Boeken in de koffer
Wie van lezen houdt, droomt er van om in de vakantie aan zijn trekken te komen. Meestal ligt er ergens een stapel ongelezen boeken in huis. Die moeten mee, de koffer in. En dan maar hopen dat je er aan toekomt. De redactie van het tijdschrift voor theologie, cultuur en politiek in de Waagschaal schotelt zijn lezers elk jaar vlak voor de vakantie haar keus voor en noemt dat dan het Boekennummer (1 juli 2006). Het is altijd interessant om kennis te nemen van wat anderen lezen en aanbevelen. Ook al verschillen smaken in de keus van wat je leest, soms word je op een idee gebracht. Ik maak voor u een keus uit het aanbod.
Om te beginnen vraagt ds. At Polhuis aandacht voor het boek van Betsy Udink, Allah en Eva en noemt dat ‘een moedig boek’. Polhuis verwijst in zijn artikel naar de discussie over de islam in ons eigen land. Udink doet verslag van reizen die zij door Pakistan maakte. De discussie over de islam wordt zo in een bredere context geplaatst dan alleen de Nederlandse. ‘De onder ons levende aanhangers van de Islam maken deel uit van een wereldwijde beweging. Dat vergeten we nogal eens als we het multiculturele debat in Nederland voeren’, aldus Polhuis.
In vrijwel elk hoofdstuk van haar boek laat Udink dat de lezer ervaren. Zij reist kris kras door heel Pakistan. Soms kan je je ogen niet geloven als je leest wat zij schrijft. Vrouwen die zonder enig pardon, verbrand worden. Geen incident maar veelvuldig voorkomende praktijk. Dat alles met de zegen van de islamitische geestelijken. Hartstochtelijk rekent Udink af met het idee dat respect voor vrouwen in de Islam het uitgangspunt is. Onder dat mom worden vrouwen en meisjes gekleineerd en geschoffeerd. Het zet de discussie in Nederland over de handdruk van Verdonk en Beatrix in een heel ander licht.
Schokkend zijn de verslagen over de zogenaamde koranscholen waarin jongetjes geïndoctrineerd worden. In ongeveer vijf jaar leren zij de koran uit hun hoofd. Dat wil zeggen, zij leren de teksten zonder enig benul van de inhoud van de teksten. De teksten worden er veelal letterlijk ingeramd door leraren die op hun beurt ook geen idee hebben wat de vreemde Arabische woorden die zij geleerd hebben, betekenen.
Ook de idee dat de Islam voor de armen van de wereld het nog enige reële alternatief voor het westerse kapitalisme is, wordt door haar onderuit gehaald. Zij beschrijft hoe zij op haar reizen de verrijking en de minachting voor het lot van de armen ziet. Rijke islamitische heersers die grote gebieden voor hun privé hobby’s gebruiken met instemming van de plaatselijke islamitische geestelijkheid en bestuurders. Het idee wordt door hen met alle retoriek in stand gehouden, maar is in de praktijk dekmantel voor verwaarlozing en desinteresse voor de noden van de bevolking.
Uit haar boek blijkt een geweldige kloof tussen onze wereld en de wereld van de Islam, waarvan ook een groot deel van de onder ons levende moslims deel uit maken. Niet alleen een kloof, maar vijandigheid. Het Westen is de boosdoener, terwijl de bovenlaag in alle opzichten ervan profiteert. Alles wat met het westen enigszins verbonden is, heeft het zwaar in Pakistan. Dat geldt ook voor de kleine christelijke minderheid en de islamitische oppositie. Nu kan men tegenwerpen dat dat alles met de Islam zelf niets te maken heeft. Het gaat hier om volksgebruiken. Het kan zo zijn, maar het reisverslag van Betsy Udink geeft voorbeelden te over hoezeer de Islam zich met deze gebruiken moeiteloos verbindt. Er is nauwelijks sprake van een actief vanuit de kern van de Islam tegenspreken van de mensonterende zaken die zij op haar reizen tegenkwam.
Het boek van Udink is een waarschuwing om de non-participatie van grote groepen Moslims in onze samenleving niet te veronachtzamen. Het waarschuwt ons ervoor de oorzaak daarvan niet alleen bij onszelf te zoeken, maar ook en misschien wel juist bij Moslims zelf. Haar boek laat er geen twijfel over bestaan dat dat een stevig gesprek zal zijn. Betsy Udink heeft een indrukwekkend en moedig boek geschreven. Lezen dus!
A.A. Spijkerboer schrijft in zijn Redactioneel dat hij ergens las dat ‘de Islam een godsdienstige laag is, die over veel plaatselijke gebruiken – en misbruiken – is heen geschoven, zonder dat daarin verandering kwam of komt’.
Er is nog een boek waarvan de redactie van In de Waagschaal vindt dat het een plaats in de reiskoffer verdient. We bespraken het al eerder in ons blad. Het is het boek van de journalist Willem Oosterbeek – Gordel van God – een voettocht langs ’s Heeren wegen. Ds. S.L. Schoch las en schrijft er een nogal ludiek leesverslag over.
Hoe komt Nederland aan zo’n wonderlijke veeg over de kaart? De geleerden weten het niet, er zijn allerlei gissingen, sommigen zeggen dat uit de tachtigjarige oorlog stamt, anderen dat het manifest is geworden in de negentiende eeuw. Wel is duidelijk dat de intensiteit nog toeneemt. Veel dorpen hebben de oude kerk in het midden met aan de rand een groot nieuw kerkgebouw van de Gereformeerde Gemeente. De ‘refo’s’ zijn springlevend, hoewel de uitverkiezing in hun vaandel staat en berusting de praktijk is. Wie er wel en wie er niet in de hemel komt, staat ‘van den beginne’ vast. Maar een bekering is nodig als bewijs dat je aan de goede kant zit. Die bekering houdt in dat je een persoonlijke omgang met God hebt. Ik ben twee jaar consulent geweest van een gemeente van de Gereformeerde Bond. Een belevenis. Het was daar beslist geen zwartekousenkerk, wel werd er niet-ritmisch gezongen en bij het gebed in de dienst stonden de ouderlingen. Maar men wilde beslist in de PKN blijven. Er werd stevig gepreekt, niet dreigend en scheldend.
De preken in de Bible Belt, zo hoor ik van Oosterbeek, gaan helemaal niet over de teksten die zijn voorgelezen, ja twee à drie minuten, maar dan komt de boosheid van de wereld ter sprake, zoals elke week, en het verschil met de kerk waarvan men is afgescheiden. Wat dat betreft kan het soms zo op de spits gedreven zijn dat de spikkeltjes op een stropdas aanleiding voor een scheuring werden. Oosterbeek haast zich af en toe na de dienst naar de uitgang om buiten diep adem te halen. Zelf herinner ik me een dienst in Garderen waar niet werd gezongen maar bezwerend werd gegalmd en dat ik ’s middags toen ‘ze’ weer in de kerk zaten, ben gaan hardlopen om dat geluid kwijt te raken. (…)
Peter Gielissen maakte eind jaren negentig een documentaire over de bevindelijk gereformeerden in Opheusden. Het blijkt nu opnieuw dat het zeer veel moeite kost ergens binnen te komen, het lukt ook eigenlijk niet. Wel bij een zware dominee. 'Nee bezoek is eigenlijk niet het goede woord, het was meer een audiëntie”' schrijft Oosterbeek; maar wat hij waardeert is de zorg voor elkaar. De mensen zijn vaak niet verzekerd. Als één van hen iets overkomt, zorgen ze er met elkaar voor. 'Een belangrijk nadeel vind ik de vroege indoctrinatie. De kinderen worden al op zeer jonge leeftijd bang gemaakt. Als ze vier zijn, horen ze dat ze verdoemd zijn. Op een enkele geroepene na. Dat levert grote somberheid op'.
In Meerkerk gaat een man nader in op een ‘bekeringservaring’, hij zag een keer een flauw licht: 'deze belevingen kwamen uit mijn hart. Dat is heel iets anders dan bij de geleerde mensen waar alles uit het verstand komt'. Daarmee raakt hij de kern van het bevindelijk gereformeerd geloof, want vooral de emotie telt, niet het intellect. Het gaat om de persoonlijk gevoelde relatie met het opperwezen. Die relatie is uniek en is een kwestie van geloven. Die man vertelt trouwens ook nog van een zeer aardse ervaring; als jongen zat hij een keer in een samenkomst van een conventikel in het gehucht Pinkeveer, achter een volumineuze boerin, twee uur lang. 'Zij verspreidde een speciale geur; ik vond dat zeer erotisch en de genade kwam er die zondag bekaaid af '.
In Ottoland leeft de herinnering nog dat bij de Doleantie de gegoede burgers meegingen en dat alleen ‘rommel’ achterbleef in de Hervormde Kerk, dit in tegenspraak met Kuypers ‘de kleine luiden’.
Dordrecht. Een Stad. In de Grote Kerk staat een maquette van het gebouw waar de Synode van Dordt werd gehouden. Je ziet de banken vol stijf geklede mannen met hoge zwarte hoeden. Daar werd geformuleerd dat de mens geneigd is tot alle kwaad en gelukkig ook dat Jezus onze verlosser is. De Dordtse leerregels, de Heidelbergese catechismus en de Nederlandse geloofsbelijdenis, ze vormen de hoeksteen van het bevindelijk gereformeerde geloof. In Capelle aan den IJssel, een dorp opgeslokt door verstedelijking, vertelt een man aan Oosterbeek dat wie niet tijdens zijn leven een bekeringsmoment doormaakt tot zijn laatste adem in onzekerheid blijft over de uitverkiezing: ben ik verdoemd of niet? Een vraag die wat in de lucht blijft hangen met de Euromast, Erasmusbrug en Van Brienenoordbrug op de achtergrond. Een vraag die verbleken moet bij het kruis van Golgotha op de voorgrond.
De eilanden op. Wandelend van Goes naar Middelburg stelt Oosterbeek zich de vraag: of je bevindelijk bent of niet, of je er gevoelig voor bent, het moet toch aan je karakter liggen? Net als geloven. 'De één is nu eenmaal eerder geneigd iets voor waar aan te nemen dan de ander'. In Oostkapelle op Walcheren eindigt Oosterbeeks tocht. Hij krijgt gezelschap van Chris Wisse, die het laatste eindje meewandelt: 'De samenleving was vroeger nog doordesemd van de Reformatie. Vooral aan het begin van de vorige eeuw was Nederland een door en door gekerstende samenleving. Daar is weinig meer van over. De Bijbel is zo waardevol voor onze maatschappij. Maar Nederland heeft geen ruggegraat meer, geen waarden en normen'.
Uit eigen leeservaring weet ik dat Oosterbeek een nobele poging heeft gedaan de refo-wereld vanuit haar eigen intenties weer te geven. Wie zich tot deze wereld rekent, zal zich niet in alle opzichten recht gedaan voelen: een veel te eenzijdige belichting van de diepste bedoelingen. Je kunt ook zeggen: zo komen we dus over naar buiten toe; geven we daar wellicht zelf aanleiding toe?
Voor wie de aangehaalde boeken wil lezen:
Betsy Udink;
Allah en Eva.
Uitg. Augustus, ISBN 90 457 000 77.
Willem Oosterbeek;
Gordel van God.
Uitg. Inmerc, ISBN 90 6611 674 9.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 juli 2006
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 juli 2006
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's