De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De Geestesdoop van Pinksteren

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Geestesdoop van Pinksteren

Geen aparte visie van Lukas en Paulus

8 minuten leestijd

De Geest van de wedergeboorte en bekering, die ons aan onze zonde, schuld en onmacht ontdekt en de nauwe geloofsband met Christus legt en verdiept, is tegelijkertijd de Geest van vrijmoedigheid en profetische kracht. Dat concludeert prof. J. Hoek, als hij ingaat op visies over de doop met de Geest in evangelische en reformatorische kring.

Op de grote Pinksterdag waarvan Handelingen 2 ons verhaalt, begint de vervulling van wat Johannes de Doper heeft aangekondigd: 'Hij die na mij komt en sterker is dan ik, zal u dopen met de Heilige Geest en met vuur' (vgl. Luk. 3:16). De Heere Jezus legt zelf vlak voor Zijn hemelvaart de verbinding tussen deze woorden van Johannes en het grote gebeuren dat voor de deur stond: ‘Want Johannes doopte wel met water, maar gij zult met de Heilige Geest gedoopt worden, niet lang na deze dagen’ (Hand.1:5).
Kernachtig schrijft dr. J. van Eck in zijn commentaar op het boek Handelingen: ‘De doop van Johannes en zijn prediking benaderen de mensen van buitenaf met het doel om binnen te komen. De doop die Jezus zal verrichten, bewerkt een bezieling die de dingen van binnen uit naar buiten doet komen.’
Het gaat dus om innerlijke bezieling door de Geest, een vuur dat in de harten brandt en waarvan de vlammen uitslaan naar buiten in getuigenis met profetische kracht. Door de Geest van Pinksteren worden de gelovigen met heilige bezieling doordrenkt. Om die bezieling mag en moet het ons ook te doen zijn, wanneer we in 2006 het heilsfeit van Pinksteren gedenken en vieren. Tegelijkertijd staat de volkomen vervulling nog uit. De grote vuurdoop van de jongste dag, reinigend voor de gelovigen en verterend voor de ongelovigen, verwachten we nog.

Discussie over Geestesdoop
Er is er veel discussie over de betekenis van de term ‘doop met de Heilige Geest’. In de vorige jaargang van dit blad schreef ds. C.H. Hogendoorn (Waverveen) enkele artikelen over de doop met de Geest. Hij plaatste de visie hierop in de evangelisch-charismatische beweging tegenover de reformatorisch-gereformeerde visie.
Kenmerkend voor eerstgenoemde benadering is de omschrijving van de Geestesdoop bij R.A. Torrey als een herkenbare ervaring die in de regel niet samenvalt met, maar na korter of langer tijd volgt op de wedergeboorte. Er zijn dan twee fasen: Eerst het tot geloof komen en zo behouden worden, vervolgens het ontvangen van de Geestesdoop die bekwaam maakt tot de dienst in het koninkrijk van God. Er zouden twee soorten christenen zijn: Zij die nog niet en zij die al wél deze doop ontvangen hebben. Vanouds gold in de Pinksterbeweging het spreken in tongen als het bewijs van het gedoopt zijn met de Geest.
Ds. Hogendoorn plaatst hiertegenover het klassiek-gereformeerde standpunt: De doop met de Geest is geen extra die ons bovenop de wedergeboorte geschonken wordt. Het is onjuist te stellen dat ‘Pinksteren’ zich moet herhalen in het leven van de gelovigen. Wél dient er aandacht te zijn voor een voortgaand leerproces in het geloofsleven, een al dieper leren kennen van Christus. In de weg van volhardend gebed en van strijd tegen de zonde in afhankelijkheid van de Heilige Geest zal de Geest krachtig doorwerken. Wie in ontvankelijkheid alles van Christus verwacht, krijgt diezelfde heilige bezieling en vrijmoedigheid tot getuigen die in Handelingen 2 aan de orde is.

Uniek heilsfeit
Ds. J.A. van den Berg (Stedum) merkt in reactie op de artikelen van Hogendoorn op dat wedergeboorte en doop met de Heilige Geest niet noodzakelijk heilsordelijk behoeven samen te vallen. Er kan bijvoorbeeld een kennisachterstand zijn opgetreden, zoals bij de discipelen in Efeze (Hand. 19). Het gaat bij de doop met de Geest volgens hem niet om het behoud als zodanig, maar om vruchtbaar of met kracht getuigen. Het gaat om een overweldigende ervaring van de liefde van Christus die mensen tot getuigen in staat stelt en daartoe bereid maakt. Ds. Hogendoorn stemt daarmee in, maar onderstreept het verschil tussen ‘doop’ en ‘vervulling’ met de Geest. De christen is zodra hij of zij tot geloof is gekomen, gedoopt met de Geest, maar moet voortdurend vervuld worden met de Geest (De Waarheidsvriend, 2005, 346, 347).
Ik onderstreep dat het bijbelse spreken over dopen met de Heilige Geest in de eerste plaats ziet op het unieke heilsfeit van Pinksteren. Daar en toen is de kerk van het Nieuwe Testament gedoopt met de Geest en met vuur. God heeft op Pinksteren zijn Geest in volheid aan de kerk geschonken. De Geest is eens voor al gegeven aan de bruidsgemeente om in haar te wonen tot op de jongste dag. Let wel, het gaat hier om de Geestesdoop van de kerk en niet in de eerste plaats van individuen. Je kunt hieraan niet ontlenen dat een speciale ‘Geestesdoop’ met tekenen van tongentaal en dergelijke voor iedere gelovige beschikbaar is en door elke kind van God gezocht moet worden. In het Nieuwe Testament zijn geen aanwijzingen te vinden dat er in de normale situatie van de kerk na Pinksteren twee categorieën gelovigen zijn, namelijk zij die wél en zij die níet de doop met de Heilige Geest ontvangen hebben. Ieder mens die Christus in geloof aanvaardt, deelt vanaf dat moment persoonlijk in de Geestesdoop van de kerk. Waar de Pinksterbeweging spreekt van een tweede en hoger niveau bij sommige gelovigen, stellen de nieuwtestamentische brieven daar het ene hoge niveau van de gemeente in Christus tegenover.
Alle christenen hebben bij hun wedergeboorte de Geest ontvangen. Wie de Geest niet heeft, komt Christus niet toe (Rom. 8). Daarbij tekent het Woord ons ook de blijvende kruísgestalte van de kerk. De Geest start geen emancipatieproces dat stoere christenen voortbrengt die op eigen benen kunnen staan. Gods adelstand kent blijvend de bedelstand, gelovigen weten dat Christus’ kracht in hun zwakheid wordt volbracht.

Bijdrage van Robert P. Menzies
In februari jl. was ik in de gelegenheid aan de Vrije Universiteit de bekende Pinkstertheoloog dr. Robert P. Menzies te horen spreken (vgl. het boek Geest en kracht. De theologie van de Pinksterbeweging, Utrecht 2005, dat hij samen met zijn vader William W. Menzies schreef ). Menzies betoogt dat de reformatorische theologie Lukas te veel leest door een paulinische bril. We moeten Lukas meer voor zichzelf laten spreken. Bij Lukas zou de doop met de Geest en het werk van de Geest niet bestaan in bekering en wedergeboorte, maar uitsluitend in de bekrachtiging van gelovigen tot een effectief getuigenis in deze wereld. Dit in tegenstelling tot het paulinische spreken in bijvoorbeeld 1 Korinthe 12:13. Volgens Menzies spreekt het Nieuwe Testament over twee verschillende ‘dopen met de Geest’, de paulinische en de lukaanse. De reformatorische theologie zou uitsluitend de benadering van Paulus honoreren, terwijl de Pinksterbeweging oog heeft voor de eigen inbreng van Lukas en daardoor completer recht doet aan het werk van de Geest in de gemeente.
Menzies benadrukt dus dat Lukas een andere ‘theologie van de Geest’ had dan Paulus. Pinksteren was voor de christenen wat de Jordaan was voor Jezus, stelt Menzies. In de Jordaan werd Jezus gezalfd, gedoopt met de Geest van de profetie, zodat Hij zijn taak geleid en vervuld door de Geest kon vervullen in profetische kracht. Zo ontvangen de discipelen de Geest der profetie op de Pinksterdag. Deze gave van de Geest ziet niet op innerlijke reiniging en heiliging, maar op toerusting tot de taak die in de wereld wacht om ten overstaan van vijandige en onverschillige mensen dapper de naam van Jezus te belijden als de enige Naam onder de hemel gegeven tot zaligheid.

De rijkdom van Pinksteren
Menzies heeft ten dele gelijk, ten dele ongelijk. Lukas legt inderdaad eigen accenten en wij dienen hem uit te laten spreken en niet voortijdig in de rede te vallen. Het gaat inderdaad volgens Lukas bij het werk van de Geest om God’s empowering presence (Gordon D. Fee), aangegord worden met kracht van omhoog. Daarbij staat de missionaire roeping centraal. De kerk van Jezus Christus dient getuige te zijn vanuit Jeruzalem tot aan de einden der aarde. Deze roeping kan zij vervullen dankzij de Geestesdoop.
Het gaat echter te ver om te spreken van aparte visies op de Geest en zijn werk bij Lukas enerzijds en bij Paulus anderzijds. In werkelijkheid betreft het accenten die elkaar aanvullen. De Geest van de wedergeboorte en bekering, die ons aan onze zonde, schuld en onmacht ontdekt en de nauwe geloofsband met Christus legt en verdiept, is tegelijkertijd de Geest van vrijmoedigheid en profetische kracht.
Staan we niet te weinig stil bij de rijkdom die ons in Christus geschonken is? Zijn we niet te weinig doordrongen van onze roeping om wervend getuige te zijn van de Heiland? We gaan dan trouw naar de kerk, maar zijn nauwelijks bewogen met de nood van de wereld. We zijn eenkennig met onszelf bezig en in onszelf gekeerd. Uiteraard is dat persoonlijke element legitiem en volstrekt onmisbaar, maar het mag niet in mindering komen op de uitvoering van onze opdracht tot getuigenis in woord en wandel. Anders treedt een vorm van ongehoorzaamheid op en wordt de Geest bedroefd. De rijkdom en kracht van de Geestesdoop van Pinksteren wordt ondervonden in de weg van de gehoorzaamheid. Wie in diep doorleefde afhankelijkheid de hand aan de ploeg slaat in het koninkrijk Gods, zal verwonderd staan over de machtige werken van de Geest.
Kom, Schepper, Heilige Geest, doorwaai de hof van Uw kerk!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 juni 2006

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

De Geestesdoop van Pinksteren

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 juni 2006

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's