De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Feest van tegenstellingen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Feest van tegenstellingen

God en mens bijeengebracht door de Middelaar

7 minuten leestijd

In onze samenleving vieren we het Kerstfeest bij voorkeur in een wat zoetige, romantische atmosfeer. Alsof we de dagelijkse werkelijkheid van onze harde prestatiecultuur aan het eind van het jaar nog snel even moeten compenseren door vredige geluidjes te laten horen. Daarmee halen wij het Kerstfeest weg uit de kaders waarin de Bijbel de geboorte van Christus plaatst.

 De geboorte van Christus speelt zich namelijk af temidden van schrille tegenstellingen. Licht en duisternis, oordeel en genade, dood en leven, rijkdom en armoede – dat zijn zomaar enkele van de contrasten waarbinnen de evangelisten de komst van Christus plaatsen. Kennelijk kunnen wij echter niet zo erg met dit soort contrasten uit de voeten. Wij houden niet zo van zwart-wit denken, wij geven de voorkeur aan een donker waarin alle katjes grauw zijn. We willen graag zowel het licht als de duisternis te vriend houden.
Daarom zijn we altijd weer geneigd de contrasten uit de weg te gaan. Zo scherp zal het toch allemaal niet liggen?
Maar daarin vinden we de Bijbel tegenover ons. Vanaf de eerste bladzijde denkt de Bijbel al in tegenstellingen: licht en duisternis, dag en nacht, water en land. En God is telkens bezig die twee uit elkaar te halen, en ze elk hun eigen plaats te wijzen. Zodat de tegenstellingen duidelijk uitkomen. Volgens O. Noordmans is dat zelfs de kern van Zijn scheppingswerk: het scheiden, het uit elkaar halen van wat goed is enerzijds en van de machten die dat goede bedreigen anderzijds. Zodat orde geschapen wordt in de chaos.

Rijkdom en armoede
Sinds Genesis 3 hebben wij mensen de chaos echter liever gehad dan de orde. Niet alleen in de samenleving, ook in de kerk bestaat daardoor de neiging om de tegenstellingen rondom Kerst af te vlakken. Neem bijvoorbeeld de tegenstelling tussen rijkdom en armoede. In het tweede deel van de Lofzang van Maria wordt vooral deze tegenstelling scherp aangezet. Is het toeval dat juist dit tweede deel onder ons niet bijzonder geliefd is? Hoeveel – of liever: hoe weinig – preken over Lukas 1:51-53 hebben wij ooit gehoord? Juist hier stapelen de tegenstellingen zich op. De geboorte van Christus – volgens Maria geen romantisch gebeuren maar ‘een krachtig werk’ – houdt een drastische omkering in van de bestaande verhoudingen: Hij heeft hen die hoogmoedig zijn in de gedachten van hun hart, uiteengedreven. Hij heeft machtigen van de troon gestoten en nederigen heeft Hij verhoogd. Hongerigen heeft Hij met goederen vervuld en rijken heeft Hij met lege handen weggezonden.
De hoogmoedige en machtige rijken staan tegenover de vernederde hongerigen. En God komt voor die laatsten op. Kennelijk laat Kerst de gangbare maatschappelijke tegenstellingen niet onberoerd. Het gaat immers niet aan deze woorden van Maria te vergeestelijken. Maria kan er niet over uit hoe God juist háár, een onbetekenend meisje uit de ‘lage staat’ van de anawim, de armen, heeft opgezocht en met Zijn heil bedeeld. En de keerzijde daarvan is dat de rijken – dus degenen die verantwoordelijk zijn voor de bittere armoede van de armen – onttroond worden en met lege handen weggezonden. Zo zal de Messias de schrille maatschappelijke tegenstellingen aan het licht doen komen – en deze rechtzetten.

Diepste achtergrond
De diepste achtergrond van alle tegenstellingen die aan de orde zijn rondom de geboorte van Christus, is echter van nog weer andere aard. Die is namelijk gelegen in het grote contrast tussen God en ons mensen dat ontstaan is tengevolge van onze zondige afwending van God. Daardoor is er sprake van een ‘duurzame ontwrichting’ (L. Kievit) in onze relatie tot God. God kan niet meer met ons overweg en wij niet meer met Hem. Want Hij is de Heilige die de zonde niet aan kan zien. En wij liggen midden in de zonde. We krijgen pas echt zicht op de betekenis van Kerst, wanneer wij deze moeder van alle tegenstellingen serieus gaan nemen en haar niet langer afvlakken. Altijd weer heeft de kerk echter aan de verleiding blootgestaan om dat laatste wel te doen. Wanneer we in moreel opzicht de nodige vooruitgang boeken en we stellen ons God niet ál te hoog en heilig voor, zouden we dan de tegenstelling tussen God en ons niet op eigen kracht kunnen overbruggen?
Op dit punt is het van belang ons een van de meest cruciale disputen uit de kerkgeschiedenis te binnen te brengen, namelijk dat tussen de kerkvader Athanasius en diens tegenstander Arius. Arius meende dat Christus net als alle mensen een schepsel was. Iedereen die geboren is, is immers ook geschapen, zo redeneerde hij. Weliswaar is Christus het ‘eerste schepsel’, dat wil zeggen degene die van alle schepselen het dichtst in de buurt van God staat. Maar toch is Hij niet meer dan een schepsel. Athanasius daarentegen stelde dat Christus in de Kerstnacht wel geboren is, maar daarom nog niet geworden (in het Grieks scheelt dat maar één letter). Van huis uit staat Christus namelijk niet aan de kant van de schepselen, maar van de eeuwige Schepper. Dat was maar niet een spitsvondige theologentwist over een letter. Nee, Athanasius zag scherp dat aan die ene letter nu precies onze zaligheid hangt. Want als Christus slechts een schepsel is dat aan onze kant van de kloof staat, dan moeten wij mensen nog altijd onszelf zien te redden. En Athanasius was er diep van overtuigd dat ons dat niet lukt. Echte morele verbetering valt van ons mensen niet te verwachten. Wij zullen ons nooit aan onze eigen haren uit het moeras kunnen trekken – we zijn de baron van Münchausen niet (C. van der Kooi). Wanneer we op onszelf aangewezen zijn, dan zijn we onvermijdelijk ten prooi aan verlorenheid, schuld en dood. Alleen God is in staat om de kloof (de chorismos in het Grieks) te overbruggen, en de moeder van alle tegenstellingen ongedaan te maken.

Vleeswording
Welnu, dat is precies wat God volgens het christelijk geloof gedaan heeft door een mens te worden en in die Mens de schuld der wereld op Zich te nemen. Dat is het wonder van de incarnatie, van de vleeswording van het Woord. Precies op dit punt bevindt zich het unieke van het christelijk geloof. Waar we volgens andere religies en stromingen zelf het contact met ‘boven’ moeten herstellen, op welke wijze dan ook, is dit volgens het christelijk geloof voor ons gebeurd door Hem in wie God Zelf tot ons neerdaalde.
Daarom moeten we ook in alle eerlijkheid zeggen: waar de vleeswording van het Woord losgelaten wordt, is niet langer sprake meer van christelijk geloof. Om in Jezus slechts een belangrijk schepsel te zien, behoeft men immers geen christen te zijn.
Sinds Kerst hoeven we niet langer zelf te sleutelen aan onze relatie met God. We hoeven God niet naar beneden te trekken, door Hem op onze menselijke maat te snijden en Hem voor te stellen als iemand die bij nader inzien toch nog wel enigszins met ons leven uit de voeten kan. En we hoeven onszelf ook niet op te krikken naar boven, door ons mooier voor te doen dan we zijn en ons ware zelf te ontplooien. Dat helpt allemaal niet. Wij krijgen God en mens toch niet bij elkaar, dat is compleet onmogelijk. Maar het is ook compleet onnodig. Want God en mens zijn al bij elkaar. Ze zijn bijeengebracht in en door de Middelaar, Jezus Christus. Niet voor niets noemt men zijn Naam: Immanuel, dat is: God-met-ons. En wij – wij komen slechts over de afgrond heen door in Hem te geloven. Hij heeft de tegenstelling overbrugd. Hij alleen. Maar Hij ook helemaal. Kerstfeest roept ons daarom op om al onze godsdienstige zelfwerkzaamheid af te leggen, en tevreden te worden met Hem die om ons mensen en om onze zaligheid is neergekomen uit de hemel, en vlees is geworden van de Heilige Geest uit de maagd Maria en een mens is geworden.

G. van den Brink

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 december 2006

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Feest van tegenstellingen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 december 2006

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's