Belediging van de Heilige Geest?
MEDITATIE: HEBREEËN 10:29B
De laatste tekst over de Heilige Geest in de Hebreeënbrief staat in direct verband met afwijzing van het heil in Christus. De volheid daarvan is hen verkondigd en de gemeente deelde ook daarin. Dreigde ze af te vallen en Christus bloed onrein te achten? De genade van de Heilige Geest te smaden? In niet mis te verstane woorden, maar wel betrokken, maakt de schrijver dat duidelijk.
… en de Geest der genade smaadheid heeft aangedaan?
De Heilige Geest heeft in deze brief, zoals we reeds zagen, verschillenden benamingen. Eerder werd Hij de eeuwige Geest genoemd. Figuurlijk gezien staat Hij voor het sprekende Woord uit het Oude Testament (Hebr.3:7; 10:15). In onze tekst wordt Hij de Geest der genade genoemd. Het woord genade komt in de brief in verschillende geledingen voor. Er wordt zelfs mee geëindigd: ‘De genade zij met u allen.’ (13:25) Genade is hét kernwoord en hét begrip, meent de schrijver, van Gods betrekking in Christus op weerbarstige mensen. Dit wordt in de context van de brief zo royaal mogelijk omschreven. De Heilige Geest wordt hiermee direct verbonden, als de totaliteit van Gods heil. Genade is niet beperkt tot een enkele persoon, maar de ganse gemeente van de Hebreeën deelt erin. Dat ‘delen in’ maakt het juist zo schokkend dat het kennelijk mogelijk is die genade af te wijzen.
Deelhebben en smaden
De Hebreeën hadden deel aan de hemelse roeping (3:1). Hadden deel gekregen aan de Heilige Geest (6:4), doordat ze Christus deelachtig geworden waren (3:14). Of om het met de woorden van onze tekst te zeggen: Geheiligd in het bloed van het Nieuwe Testament. De praktijk in de gemeente wordt echter sterk uitgedrukt, namelijk het onrein achten van het bloed van Christus. Daarmee is direct verbonden het smaden of beledigen van de Heilige Geest met het daarmee gepaard gaande oordeel. Kan dat dan? Er is toch geen afval der heiligen? Wij hebben dit dogmatisch opgelost door scheiding te maken tussen een inwendige en uitwendige roeping. Zij die uitwendig geroepen zijn, vallen af en de inwendig geroepenen volharden op basis van de verkiezing. Zo kunnen we de spanning die in de Hebreeënbrief zich aandient, doorknippen met onze dogmatische schaar. Die schaar laten we liever even liggen. De volle spanning van het heil komt in levende taal beschreven op ons af. Want de schrijver ziet het gebeuren, het vertreden, het onrein achten en smaden is een levende werkelijkheid. De zinnen die hij neerschrijft, gloeien van persoonlijke betrokkenheid en ernst. Hij roept de gemeente op in een viermaal achtereenvolgend‘Laat ons dan ...’ (10:22-25).
Laat ons dan….
Duidelijk wijst hij de weg aan, om God te zoeken in de volle zekerheid van het geloof. Hij wijst op de Heere, Die getrouw is. Dat hebben jullie toch beleden, houdt dát vast. Vervolgens roept hij op tot praktische liefde in goede werken en om de onderlinge bijeenkomsten niet na te laten. Zouden dit de kenmerken zijn van afval, … ook nu? Beledigen we zo de Heilige Geest, vertreden we Christus en achten we Zijn bloed zo onrein? Door God niet meer te zoeken in waar geloof. Door alles in twijfel te trekken. De Heere, die het beloofd heeft niet meer vertrouwen? Het loslaten van de belijdenis van Jezus Christus als enige hoop, want er zijn immers zoveel Jezus-visies. Niets is meer zeker. Pluraliteit ten top. Is de gemeente waarvan u deel uitmaakt anders dan die van de Hebreeën? De betrokkenheid in de gemeente? Ook de liefde staat op een laag pitje. De kerkgang verslapt. Tijdens en na de openbare geloofsbelijdenis zo getrouw, zowel de morgen- als de avonddienst. Toen werd alleen de morgendienst nog bezocht en ten slotte bleven de plaatsen leeg. In een pastoraal bezoek werd bekendgemaakt dat er niets meer gevoeld werd in de kerkdienst en dat men het een beetje gehad had met de gemeente. Bovendien is de wekelijkse werkdruk hoog en verlangt men naar een vrij weekend waarin niets moet. Trouwens, religie buiten de kerk is ook goed mogelijk. Geloven is immers een privé-zaak, een goed gevoel doet veel en men laat zich vooral niets gezeggen. Vertaald naar ons postmoderne leefmilieu, maar wel in het kader van onze tekst. Kent u ze? U nam samen met hen deel aan de belijdeniscatechisatie. De schrijver wilde geen uitgewerkt dogmatisch exposé neerzetten. Maar laat vanuit zijn geestelijk blikveld de nood zien, hoe het met belijdende leden kan gaan. Laat ons dan ...
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 juni 2006
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 juni 2006
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's