rijmen? Ook hier kom je tot een soort verkaveling. Je volgt Berkhof in zijn gedachte dat Gods goedheid zo groot is dat Hij de mens vrijheid en daarmee de mogelijkheid tot de verkeerde keuze gaf. Deze gedachte gaat uit van de idee dat God en mens van dezelfde categorie zijn. Waar een daad wordt verricht, is het óf God óf de mens. God en mens worden zo in een concurrentiepositie gesteld. De keerzijde daarvan is dat God en mens ook partners kunnen zijn, zoals Berkhof sterk benadert. Deze benadering is in de moderne tijd erg in trek. God wordt onze vriend, Jezus onze grote broer.

De hele tendens om God en mens op gelijk niveau te zien is zichtbaar in de Arminiaanse tendens die de protestantse theologie in toenemende mate doortrekt. We worden volgens Paulus opgeroepen onze zaligheid met vreze en beven te bewerken, omdat het God is die beide het willen en het werken werkt. Arminianisme zoekt hier naar verkaveling: God een beetje, wij een beetje. God en mens als bondgenoten.

Waar blijft dan de heiligheid van God? Is Hij niet geheel anders dan wij? Het was in de klassieke theologie een goede these dat God als eerste oorzaak niet als de eerste van de tweede oorzaken kan worden beschouwd. Sinds de moderne tijd is dat veranderd. God is onzer een geworden. In die context is het goed nog maar weer eens op het leem en de pottenbakker te wijzen. We hebben geen recht te vragen: ‘Waarom hebt Gij ons zo gemaakt?’ Zal ook het leem met zijn Vormer twisten? (Jes. 45:1). ‘Of moet de boetseerder op één lijn gesteld worden met het leem?’ (Jes. 29:16).

Dat houdt voor mij in dat wij ons bij het oordeel van de almachtige God moeten neerleggen. Als Hij ons schuldig verklaart, zijn wij schuldig. En Zijn oordeel is een werkzaam oordeel: het máákt ons schuldig. We zijn niet schuldig op grond van een hogere wetgeving, waaraan ook God zou zijn onderworpen, waarbij we zelf ook al die conclusie hadden kunnen trekken. We zijn zondaar louter en alleen, omdat God ons als zondaars oordeelt. Voor de reine is alles rein, voor de onreine is alles onrein.

Het gebrek aan besef van Gods heiligheid in de kerk drijft mij ertoe Zijn almacht steeds meer te beklemtonen. Daarmee samen hangt de tendens om de mens een hoge positie te verschaffen. We moeten niet aan onze menselijke waardigheid komen. Onderschat niet hoezeer het moderne denken over humaniteit en mensenrechten ook de gereformeerde traditie heeft doortrokken. Daar zou ik in een volgende brief jouw oordeel graag over horen: Wat is de mens? En dan inderdaad in het perspectief van Psalm 8: ‘Wat is de mens dat Gij zijner gedenkt?’ Daar zit mijn verzet: tegen het optimisme over de mens; tegen de cultuur van menselijke mogelijkheden en menselijke rechten; tegen onze zelfhandhaving. Ooit heeft ds. J.H. Vlijm op de zendingsdag van de GZB een preek gehouden over Psalm 9:21: ‘Laten de heidenen weten dat zij mensen zijn.’ Het heidendom is dat wij onze plaats niet weten: stervelingen: en dat wij stof van jongs af zijn geweest. Vanwaar dan toch die drang om de mens te handhaven als het beeld van God? Vanwaar die drang om dan tenminste onze zonde nog als een eigen initiatief te zien in plaats van als een oordeel Gods?

Op de vraag van Christus en de Schrift hoop ik volgende keer in te gaan.

Bram van de Beek

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 mei 2006

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

De boetseerder en het leem

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 mei 2006

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's