De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

BRIEFWISSELING

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

BRIEFWISSELING

4 minuten leestijd

Beste Maria,

U hebt gelijk; u gaf geen aanleiding om te zeggen dat u het verleden zou idealiseren. Wel meende ik een wat negatieve houding te bespeuren naar jongeren toe vanwege hoe zij huwelijk, gezinsleven en seksualiteit invullen. Het is trouwens nogal een gevecht om zo’n negatieve houding te overwinnen. En dan bedoel ik niet u speciaal, maar onze generatie in het algemeen, inclusief mijzelf.

Wanneer u positief gaat schrijven over het gezin als hoeksteen van de samenleving, dan val ik daar bovenop. De taak van een moeder en van een vader in de opvoeding van de kinderen en in het creëren van een warm gezinsleven, kan niet worden overschat. In de keuzes die moeten worden gemaakt door zowel mannen als vrouwen, mogen die kinderen en mag het gezin wel bovenaan staan. Dat is zeker ook een Goddelijk gebod. Zie het oude huwelijksformulier. Ik ben met u diep bezorgd over de teloorgang van het ‘ouderwetse’ gezin. Terecht betrekt u er ook de zorg voor ouderen (ouders) bij en voor al degenen die in de maatschappij en in de kerk langs de kant komen te staan. Ouderen klagen wel eens dat er in de kerk alleen maar aandacht is voor de jongeren en nauwelijks voor de ouderen. Het is vaak moeilijk ook om vrouwen te vinden die allerlei vrijwilligerswerk in de kerk zouden kunnen doen. En om nu weer om te buigen naar het positieve: Zullen jongere generaties een andere, eigen, voor deze tijd geëigende en christelijke invulling weten te geven aan huwelijk en gezin? En zullen ze de trouw aan het Woord en aan de kerk leren en op een goede manier leren invullen? Dat is voor hén een zware taak. Ze hebben onze hulp en ons gebed en ons geloof zeer nodig.

Wat aardig dat u schreef over de zeven magere jaren van drukte voor het gezin, gevolgd door de zeven vette jaren van tot rust en tot jezelf komen. Wat is het goed om gegroefde en gerijpte mensen te ontmoeten in de gemeente, die misschien met de tijd niet meer zo mee kunnen, maar wel in een dieper contact met de eeuwigheid en met de Heere mogen staan. Wat hebben zulke mensen een geweldige, misschien onopvallende functie in de christelijke gemeente. Al zullen die zeven vette jaren ook wel weer met zorgen worden gevuld. Vanwege die ouder wordende kinderen, die met vallen en opstaan dat moeilijke leven moeten leren leven. En wat als ze ‘vallen’ en naar ons besef niet meer ‘opstaan’? Het diepe verdriet dat menig ouder en grootouder zijn leven lang moet torsen.

Ja, een korte terugblik op onze briefwisseling mag natuurlijk niet ontbreken. We zaten inderdaad nogal eens op een verschillende lijn. Ik hoorde zijdelings het commentaar dat wij wat langs elkaar heen redeneerden. Dat geloof ik niet. Wij zijn beiden mensen die hun eindje behoorlijk vasthouden. Omdat we kennelijk beiden een sterke overtuiging hebben. Nu, dat hoeft niet per se verkeerd te zijn. We hebben vast en zeker over beider vragen en antwoorden sterk nagedacht. En weten elkaar wederzijds zeer te waarderen.

U moet het mij maar niet kwalijk nemen dat ik de Reformatie hoger waardeer dan de Nadere Reformatie. Ik geloof er helemaal niets van dat de Nadere Reformatie meer of betere aandacht had dan de Reformatie voor het werk van de Heilige Geest in het hart of voor de uitwerking in de levenswandel. Het was een ándere aandacht. En in het hectische (uw woorden), ja het apocalyptische (naar dr. W Aalders) tijdsgewricht van tegenwoordig heb ikzelf vele malen méér aan Luther dan aan vader Brakel. Overigens met alle respect voor de laatste.

En híerin ben ik het voor honderd procent met u eens! Zo dankbaar dat ik geen journalist hoef te zijn. Zo dankbaar dat ik predikant ‘mag’ zijn! En u bent ervoor ingewonnen om moeder en (huis)vrouw te zijn, zo beleed u. Ná het predikantschap de belangrijkste roeping in de christelijke gemeente, ja in de hele wereld.

Met zeer hartelijke groet, uw predikant

Met deze bijdrage uit de pastorie sluiten we de briefwisseling tussen Maria Bakker en haar dominee. De redactie dankt beiden voor hun inbreng, hun eerlijkheid, hun betrokkenheid op het Woord en de doorwerking daarvan in het leven van de gemeente.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 december 2006

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

BRIEFWISSELING

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 december 2006

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's