Band met vrienden belangrijk
DE VRAGEN VAN JONGVOLWASSENEN [ 1 ]
In Rouveen is pastoraal bijzondere aandacht voor jongvolwassenen in de leeftijd van 18 tot 25 jaar. Zij worden als een afzonderlijke groep gezien. In twee artikelen geven we er aandacht aan.
In de kerk van Christus mag ieder lid zijn of haar eigen plaats ontvangen: ‘Ware het gehele lichaam het oog, waar zou het gehoor zijn? Ware het gehele lichaam gehoor, waar zou de reuk zijn? Maar nu heeft God de leden gezet, een iegelijk van dezelve in het lichaam, gelijk Hij gewild heeft’ (1 Kor. 12:17-18).
Vanuit deze wetenschap, vanuit deze eenheid in verscheidenheid, wordt er diverse malen een oproep gedaan om aandacht te schenken aan bijvoorbeeld de ouderen, de jongeren, of de kinderen. Men denkt dan aan de kerkdienst (Kunnen de kinderen de preek volgen? ), aan het pastoraat (Denken wij ook om de ouderen? ) of aan het jeugdwerk (Sluiten wij wel voldoende aan bij de leefwereld van de jongeren?).
In dit artikel wil ik de aandacht vragen voor de groep van jongvolwassenen in de leeftijd van 18 tot en met ongeveer 25 jaar. Vanuit mijn werk als kerkelijk werker in de hervormde gemeente Rouveen ben ik in aanraking gekomen met deze leeftijdsgroep. Het opzetten van jongvolwassenenwerk behoort naast catechesewerk en pastoraal bezoekwerk tot mijn taken aldaar. Hoe meer ik met jongvolwassenen in contact kwam, hoe meer ik bemerkte dat het zeer belangrijk is om deze groep personen in een christelijke gemeente te kennen en te erkennen als een afzonderlijke doelgroep, aangezien zij als ‘groep’ soms dreigen onder te sneeuwen.
Nadere bezinning
In deze bijdrage zal iets verteld worden over de ontwikkelingsfase van jongvolwassenen, hun plaats in de kerk en hun persoonlijke geloofsbeleving. Vervolgens wil ik in een vervolgartikel bespreken hoe in de hervormde gemeente Rouveen het contact met deze jongvolwassenen wordt gezocht/ onderhouden en wat de mogelijkheden en moeilijkheden in het jongvolwassenenwerk zijn.
Het is erg pretentieus om in een artikel over bijvoorbeeld dé geloofsontwikkeling van jongvolwassenen en dé mogelijkheden in het jongvolwassenenwerk te spreken. Een of twee artikelen laten hier de ruimte niet toe en het is natuurlijk ook de vraag of de schrijver dezes hiervoor de capaciteiten bezit. Een derde reden voor de noodzaak tot bescheidenheid is dat ik alleen vanuit de specifieke situatie van de hervormde gemeente Rouveen kan spreken. Ik hoop daarom dat dit specifieke verhaal een aanzet mag geven tot nadere bezinning over de situatie van jongvolwassenen in uw eigen kerkelijke gemeente.
Wie zijn jongvolwassenen?
Zoals ouderen niet meer ‘zo oud lijken als vroeger het geval was’ en kinderen ‘tegenwoordig heel anders zijn dan vroeger’, zo zijn ook de jongvolwassenen niet meer ‘zoals vroeger’. Jongvolwassenen trouwen bijvoorbeeld vaker op latere leeftijd. Een onderverdeling van deze leeftijdsfase in ‘jonge gezinnen’ en verder ‘enkele vrijgezellen’ is dus zeker niet juist. Doordat jongvolwassenen vaker op latere leeftijd trouwen, bevinden zij zich in een heel eigen levenssituatie.
De band met vrienden is bijvoorbeeld veel belangrijker dan wanneer men in een gezinsrelatie met een huwelijkspartner en mogelijk ook kind(eren) staat. In Rouveen bemerkt men hoe vriendengroepen bij de ongehuwde jongvolwassenen een zeer groot stempel zetten op hun levenspatroon, normen en waarden en de relatie tot de kerk. ‘Gaan de vrienden niet naar een gemeente-activiteit, dan ga ik zeker niet!’ Maar ook: ‘Natuurlijk gebruikt men geen drugs. Niemand van mijn vrienden gebruikt drugs.’ Natuurlijk was het belang van vriendengroepen reeds een bekend verschijnsel bij jongeren, maar mijns inziens verschuift dit belang van vriendengroepen ook steeds meer tot de tijd van jongvolwassenheid. Vrienden, uitgaan, vakantie, voor zowel jongeren als jongvolwassenen zijn dit belangrijke items.
Zelfstandigheid
Een gedeelte van de jongvolwassenen woont op zichzelf. Jongvolwassenen zijn dan ook vaak zelfstandiger dan vroeger. (Hoewel zelfstandigheid natuurlijk een ruim en ook relatief begrip is.) Het is bijvoorbeeld niet meer vreemd dat een mannelijke jongvolwassene voor zichzelf kookt en de was doet. Veel dingen doet men alleen. Of met vrienden. Een grote zelfstandigheid vormt een uitdaging: je mag alles zelf bepalen! Een grote zelfstandigheid vormt echter soms ook een bedreiging: je moet alles zelf bepalen! De opvoeding van ouder(s)/verzorgende(n) heeft men ontvangen, maar nu zullen de eigen keuzes moeten volgen. Het lastige hiervan is dat die eigen keuzes moeten worden gemaakt, terwijl men zich in een totaal andere situatie bevindt dan vader of moeder en de generatie boven hen. Terwijl opa en oma soms nog maar een enkele keer in ‘een grote stad’ zijn geweest, komt hun jongvolwassen kleinzoon foto’s laten zien van wolkenkrabbers in New York. Terwijl vader of moeder alleen het islamitische of hindoeïstische geloof van televisie of krant kent, worden de jongvolwassenen geconfronteerd met een heel scala aan opvattingen en meningen over religie via vrienden, internet en de werkvloer. Terwijl de generaties boven hen druk bezig zijn of bezig zijn geweest met de verschillende kerkelijke richtingen en hun vermogen over hebben gehad om een kerkelijke richting te behouden, zien jongvolwassenen het als een ‘hopeloze discussie’ en begrijpen zij niet waarom er zoveel kerken zijn.
Kortom: de vanzelfsprekendheid van geloof, kerkelijke richting, normen en waarden, levensinrichting en levensvervulling die de generaties boven hen mogelijk (nog) ervaren, is voor de jongvolwassenen, die als geen ander midden in de samenleving staan, weggevallen. Ontzuiling, secularisatie, het verdwijnen van de vaste kaders en identiteiten, de betekenis van deze woorden ervaren de jongvolwassenen waarschijnlijk nog veel intenser dan de generaties boven hen. De moeilijkheid is hierbij echter dat zij de tijd waarin de vaste kaders en identiteiten zo belangrijk waren, soms nauwelijks gekend hebben. ‘Waar hebben ze het over? Wat is het probleem?’ Van hieruit is te begrijpen waarom jongvolwassenen zich soms in de gemeente niet herkend weten, op een grotere afstand van het kerkelijke leven komen te staan en uit het oog dreigen te raken.
Kerkdienst
Na in hun jeugd zo’n zes jaar catechisatie te hebben gevolgd, stoppen veel jongvolwassenen met het volgen van catechisatie. ‘Ik ben lang genoeg geweest’. Door een gedeelte van de jongvolwassenen wordt belijdenis van het geloof afgelegd, door een ander – vaak groter – gedeelte meestal niet. Waar gaan de jongvolwassenen dan heen? Niet naar de mannen- of vrouwenvereniging of gemeenteavonden, want daar gaan de vrienden ook niet heen. Gelukkig wel vaak naar de zondagse erediensten, maar wanneer men op zichzelf woont, wordt dit wel heel gemakkelijk minder! ‘Ach, waarom zou je gaan’, zo vroeg menig jongvolwassene aan mij. ‘Het gaat altijd over hetzelfde.’, zei een ander. ‘Er verandert nooit iets.’ ‘Ik weet niet of het zin heeft.’ En: ‘Ik geloof wel, maar dan op mijn eigen manier. Ik heb de kerk er eigenlijk niet bij nodig.’
Er zijn ook jongvolwassenen die zich actief inzetten in het gemeentewerk en die zeggen dat zij de wekelijkse voeding van de kerkdienst nodig hebben(!). Toch laten de bovenstaande opmerkingen wel duidelijk iets zien van de jongvolwassenen: zij hebben vragen, die niet altijd worden opgemerkt. Natuurlijk: ‘Gods Woord overstijgt al ons vragen en van nature vragen wij niet naar God’, dus wij moeten vooral niet te veel focussen op onze eigen vragen, maar… kunnen wij de jongvolwassenen misschien wel helpen in hun vragen? Wat is onze reactie als predikant, ouderling, kerkelijk werker of ander gemeentelid? Kunt u hen bijvoorbeeld helpen in de vraag waarom men zou geloven? De meeste mensen geloven immers niet, waarom u dan wel?
En wat betekent geloven in praktijk? Ja, bidden, bijbellezen en naar de kerk gaan (de standaard antwoorden van catechisanten op deze vragen), maar hoe raakt dit uw persoonlijke existentie? Verandert de geloofspraxis u? En wat zegt het u dat u gelooft in Jezus Christus, terwijl duizenden mensen in onze omgeving dat niet doen?‘Als ik in Marokko geboren was…’ En hoe staat u eigenlijk in de kerkelijke wereld? Kunt u zeggen waarom u lid bent van de Protestantse Kerk in Nederland en bovendien misschien ook nog in zo’n ‘gereformeerde bondsgemeente’ kerkt, terwijl uw buurman gereformeerd-vrijgemaakt is? En waarom trouwens een oude bijbelvertaling, als op mijn werk van mij wordt geëist dat ik vooral in modern en correct Nederlands en Engels moet kunnen communiceren? Allemaal vragen.
Logische vragen
Verkeerde vragen? Mijns inziens zijn het logische vragen, wanneer de kaders van vanzelfsprekendheid zijn weggevallen. En trouwens – niet onbelangrijk om dit in het oog te houden! – hoe meer men met de ouders van jongvolwassenen in gesprek is, hoe meer men merkt dat het eigenlijk vragen zijn die iedereen in mindere of meerdere mate kent. De jongvolwassenen durven deze vragen echter te stellen en dat maakt het verschil. Het tweede verschil is echter ook dat zij, wanneer zij geen reactie op hun vragen krijgen, gemakkelijker afstand nemen van de kerk dan misschien vroeger. Want: ‘als een helpdesk je niet helpt, dan blijf je toch ook niet bij dezelfde internetprovider? Eigen schuld, wanneer dan het cont(r)act verbroken wordt.’
Duidelijkheid
We hoeven niet allerlei vernieuwingen door te voeren, nieuwe activiteiten te ontwikkelen en plannen op te zetten. Daar vragen niet alle jongvolwassenen om. Ze vragen echter wel om duidelijkheid. Waarom geloven? Waarom de dingen doen, zoals we ze doen? Jongvolwassenen vragen om gehoord te worden. Ze zijn geen onderdeel van de massa. Zij zijn geen volwaardige volwassenen in spe. Nee, zij zijn zichzelf. Met hun eigen vragen. Heel bijbels toch? Want: ‘ware het gehele lichaam het oog, waar zou het gehoor zijn? Ware het gehele lichaam gehoor, waar zou de reuk zijn? Maar nu heeft God de leden gezet, een iegelijk van dezelve in het lichaam, gelijk Hij gewild heeft.’
Volgende week zal nader worden ingegaan op de benadering van de jongvolwassenen als specifieke leeftijdsgroep.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 oktober 2006
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 oktober 2006
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's