De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

God niet in onze wereld trekken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

God niet in onze wereld trekken

Verharding van Farao was Gods werk

6 minuten leestijd

Beste Roelof,

Jouw vragen en tegenwerpingen helpen mij om de thematiek nog verder te verhelderen, niet alleen voor de lezers maar ook voor mijzelf. Het gaat hier om de meest fundamentele vragen van de theologie en we komen daar nooit mee klaar. We kunnen alleen enkele lijnen trekken, maar die zijn dan ook fundamenteel. Eigenlijk kun je zeggen dat alle ketterijen ontspruiten aan het niet goed in acht nemen van de meest basale theologische lijn: die van het onderscheid tussen God en mens. En daarover gaat onze discussie.

God is God en de heidenen moeten weten dat zij mensen zijn. (Ps. 9:21) De heidenen (ook de heiden in ons) lijken voortdurend te vergeten dat de hemel des Heren is (Ps. 115) en dat zij niet ten hemel kunnen opklimmen. De mens is uit de aarde, aards. God en mens zijn dus van een geheel andere orde en je kunt God en mens niet optellen, uitspelen, hun terreinen verkavelen, of alles waarin we denken in termen van een gemeenschappelijk speelveld. Zelfs als we het hebben over 100 % God en 0 % de mens, denken we nog in dit model.

Wat zeggen we over God? De belijdenis wijst de weg. Ik belijd niet op mijn eentje maar in de gemeenschap met de kerk van alle eeuwen: ‘Wij geloven in één God, de almachtige Vader, Schepper van hemel en aarde, van alle zienlijke en onzienlijke dingen.’ God is één. Dat wil niet alleen maar zeggen dat Hij de enige is, maar ook dat Hij alles omvattend is. Hij is overal en altijd de zelfde. En Hij is de Almachtige. Die belijdenis is in de moderne tijd steeds meer aangevochten. Er is niets wat buiten Gods wil omgaat. God schept niet een vrij speelveld voor de mens. Dit betekent ook dat Gods spreken beslissend is. Dat betreft alles, niets uitgesloten.

De mens is van een ander niveau. Hij is uit de aarde aards. Op dat niveau heeft God Zijn geboden gegeven, is er menselijke verantwoordelijkheid, worden mensen beoordeeld en veroordeeld, is er geluk en verdriet, is er goed en kwaad. Het is de wereld zoals God die ingesteld heeft, op grond van Zijn scheppende woord. Het is Zijn woord dat al deze dingen maakt en daarom zegt de catechismus terecht dat geen ding ons bij geval overkomt, maar altijd uit de hand van God.

In de praktijk van ons gelovig spreken houden we die twee niveaus niet altijd precies uit elkaar. Dat is ook niet erg. Al het menselijke spreken en handelen is beweeglijk en het wordt een ramp, als we elke zin die we uitspreken eerst op een goudschaaltje moeten gaan wegen om precies alle onderscheidingen helder te houden voor de wantrouwige hoorder. Taal is functioneel en heeft betekenis in een bepaalde situatie.

In dat perspectief moet je mijn opmerkingen over het duistere in God en God die vuile handen maakt, zien. Dat is taal uit het aardse vertoog. De Schrift doet trouwens niet anders. Als ik het heel precies zou willen zeggen, zou het zoiets moeten zijn als: ‘God beslist over alles en Hij is ook degene die in het aanzien roept datgene dat wij kwaad en duister en vuil noemen – en wat volgens het oordeel van God in deze wereld dat ook is.’ Bijbels komen we het dichtst bij deze gedachte als het gaat over de verharding van Farao’s hart. Dat is Gods werk, zegt Exodus. (4:21) God heeft het zelf zo gewild en gekozen. Dat ontneemt echter Farao niet zijn schuld. Het eerste heeft te doen met God: Hij is de Almachtige, die gebiedt en het staat er, zelfs het verharde hart van Farao. Het tweede heeft te doen met het oordeel over de aarde: Farao is een tiran en schuldig en wordt vernietigd door het water. Wie die twee samen wil verklaren, wil God verklaren. God neemt altijd redenen uit zichzelf en wie die wil beoordelen, wil verder reiken dan God.

Waarom het mij nu gaat is, dat in de hedendaagse theologie de Godheid van God in het geding is en dat Almacht, Verkiezing, Vrijmacht niet meer serieus worden gehouden. Dan wordt God in onze wereld getrokken en moet Zijn oordeel en handelen aan onze criteria onderworpen worden.

Deze vrijmacht van God betreft zowel regen en droogte als zondaar en rechtvaardige. Het is niet voor niets dat wat wij als het ‘natuurlijke kwaad’ en het ‘morele kwaad’ onderscheiden, in de Schrift in één lijn liggen. Zo moet de melaatse een schuldoffer brengen. (Lev. 14) Dat is niet, omdat zijn melaatsheid het gevolg is van zijn zonde (dat is de verkeerde conclusie als van de Farizeeën bij de blindgeborene in Joh. 9), maar omdat beide horen bij een wereld waar het leven niet meer goed is en geen toekomst heeft. Van deze wereld redt het offer met het water en het bloed. Het is deze wereld waarin zonde is, maar die tegelijk Gods maaksel is. Psalm 103 brengt die allemaal samen en we zingen die uit volle borst. Maar als ik jouw reactie lees, dan denk ik: ‘Weten we dan wel wat we zingen? ’ Of begrijpen we het in de eredienst beter dan achter het bureau?

In de leer van de Heilige Geest (die geen andere God is dan die Éne) ligt dit niet anders: wij geloven enkel en alleen vanwege Zijn werk. Ook hier bestaat er een tendens te denken en te preken alsof we gered worden om ons geloof en niet door het geloof, dat niet meer is dan een door God gegeven werkelijkheid waarin Hij ons in het leven stelt. Geloof is niet onze daad maar Gods schepping, door de Heilige Geest, die Heere is en levend maakt. Ook dat verkiezende werk van de Geest staat onder druk.

Ik stel voor dat we het de volgende keer hebben over de christologie. Daar kunnen dan zowel de trinitarische spreiding als de vraag van het lijden en de straf van God in de dood van Christus aan de orde komen, alsmede art. 20 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis. Wil jij daartoe nog eens aangeven hoe jij de eenheid van God en Christus ziet en de vervulling van de Schrift in Christus?

Bram van de Beek

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 juli 2006

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

God niet in onze wereld trekken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 juli 2006

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's