BOEKBESPREKINGEN
Jürgen Moltmann: In het einde ligt het begin. Een kleine leer van de hoop. Uitg. Boekencentrum, Zoetermeer; 175 blz.; € 19,50. José M. Baars-Blom: De onschuld voorbij. Over reformatorische cultuur en wereldbestormende meisjes. Uitg. Kok, Kampen; 159 blz.; € 14,50.
Jürgen Moltmann:
In het einde ligt het begin. Een kleine leer van de hoop.
Uitg. Boekencentrum, Zoetermeer; 175 blz.; € 19,50.
Halverwege de jaren zestig kreeg de Duitse theoloog Jürgen Moltmann internationale bekendheid met zijn boek Theologie van de hoop, dat in korte tijd een bestseller werd. Hierin biedt Moltmann een geheel nieuw ontwerp van de theologie. Zij moet in haar geheel in het teken staan van de toekomst, vanuit de beloften van de God van de Exodus. Grote nadruk ligt daarbij op de ethiek; het handelen vanuit de hoop. Dit concept was in de jaren zestig en zeventig een sterke stimulans voor de theologie van de bevrijding in Zuid-Amerika en onder andere de milieubeweging.
Met Het komen van God (1995) legde Moltmann opnieuw een belangrijk boek op tafel over de christelijke eschatologie. In een aantal opzichten neemt Moltmann daarin nieuwe posities in dan in zijn eerdere werk. Opmerkelijk is vooral dat hij niet alleen ingaat op de verhouding tussen eschatologie en geschiedenis; Moltmann vraagt nadrukkelijk ook naar de betekenis van de laatste dingen voor het persoonlijke leven. Het werk van Moltmann heeft zo iets weg van een seismograaf; alle schokken en trends die de tijdgeest teweeg brengt – nu weer een wending naar het persoonlijke – laten hun sporen na en worden grondig verwerkt.
Het onlangs in het Nederlands vertaalde boek In het einde ligt het begin; een kleine leer van de hoop kan worden beschouwd als een uitwerking van Het komen van God maar dan zó dat ook niet-theologen het betoog kunnen volgen.
Of dat laatste helemaal gelukt is, waag ik te betwijfelen. De lezer moet wel over enige theologische bagage beschikken om Moltmann overal te kunnen volgen. Aan de andere kant doet de auteur zijn best theologisch jargon te vermijden. Dikwijls neemt hij daarom zijn toevlucht tot poëzie.
Gedachtig aan het woord van Franz Rosenzweig ‘christenen zijn eeuwige beginners’, zet Moltmann uiteen dat in ieder einde een nieuw begin verscholen ligt. ‘Het zal jou vinden als je het zoekt. Geef je vertrouwen niet op.’
Moltmanns boek valt in drie delen uiteen.
Deel I behandelt de kindertijd en de jeugd. Moltmann signaleert dat velen vandaag aan de dag krampachtig ‘altijd jong’ willen blijven. De kindertijd is immers de tijd waarin de toekomst open ligt. Maar – zo vraagt hij – zou het in werkelijkheid niet omgekeerd kunnen zijn? Dat het de vooruitzichten voor de toekomst zijn die ons jong maken, hoezeer de jaren ook gaan tellen?
Deel II gaat over de moed tot leven die de hoop in ons wekt. Ons leven is vol mislukkingen en rampen en wordt getekend door breuklijnen. Maar is dat het einde? Nee, in het einde van het ene ligt een nieuw begin. Zie bijvoorbeeld. de ballingschap in Babel en het begin van het Jodendom. Zie de catastrofe van Golgotha en het begin van het christendom. In het laatste deel van dit boek gaat Moltmann in op vragen rond het levenseinde: dood-oordeel-eeuwig leven. Wat betekent treuren en troosten eigenlijk? Citaat: ‘Wie diep rouwt, heeft sterk liefgehad. Wie niet kan rouwen, heeft nooit liefgehad.’ ‘Pas de geaccepteerde en doorleefde rouw herstelt na de dood de liefde tot leven.’
Het voert te ver om hier diepgaand op dit boek in te gaan. Moltmanns boek roept vragen op en ook tegenspraak. Maar In het einde ligt het begin is vooral een heel persoonlijk boek geworden, vol herinneringen, anekdotes en gerijpte inzichten. Een opmaat voor de langverwachte autobiografie die dezer dagen verschijnt. Je zou het ook een pastoraal boek kunnen noemen, waarin de nu tachtigjarige Moltmann naast zijn medemens gaat staan, hopend op God.
G. van Meijeren, Dirksland
José M. Baars-Blom:
De onschuld voorbij. Over reformatorische cultuur en wereldbestormende meisjes.
Uitg. Kok, Kampen; 159 blz.; € 14,50.
Ik begin maar met wat de uitgever op de flaptekst over dit boek vermeldt: Een luchtige, maar zorgvuldige beschrijving van de reformatorische cultuur van eindexamenkandidates 2005 uit Genemuiden, IJsselmuiden, Kampen, Staphorst en Urk op basis van antropologisch onderzoek. Zorgvuldig en ook respectvol is het onderzoek zeker. Bij luchtige lectuur denk ik trouwens toch aan wat anders. In de Inleiding betrekt de schrijfster de actualiteit bij haar onderzoek, als ze schrijft: Geloof is een hot item geworden, niet omdat in Nederland zo vurig wordt geloofd, maar omdat geloof onder vuur ligt. De weerstand tegen met name geïnstitutionaliseerde religie lijkt te verharden. Daar moet dan wel bij gezegd worden: Religie in haar orthodoxe variant.
Inderdaad: hoe orthodoxer de gelovige, des te groter lijkt de angst, of misschien moeten we wel zeggen de weerzin en weerstand die hij oproept. Dat heeft uiteraard te maken met de excessen van het fundamentalisme zoals dat in kringen van de islam gevonden wordt. Maar er is in onze samenleving ook spanning tussen de liberaal-maatschappelijke opvattingen en die in orthodox-christelijke kring, vindt mevr. Baars. Ze wil daarom in haar studie het beeld van de ‘oprecht gelovigen van welke pluimage dan ook genuanceerder naar buiten brengen dan veelal de gewoonte is’.
Doel van haar onderzoek was: de samenhang tussen de reformatorische cultuur en de studiekeuze van meisjes. Wat is reformatorische cultuur eigenlijk? Ze zoekt naar het mensbeeld binnen deze cultuur en betrekt daarin ook de schoolcultuur waarin de meisjes hun opleiding ontvangen (reformatorische scholengemeenschap Pieter Zandt).
Cultuur krijgt een mens mee door imitatie van ouders en andere ouderen in gezin en kerk en school. De schrijfster heeft talloze interviews gehouden in de kring van haar doelgroep. Daaruit bleek haar het volgende en je zou dat een van de kernen van het onderzoeksresultaat kunnen noemen: de wijze van communiceren over geloofsaangelegenheden is van invloed op het al dan niet overnemen van de cultuur, zodat de Bijbel en de Drie Formulieren van Enigheid de richtlijnen worden voor het dagelijkse leven. Hoe geslotener men is in kerk en gezin over de inhoud van het geloof, des te minder vindt er inhoudelijke overdracht plaats.
Tot slot citeer ik een belangrijke conclusie uit dit onderzoek: Het toenemende opleidingsniveau in reformatorische kring zal leiden tot emancipatie van vrouwen in de zin van gelijkstelling en het vertraagd navolgen van maatschappelijke ontwikkelingen.
J. Maasland, Barneveld
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 oktober 2006
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 oktober 2006
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's