In de leer bij Luther
Harde noten gekraakt op de steenrots Christus
Wat is het in deze tijd en in onze kerk toch hard nodig in de leer bij Luther te gaan. Dat is de conclusie na lezing van een bundel over de theologie van Luther, verschenen in door de Gereformeerde Bond uitgegeven Artiosreeks.
Kloppen op de tekst, schudden aan de boom – zo beschreef Luther, zijn omgang met de Schrift, de Bijbel die hem altijd weer verraste, zo begint prof. dr. J.P. Boendermaker hoofdstuk 12 van het boek In de leer bij Luther. Hervormd en luthers in dezelfde kerk. Toen ik dat las, kwam in mijn gedachten een beroemd woord van de reformator naar boven. Toen Luther, nog voor hij met zijn reformatorische gedachten naar buiten trad, colleges gaf over de Psalmen, kwam hij toe aan Psalm 71:2 ‘Red mij door Uw gerechtigheid'. Hij kan daar niet uitkomen. Gods gerechtigheid is in zijn denken nog Gods strenge rechtvaardigheid. Hoe kan die nu reddend zijn? Dan komt hij tot de indrukwekkende belijdenis: ‘Ik kan dit woord, deze harde noot, alleen kraken op de Rotssteen Christus!’ Dat zou heel zijn theologie bepalen: Van het hele Woord Gods is Christus de kern en alleen vanuit – en door Hem ben ik rechtvaardig voor God, door het geloof.
Bewogen met jongeren
Het boek In de leer bij Luther is een bundeling van artikelen die in De Waarheidsvriend verschenen zijn, nadat per 1 mei 2004 lutheranen en gereformeerden in één kerkverband samengaan: de Protestantse Kerk in Nederland.
Aan de auteurs is gevraagd: ‘Wat betekent het voor gereformeerde belijders als ze zich oriënteren op Luthers theologie? En welke appèl doet het op lutheranen in de Protestantse Kerk, als zij zich naar Luther noemen en zich inzetten om het lutherse erfgoed in het geheel van de kerk in te brengen?’ Met die vragen in het achterhoofd schrijven tien hervormd-gereformeerde predikanten en theologen over grote thema’s in Luthers leven en werken. Van prof.dr. W. Verboom is een bijdrage toegevoegd over de Kleine en de Grote Catechismus. Dat is een buitengewoon sympathiek en indrukwekkend hoofdstuk geworden, waarin ieder die het leest, duidelijk wordt hoeveel Luther eraan gelegen was om de harde noten, die hijzelf gekraakt had, als voedzame melk aan de kinderen te drinken te geven. Luthers bewogenheid met het heil van jongeren en van allen die door onkunde nog buiten de liefde van Christus staan, is heel groot geweest.
Aanzetten tot gesprek
Om dit boek te bespreken valt niet mee. Bovendien zijn er aan deze bundel eigenlijk al twee besprekingen toegevoegd. Allereerst wordt dus het woord gegeven aan de lutherse emeritus-hoogleraar prof. J.P. Boendermaker. Die bespreekt alle voorgaande hoofdstukken en spreekt er zijn waardering over uit dat in hervormd-gereformeerde kring zoveel kennis van Luther leeft en voor de positieve waardering, die de reformator krijgt in alle bijdragen.
Het laatste hoofdstuk is van drs. H.J. Lam, die een regel uit hoofdstuk 3 gebruikt als titel boven zijn bespreking van de voorgaande hoofdstukken Laat het maar ‘lutheren’. Hij vat alle bijdragen nog eens samen en geeft de aanzetten tot het gesprek tussen lutheranen en calvinisten binnen dezelfde kerk.
Persoonlijk houd ik niet van zulke slothoofdstukken in een boek, omdat je jezelf als lezer niet zo serieus genomen voelt en je de vragen aan de auteurs als het ware gedicteerd krijgt, maar ik wil wel zeggen dat de manier waarop collega Lam de vragen aan de orde stelt, zo warm en met respect voor de overige schrijvers is, dat mijn lichte ergernis toch wel wegviel.
Een veelzijdig en gevoelig man
Het boek begint met een beschrijving van Luthers leven. Ds. L.J. Geluk doet dat op een heel heldere wijze, onder de titel: Kruispunten in Luthers leven. Het is geen opsomming van historische feiten, maar het verhaal van Gods wonderlijke leiding in het leven van hem, die God gebruiken zou om de leer van het sola gratia, weer volop te doen horen. Luther wordt niet verheerlijkt maar duidelijk getekend als: ‘de dienaar van het eeuwig Evangelie, die uit de kerk gebannen werd en in de rijksban is gedaan, maar die mocht ingaan in de vreugde en het Rijk van zijn Heer en Meester.’
Het volgende hoofdstuk is van ds. J.J. Verhaar en heet: Met Rome gebroken of niet? Helder en duidelijk wordt aangetoond hoe Luther een reformatie van de Rooms-Katholieke Kerk begeerde en geen breuk daarmee. Het gezag van het Woord moest in de oude kerk weer voluit gelden. En kritisch klinkt de vraag in dit hoofdstuk of in het calvinisme niet heimelijk het hoogste gezag aan de ‘vroomheid’ wordt gegeven in plaats van het onvoorwaardelijke geloof in de kracht van Gods Woord.
In het hoofdstuk Rechtvaardiging: langs de makkelijkste en kortste weg schrijft ds. A. Beens niet alleen over Luthers worsteling met God, om alleen door het geloof rechtvaardig te zijn, maar de lezer voelt ook iets van de persoonlijke strijd, die iedere gelovige te strijden krijgt, waar de Geest met het Woord in je hart wil werken. ‘Op deze wijze dus wordt de ziel door het geloof alléén, zonder de werken, uit het Woord Gods gerechtvaardigd, geheiligd, van leugen gezuiverd, tot vrede gebracht, bevrijd en met alle goed vervuld en waarlijk tot een ‘dochter van God’ gemaakt, zoals Johannes 1:12 zegt: 'Hij heeft macht gegeven kinderen Gods te worden hun die in Zijn Naam geloven’.
Kerk en staat
Boeiend is het hoofdstuk over Luthers visie op de overheid en de samenleving, dat mr.drs. B.A. Belder schrijft onder de titel Rijk van God, rijk van de wereld. Hij laat zien dat Luthers opvatting van de staat een bevrijding betekende van de onbijbelse leer van de twee zwaarden, die de paus van Rome zou mogen hanteren. Spijtig vind ik wel dat in dit hoofdstuk niets gezegd wordt over het feit dat juist door deze leer Luther in Nederland uiteindelijk zo weinig aanhang kon vinden. In het boek Zicht op Calvijn heeft prof.dr. S. van der Linde destijds al geschreven dat de invloed van Calvijn op de Nederlanden, met name door zijn theocratisch ideaal, zoveel groter is geweest. Maar dit hoofdstuk geeft wel helder aan dat Luthers visie in een tijd van scheiding tussen kerk en staat een helder getuigenis is van de zegen die een christelijke overheid voor al haar onderdanen kan betekenen.
Prof.dr. W. Balke schrijft vervolgens over een andere harde noot, die Luther kraken moest. Evenals Zwingli en Calvijn moest ook Luther nadrukkelijk breken met de geest van hun tijd, het humanisme. Door Augustinus te bestuderen, heeft Luther de argumenten aangereikt gekregen, die hij nodig had in zijn strijd met Erasmus. In een prachtige slotzin vat prof. Balke wat hij ontdekte bij Luther samen met: ‘Gods genade is niet een hulpmiddel en aanvulling bij wat de mens tekort komt, maar is het een en al waarbij een mens kan leven en waarmee hij kan sterven. Sola Gratia.‘
Licht en schaduw
Dr. P.F. Bouter heeft de moeilijke taak op zich genomen om een zwarte kant van de reformator zo eerlijk mogelijk te belichten, onder de titel Harde barmhartigheid jegens Joden. Na zijn ontdekking van de absolute waarde van het Woord verwachtte Luther dat ook de Joden, die hij ook persoonlijk hoogachtte en waardeerde, met hem de ontdekking doen zouden dat Jezus de Messias is. Maar toen die bekering van Israël uitbleef, werd Luther harder en scherper en kwam hij tot uitspraken die na de holocaust van de twintigste eeuw zeer schokkend zijn om te lezen. Maar, zegt dr. Bouter terecht, het was uiteindelijk uit (blinde) liefde voor Israël en voor Israëls Heiland, dat de reformator zich heeft laten verleiden tot de uitspraken, die hij, als hij nu nog zou leven ongetwijfeld niet meer voor zijn rekening wilde nemen. Dat dit hoofdstuk in dit boek staat, bewijst de eerlijkheid waarmee de schrijvers Luther willen schetsen, niet als een protestantse heilige, maar als een christen van vlees en bloed.
Helaas zijn Luther en Calvijn op één punt het nooit eens geweest. Dat is over de daadwerkelijke aanwezigheid van Christus in de tekenen van brood en wijn in het Heilig Avondmaal. Ds. A. Baas schrijft over het grote belang dat Luther hechtte aan het Heilig Avondmaal. En hoe zijn leer een bevrijding betekende uit een sacramentsopvatting, waarin alle genade verdwenen was. In het gesprek over het Avondmaal kunnen wij ook van Luther veel leren. Al hoeven wij ons ook niet te schamen dat Calvijns leer van de aanwezigheid van de Heiland door de Geest ons bijbelser voorkomt dan Luthers consubstantiatie.
Eén bron
Ik doe tekort aan de bijdragen van drs. H. van der Belt, drs. J. Westland en ds. C. Stelwagen over respectievelijk Het gezag van de Schrift, Het kruis, dat is Luthers theologie en Bittere aanvechting in het geweten, als ik zeg dat die themata uitwerkingen zijn van al eerder aan de orde gekomen geloofszaken. In alle drie de bijdragen gaat het om Luther als een bevlogen, christocentrisch denkend en sprekend theoloog, die maar één bron heeft om uit te putten: het Woord.
U moet dit boek zelf maar aanschaffen en dan hoop ik dat u het, net als ik, in één keer mag uitlezen met de gedachte: ‘Wat is het in deze tijd en in onze kerk toch hard nodig in de leer bij Luther te gaan.’
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 november 2006
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 november 2006
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's