De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Een overtuiging uitstralen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Een overtuiging uitstralen

HOOGLERAAR IN LEIDEN [ 2 ]

8 minuten leestijd

Het was een hele overgang van het werk van een predikant naar de taak van een docent aan de universiteit. Het was al zo lang geleden dat ik zelf als student in de academische wereld verkeerde. Na bijna veertig jaar gingen de deuren weer open. De kansel maakte plaats voor de katheder. Ik prijs me evenwel gelukkig dat ik het doceren achter de katheder kon blijven combineren met het voorgaan in kerkdiensten, meestal tweemaal per zondag. Deze vervlechting komt zowel het een als het ander ten goede. Je ervaart zelf bij je taak in de vorming van aanstaande predikanten waar het om gaat.

Mijn plaats in Leiden
In Leiden doceren en studeren mensen, zoals gezegd, uit de volle breedte van de kerk. Wat dat betreft is er geen verschil met de opleiding in Utrecht en Kampen. Dat betekent dat men in aanraking komt met rechtzinnige, maar ook met niet-rechtzinnige denkbeelden. Een belangrijk punt is dan hoe je als docent met dit gegeven omgaat. In het leven van een predikant is er ook wel sprake van de aanraking met andere denkbeelden. Maar aan de universiteit maak je dit elke dag live mee.
Het is altijd mijn intentie en ook verlangen geweest om daar midden in te staan. Ik koos dus niet voor de positie van het isolement, maar voor die van solidariteit met het geheel. Waarom koos ik daarvoor? Dat zal wellicht iets met mijn karakter te maken hebben, maar veel meer zag ik dit als een roeping van God. Allereerst moeten we niet denken dat wij van andersdenkenden niets kunnen leren. Als er één ding is dat ik heb moeten leren afleren, dan is het dat wel. Maar tegelijk was ik er vast van overtuigd dat de Heere mij juist daar wilde gebruiken, midden tussen de anderen in. Ik probeerde om zo te zeggen studenten niet te claimen voor de gereformeerde traditie, maar liet wel merken dat ik die gereformeerde traditie ontzaglijk liefhad en niets liever deed dan die overtuiging uitstralen.

Open, bescheiden, duidelijk
De houding die volgens mij het meeste zegen met zich mee brengt, is er een van openheid, bescheidenheid en duidelijkheid. Er dient openheid en respect te zijn voor anderen. Dat dienen studenten ook te leren. We dienen ook bescheiden te zijn en heel gewoon te doen. Maar we dienen wel duidelijk te zijn, juist als het gaat om de wezenlijke dingen. Als het gaat om de persoon van Jezus Christus, Zijn werk van verzoening en verlossing, het Schriftgezag en andere kernpunten meer. Ik zag studenten worstelen met diepe vragen die boven kwamen, omdat ze in aanraking kwamen met allerlei niet-gereformeerde denkbeelden. Heel anders dan ze van thuis uit hadden meegekregen. Ze moeten daardoorheen. Zo ging het met mijzelf vroeger in de studie ook. Anders kun je nooit echt die leiding gaan geven in de gemeente die nodig is. Studenten hebben daarvoor ruimte en tijd nodig. Je moet hen niet te dicht op de huid zitten. Maar je moet wel in hun nabijheid zijn, als iemand die hun worsteling verstaat, die er zelf door heen gegaan is en een weg gevonden heeft die begaanbaar is. Daarvan mag je iets laten merken in je onderwijs, in persoonlijke gesprekken (Leiden is kleinschalig). Je hebt dan een gidsfunctie. Precies op dit punt mag je hopen en bidden dat het werk van de Gereformeerde Bond aan de academie, gedragen door de gemeenten (geestelijk en materieel) tot zegen mag zijn.

De sfeer in Leiden
Wat weet een dorpsdominee van de Veluwe, die ik was, van alles wat er in de academie plaatsvindt? Ik begon behoorlijk onzeker aan het werk. Ik kende eigenlijk niemand in Leiden. Ik moet zeggen dat die onzekerheid dankzij de houding van de collega’s binnen een week als sneeuw voor de zon wegsmolt. Nog meer dan in de kerk heb ik aan de academie te Leiden ervaren wat het betekent om betrouwbare collega’s van en voor elkaar te zijn. Mensen die voor hun eigen overtuiging staan, maar ook elkaars overtuiging respecteren.
Het besef er samen als collega’s van de kerkelijke opleiding voor te staan, maakte dat er een band groeide, die meer was dan alleen een collegiale band. De meeste collega’s van de staatskant stonden verder van je af. Je had niet elke dag met hen te maken. Maar toch was het ook daar goed doceren en studeren. Ik ontving alle ruimte en stimulansen om voluit gereformeerd en levend vanuit de gereformeerde spiritualiteit mijn eigen inbreng te hebben. Wij behoeven de gereformeerde spiritualiteit niet te bewijzen. Zij brengt zelf haar wervingskracht met zich mee. Twaalf jaar in Leiden waren op dit punt twaalf jaren met een gouden randje. Om stil van en dankbaar voor te zijn.

Theologische bagage
Dat brengt me bij een dieper punt. Ik heb gedurende al de jaren die ik in Leiden mocht werken, mijn hand gelegd in de hand van de God van het verbond. Daar is in één zin heel mijn theologische bagage mee weergegeven. Dat God zich in Zijn oneindige genade en rechtvaardige liefde verbindt met verloren mensen, is de dragende grond voor heel mijn werk als docent en hoogleraar geweest. Niet ons kiezen voor God, niet onze theologische rechtzinnigheid en betrouwbaarheid, niet ons

Vorige week ontvingen alle leden van de Gereformeerde Bond een brief, waarin hun verzocht wordt ook dit jaar een bijdrage voor ons Leerstoelfonds te bestemmen. Om helder te maken wat onze hoogleraren ten dienste van de aanstaande predikanten doen, blikt prof. Verboom in twee artikelen terug op het werk, dat hij dit najaar afrondde. Vandaag deel 2.

opkomen voor de waarheid, maar Gods kiezen voor ons (hoe bestaat het!), Gods betrouwbaarheid en waarheid waren de ingrediënten, waarmee mijn rugzak gevuld was. Als de Heere God niet de God van het verbond was, dan zou er van alles wat ik in Leiden deed, niets terechtgekomen zijn. Gods eeuwige voorsprong ons ten goede, Zijn beginnen met ons, daar staat of valt alles mee. Juist zo brengt Hij ons tot antwoorden, tot belijden, tot getuigen als mensen, die midden in onze tijd staan. Wie dit eenmaal heeft ontdekt, kan niet meer denken in een schema van zij en wij. Zij, de anderen, die alles verkeerd zien en wij, die de waarheid in pacht hebben. Nee, samen zijn wij verlorenen, goddelozen en worden gerechtvaardigd om niet door het geloof in Jezus Christus. Niet onze trouw, maar de trouw van God is het fundament van de kerk en van de vorming van aanstaande predikanten voor die kerk.

Ora et labora
Bid en werk is een oud gezegde, maar ook een spreuk vol bijbelse wijsheid. Alleen al de volgorde! Die is niet om te draaien. Wie eerst zelf aan het werk gaat en daarna nog gaat bidden of God het zegent, is al verkeerd begonnen. Bidden is beginnen met Gods werk als dragende grond voor ons werk. Het begeleiden van studenten op weg naar het predikantschap is mooi werk, maar ook moeilijk en verantwoordelijk werk. Het komt er toch zo op aan, wat studenten meekrijgen aan vorming en toerusting. Het is daarom volstrekt duidelijk dat niemand zoiets in eigen kracht en wijsheid kan. Integendeel, dan gaat het mis.
Wat ik ervaren heb, is de rust van het gebed, voorafgaand aan het werk en dan ook in het werk en na het werk. Het is niet uit te spreken welke gaven de Heere geeft als we er om vragen en in afhankelijkheid van Hem onze roeping volgen. Dat is niet altijd de gemakkelijkste weg, maar wel de meest zegenrijke weg.
Ik hoop dat de lezer door deze beschrijving een indruk gekregen heeft van mijn werk in Leiden. Ik hoop dat vooral duidelijk geworden is dat ik het werk gedaan heb uit diepe liefde voor de kerk, die onze moeder is. Ook het wetenschappelijke werk.

Terugkijkend op mijn afscheid op 29 september moet het me van het hart dat mijn vrouw en ik zijn overladen met meeleven. Onvoorstelbaar! Ik grijp de gelegenheid aan om allen die meeleefden, bij dezen hartelijk te danken. Ik denk daarbij ook aan het vriendenboek dat ik kreeg, waarin prachtige aanzetten tot verdere bezinning op de catechese worden aangereikt. Ook spreek ik mijn blijdschap er over uit dat dr. G. van den Brink mijn opvolger in Leiden wordt en het werk van de leerstoel van de GB mag voortzetten. Ik wens hem daarbij veel wijsheid en vreugde toe. De laatste weken heb ik vaak, samen met de gemeente Psalm 119: 7 gezongen:

’k Heb and’ren al de rechten van Uw mond
Met lust verteld, hen vlijtig onderwezen.
Uit al de schat van ’t grote wereldrond
Is nooit de vreugd in mijn gemoed gerezen,
Die ‘k steeds in Uw getuigenissen vond,
Door mij betracht en and’ren aangeprezen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 december 2006

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Een overtuiging uitstralen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 december 2006

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's