Gedurig gebed tot God
OP WEG MET DE ANDER 25 JAAR [ 2 ]
In de reeks ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van 'Op weg met de ander' schrijft Erwin Hout over Gods hand in zijn leven en de betekenis van de gemeente.
Als een warm bad. Zo voelde de betrokkenheid van de leden van de Ridderkerkse wijkgemeente Singelkerk, nadat ik op 9 juni 1993, op 19-jarige leeftijd, mijn nek gebroken had. Na een ongelukkige val in ondiep water brak ik mijn vierde en vijfde nekwervel, hetgeen de complete beschadiging van mijn ruggenmerg tot gevolg had. Ik had een hoge dwarslaesie. Ik was vanaf dat moment volledig verlamd. Ondanks de zorgen en het verdriet heb ik me bijna nooit eenzaam en wanhopig gevoeld. Ik heb in de tijd die ik in het Dijkzigt ziekenhuis in Rotterdam en in het Revalidatiecentrum De Hoogstraat in Utrecht doorbracht, letterlijk ervaren dat er ‘een gedurig gebed van de Gemeente tot God ging’. In deze periode van vijftien maanden is de gemeente betrokken gebleven. Dagelijks ontving ik tientallen kaarten en brieven met even zoveel gemeende en bemoedigende woorden. Meer dan vijfduizend in totaal! Iedere dag kwamen er mensen op visite om uiting te geven aan hun medeleven en betrokkenheid. Er kwamen er zelfs zoveel dat mijn ouders vanaf de eerste week een planlijst bij moesten houden om ervoor te zorgen dat er niet te veel mensen tegelijk zouden komen.
Bijzondere zorg
Ook toen de revalidatietijd voorbij was en het moment van de definitieve terugkeer naar huis was gekomen, heb ik mij gesterkt gevoeld door de betrokkenheid vanuit de gemeente. Door de kerkenraad is gezorgd dat zowel de kerk als het verenigingsbouw toegankelijk werden gemaakt voor mensen in een rolstoel en er waren meerdere mensen die hun hulp aanboden bij allerlei praktische zaken. Niet alleen in de helpende handen die werden uitgestoken, maar ook in de mogelijkheden die ik kreeg om zelf mijn steentje bij te dragen aan het gemeentewerk, heb ik Gods bijzondere zorg via Zijn gemeente mogen ervaren.
Al tijdens mijn revalidatie werd ik gekozen in het bestuur van de JV. Eenmaal thuis werd ik geregeld gevraagd mijn bijdrage te leveren bij de organisatie van allerlei activiteiten. En dat is doorgegaan tot op deze dag. Momenteel ben ik voorzitter van de GZB-commissie en mag ik als kringleider betrokken zijn bij het bijbelkringwerk.
Oog voor het zwakke
Natuurlijk realiseer ik me dat niet iedere lichamelijk of verstandelijk gehandicapte op dezelfde wijze in zijn of haar gemeente zal integreren. Integratie is een zaak van twee partijen. Als gehandicapte zelf kun je daar een grote bijdrage aan leveren door je actief op te stellen, eerlijk en open te zijn over je mogelijkheden en over je onmogelijkheden. Maar dit mag nooit betekenen dat de gemeente het laat afweten, omdat ‘die jongen in die rolstoel er zelf niet naar vraagt’ of omdat ‘het lastig is om die extra inspanning te leveren om dat gehandicapte meisje haar eigen plaats in de gemeente te geven’.
Het is de hoge roeping van de gemeente om om te zien naar datgene wat in onze ogen zwak is. ‘Indien één lid lijdt, zo lijden alle leden’, zegt Paulus in 1 Korinthe 12 en ‘Ja veeleer, de leden waarvan wij menen dat zij de zwakste van het lichaam zijn, die zijn nodig’. God heeft oog voor het zwakke. Dat is een fundamenteel beginsel van ons geloof. De gemeente behoort dat ook te hebben. Beschouw elkaar als volwaardig en wees elkaar tot een hand en een voet.
Goed luisteren
De vraag die wellicht bij u rijst, is: ‘Hoe geef ik concreet invulling aan
Volgende week deel 3 in deze serie: Petra Vennink uit Gouda.
mijn betrokkenheid bij de gehandicapte? Hoe kan ik iemand tot een hand of een voet zijn?’ Misschien heeft u als antwoord wat aan de volgende vier kernwoorden: door het hebben van een open oog, een open oor, een open hand en een open hart.
Een open oog ziet mensen in hun nood, zorg, onzekerheid of kwetsbaarheid en gaat daar op een integere manier mee om.
Een open oor zoekt iemand op en luistert naar wat iemand nu echt bezighoudt, zonder dat het direct klaar staat met allerlei gemakkelijke adviezen. Goed luisteren is een kunst, die het open oor beheerst.
De open hand gaat tot actie over zonder betuttelend te zijn. Hij helpt en zorgt voor hulp. Natuurlijk in goed overleg met de gehandicapte zelf, die over het algemeen prima in staat is aan te geven wat hij wel en wat hij niet wil.
Het open hart ten slotte stopt niet bij één of twee keer voor iemand te hebben klaargestaan. Nee, het open hart blijft betrokken en wordt keer op keer gedreven om er voor de ander te zijn. Gedreven door de liefde van Christus.
Zijn belofte
De liefde van Christus. Daar wil ik graag mee afsluiten. Gods bijzondere zorg en trouw is onbeschrijfelijk. Betekent dat het lijden ons bespaard blijft? Nee, niet altijd. In mijn geval niet en dat geldt voor zeer velen. Het betekent wel dat de Heere nabij wil zijn. Toen de arts in het Dijkzigt mij vertelde dat ik ‘vanaf mijn schouders verlamd was en voortaan in een rolstoel door het leven zou moeten’, toen heeft de Heere tot mij gesproken: ‘Ik ben je Herder. Ook al ga je door een dal van de schaduw van de dood, Ik ben met je. Mijn stok en Mijn staf, die vertroosten je’. Een belofte die Hij heeft waargemaakt tot op deze dag. Niet één keer heeft Hij me in de steek gelaten. Altijd heeft Hij gezorgd. Hij draagt me nu ik niet meer lopen kan en Hij houdt me op de been door Zijn belofte van een hemels koninkrijk: ‘Alsdan zal de kreupele springen als een hert.’ Woorden schieten te kort.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 september 2006
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 september 2006
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's