De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

GLOBAAL BEKEKEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

GLOBAAL BEKEKEN

4 minuten leestijd

Onder redactie van ds. G.H. Kruijmer (Lage Vuursche) kwam een fraai boek tot stand: Uit de geschiedenis van hervormd Putten (Uitg. Boekencentrum, Zoetermeer).

• Dr. P.F. Bouter schreef in een hoofdstuk De kerk in Putten, door de eeuwen heen over De Pastoor van Putten:

In de kerkhervorming van de Veluwse steden en dorpen heeft de predikant Johannes Fontanus een belangrijke rol gespeeld. Hij bezocht plaatsen persoonlijk (Nijkerk), maar organiseerde ook vergaderingen van de classes waarop de pastoors werden onderzocht en onderricht. Zo is het ook voor Putten gegaan. In 1592 wordt de pastoor van Putten opgeroepen om voor de classis te verschijnen, samen met andere pastoors van de Veluwe. Vele onderwerpen worden met hen behandeld, zoals het gezag van de Bijbel, de ceremoniën, de vrije wil, de Middelaar, het priesterschap, de kerk, enz. Bij elkaar ongeveer 26 onderwerpen! De pastoor van Putten, Wilhelmus van Wees, verlaat al spoedig de vergadering. Samen met de pastoor van Voorthuizen. Ze laten een briefje achter waaruit hun standpunt blijkt: zij wensen ‘om des gemoeds wille te volharden in de leer waarin zij hun hoorders jarenlang hadden onderwezen. Anders zouden wij hun geweten geweld aandoen. Dat kan toch geen rechtschapen mens van een ander eisen en ze zouden een ergernis zijn voor hun schapen’.
De classis wendt zich tot de overheid en deze machtigt de classis om pastoors die ‘de zuivere leer’ niet aanvaarden, uit hun ambt te ontzetten. Verschillende pastoors aanvaardden dit ontslag, maar de pastoor van Putten niet. Hij blijft zijn ambt uitoefenen alsof er niets veranderd is. Dan verzoekt de classis aan de overheid om in te grijpen. In de notulen staat: ‘Belanghebbende Putten dwyle (omdat) daer noch is een papistische pape, die de omliggende reformeerde kercken grote schade doet, is van de samptelicke (gezamenlijke) broederen gesloeten (besloten) dan aent Hof (overheid van Gelderland) verzocht worde, dat hy geheel syntz dienst metten eerst ontset worde’. Men verzoekt om ook spoedig een eigen predikant te sturen, opdat de kerkelijke gemeenschap te Putten niet geheel ‘verduisterd’ zal worden. De overheid geeft gehoor en in 1596 wordt aan de pastoor ‘den predickstool tot Putten’ verboden. Predikanten uit de omgeving krijgen het verzoek in Putten te preken, vooral de predikant van Garderen. In 1598 wordt de eerste dominee van Putten bevestigd: Petrus Kinsius. Hij moet voor de broeders van de classis een proefpreek houden (over Handelingen 13:38) en daarover is men zeer tevreden
.

• Ds. G.H. Kruijmer schrijft over De ontwikkeling van een gewone hervormde gemeente.

.Vanaf 1598 tot 1928 werd hervormd Putten steeds gediend door één predikant. Vanwege het uitgestrekte grondgebied was dat altijd een omvangrijke taak. Ook in de negentiende eeuw stond hervormd Putten bekend als een grote gemeente. Bij zijn intrede op 11 november 1855 zei ds. J.J. Knap: ‘Vanaf heden ben ik uw leraar. Eene overzware taak neem ik op mij. Ik moet trachten te waken over uwe zielen, de zielen van duizenden, ik alleen’. Vanaf 1868 werd bijstand in het pastoraat verleend door catecheten en pastoraal medewerkers.

• E. Kous schrijft in Diakonie door den eeuwen heen over een koopakte van een huis anno 1954:

Hendrikus van den Berg, horlogemaker, verklaart te hebben gekocht: het dubbel huis met erf en grond, aan de Kerkstraat te Putten, wat de grond betreft niet verder dan tot aan de serre van het naast gelegen perceel, eigendom van de heer P. van Meerveld’. In de overeenkomst is een merkwaardige voorwaarde opgenomen, die als volgt luidt: ‘Koper zal het gekochte op verbeurte ener boete van fl. 20.000, – niet mogen verkopen aan een Rooms-Katholiek of Rooms-Katholieke instelling en zal deze verbodsbepaling op verbeurte van gelijke boete aan elke opvolgende eigenaar moeten opleggen’. De heer Van den Berg heeft de in 1967 geheel vernieuwde woning laten afbreken en er een nieuw woonwinkelpand op laten bouwen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 februari 2007

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

GLOBAAL BEKEKEN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 februari 2007

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's