De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Investeren binnenshuis

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Investeren binnenshuis

Jeugdwerk in kleine gemeenten [ 1 ]

6 minuten leestijd

Het jeugdwerk in kleine gemeenten staat veelal voor een grote uitdaging. De middelen zijn beperkt en toch wil je kinderen en jongeren zoveel mogelijk meegeven. Hoe ga je om met de vragen die dat oplevert? In twee artikelen zetten we een aantal zaken op een rij.

Hoe krijg je in een kleine gemeente jeugdwerk van de grond, als je niet of nauwelijks mensen heb die het kunnen uitvoeren? Je kunt in een kleine gemeente het gevoel hebben dat het je door de vingers glipt, ook al doe je nog zo je best om het jeugdwerk in stand te houden. Ondertussen zijn er ook in kleinere gemeenten jongeren die de kerk verlaten. Dat is vaak nog eerder merkbaar dan in een grote gemeente. Hoe ga je hier als ambtsdrager of leidinggevende in het jeugdwerk mee om?
In dit artikel wil ik een pleidooi voeren voor een forse investering binnenshuis. Om te beginnen is het van groot belang dat jeugdwerk niet alleen op papier leeft, of alleen op de vrijdag- of zaterdagvond. Het moet een plek hebben in de harten van alle gemeenteleden. Iedereen moet ervan doordrongen zijn dat het bouwen van de gemeente al in de kinderjaren begint. De kennis van het Woord van God en het geloof in Jezus Christus mag en moet al vroeg worden gestimuleerd. De basis van het jeugdwerk begint bij de doopvont. Vanaf dat moment is het niet alleen de verantwoordelijkheid van de ouders, maar ook van de gemeenteleden die daarbij als getuigen aanwezig zijn.

Jeugdwerk in het gezin
Juist in kleine gemeenten is het van belang dat er al een vorm van jeugdwerk ontstaat binnen het gezin. Daar zou dan ook zoveel mogelijk in geïnvesteerd moeten worden. Een club voor alle kinderen in alle leeftijdscategorieën is in kleine gemeenten niet zo vanzelfsprekend. Daar zijn immers leidinggevenden voor nodig en die moet je hebben. Dan hebben we het nog niet eens over de vraag of er binnen de gemeente wel voldoende ruimte is om jeugdwerk te organiseren.
Een (jeugd)ouderling kan in zo’n geval bekijken in hoeverre de ouders en opvoeders binnen het gezin te ondersteunen zijn met materiaal en/of toerusting. Hiervoor is informatie en materiaal beschikbaar bij de HGJB. Tegelijkertijd kan er gekeken worden welke vormen van samenwerking er haalbaar zijn met het plaatselijke basisonderwijs! Maak de vragen die er leven binnen de gemeente bespreekbaar met de schoolleiding van de kinderen uit de gemeente. Wellicht komt daaruit naar voren dat u meer voor elkaar kunt betekenen dan er ooit gedacht is. Bijvoorbeeld op pedagogisch vlak, kennis van de diverse leeftijdsgroepen enzovoort.
Nog één ding over jeugdwerk in het klein, dus binnen het gezin. Lezen wij onze kinderen alleen maar voor uit de Bijbel of laten we ook horen en zien dat God werkelijk spreekt als de Bijbel open gaat? Is het bidden binnen het gezin een formaliteit of gunnen wij onze kinderen en jongeren daarmee ook een kijkje in ons eigen hart, in ons persoonlijk geloofsleven? Deze vragen kunnen het gevoel geven van een aanklacht, maar ze zijn toch heel belangrijk. Ze vormen de basis voor een goede bezinning op het jeugdwerk – dat geldt overal, maar zeker ook voor kleine gemeenten. Als deze kernvragen niet of nauwelijks bespreekbaar zijn, is er dan wel echt sprake van geloofsopvoeding? Lopen we dan niet het gevaar dat het jeugdwerk verwatert tot eenvoudige bezigheidstherapie?

Nieuwe keuzes
Daarmee komen we op het jeugdwerk in de gemeente als geheel. Juist kleine gemeenten zou ik willen aansporen om over een aantal factoren na te denken.
In de eerste plaats is het erg belangrijk dat er inhoudelijke doelstellingen worden opgenomen in het beleidsplan van de gemeente. Wat willen we als gemeente eigenlijk met de kinderen en de jongeren? Wat is onze visie? Blijft het steken bij het bieden van ‘verantwoorde vrijetijdsbesteding’ of hebben we ook echt inhoud te bieden? Durf hierover eventueel nieuwe keuzes te maken!
Een andere factor is dat in veel gemeenten vaak maar een zeer beperkt aantal van de gemeenteleden actief is in het jeugdwerk, terwijl het toch door de gehele gemeente gedragen zou moeten worden. Dat kan komen doordat we denken dat hiervoor gaven nodig zijn die maar een beperkt aantal mensen hebben ontvangen. Maar het kan ook ‘goedbedoelde’ arrogantie zijn om te denken dat veel mensen niet geschikt zijn voor dit werk. Juist in kleine gemeenten kan dit zeer belemmerend werken, omdat het potentieel sowieso al klein is. Het is dan zaak om met elkaar na te denken over de gaven die iedereen in de gemeente heeft gekregen.
Ten slotte constateer ik dat vaak de angst regeert. Er is de angst dat de jongeren die er nog zijn, uiteindelijk ook de gemeente zullen verlaten. Of dat de paar jonge gezinnen toch zullen kiezen voor een geloofsgemeenschap waar nog zichtbare (geloofs)groei is waar te nemen. Vaak is er ook de angst dat veranderingen in de gemeente altijd leden zullen gaan kosten. Resultaat daarvan kan zijn dat we daarom helemaal geen keuzes maken. Maar angst is een slechte raadgever. Ik wil ertoe oproepen om niet te handelen vanuit angst, maar vanuit visie. In die visie moet nauw aangesloten worden bij de kracht van het jeugdwerk in kleine gemeenten.

Kracht
Die kracht zit hem in de verbondenheid. Daarmee doel ik op de relaties die generaties met elkaar aangaan om van daaruit de grote dingen van God aan elkaar door te geven. En ook: de bredere verbanden binnen de gemeente waarin gemeenteleden elkaar ondersteunen en bemoedigen. De kracht van jeugdwerk in een kleine gemeente is voor een groot deel te vinden in de pastorale bemoeienis met elkaar.
Kenmerkend voor een hechte geloofsgemeenschap is dat daar zichtbaar is hoe lief ze elkaar hebben en hoeveel men echt met elkaar deelt! Hoe groter de gemeente is, hoe lastiger het wordt om deze verbondenheid te ervaren. In kleine gemeenten kan vaak zonder al te veel kosten gemakkelijker in elkaar worden geïnvesteerd.
In plaats van koffie na de dienst: gebruik eens met en bij elkaar de maaltijd, dat is ook in bijbels opzicht een goede en veel gebruikte plaats van ontmoeting. Kijken en vergelijken met een veel grotere gemeente, geeft vaak het gevoel tekort te schieten. Juist de mogelijkheid om de relaties binnen de gemeente te versterken en te verdiepen, zou wel eens een gezonde jaloezie kunnen wekken bij de grotere gemeenten.
Voorwaarde is dat alle gemeenteleden bereid zijn om te luisteren naar elkaar. Het komt erop aan dat we de ogen openen om de ander (ook: de andere generatie) echt te zien. Laten we daarbij bovendien ons hart openen, omdat God daarin veel meer ruimte heeft geschapen voor anderen dan wij vaak denken.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 januari 2007

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Investeren binnenshuis

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 januari 2007

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's