De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

GLOBAAL BEKEKEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

GLOBAAL BEKEKEN

3 minuten leestijd

P. Quist uit Leerdam promoveerde op 19 februari aan de Technische Universiteit Delft op een proefschrift op het gebied van Opto-electronische materialen (voorheen stralingschemie). Twee stellingen bij het proefschrift:

.Teneinde in de toekomst meer studenten bij de wetenschap te betrekken is het raadzaam middelbare scholieren in contact te brengen met bekende wetenschappers.'
• 'Naast smulpapen (gastronomen) zijn er ook smulcalvinisten (gastronomische calvinisten).'

Schaatsen heeft de jaren door een zekere romantiek om zich heen gehad, zodat het een welkom thema was voor dichters. Dezer dagen trof ik een  liefst zeventien strofen tellend gedicht van de negentiende-eeuwse dichter Multatuli, ofwel Eduard Douwes Dekker (1820-1887), getiteld Mijn schaatsen. Typisch voor zijn tijd (de 'brave' negentiende eeuw, met zijn deugdenleer) was dat hij de vreugde die de welgestelden ondervonden liet volgen door de noodzakelijke werken van barmhartigheid aan allen die in armoede leefden en geen middelen hadden om de kou te trotseren. Hier volgen het vijfde en de vijf laatste coupletten:

Hoe schoon is de winter. - De bomen bestrooid
Met het prachtvol gewaad uit den hemel.
Als natuur in 't verblindendste wit is getooid,
En geen windje de stilstaande stromen meer plooit,
En de sneeuw met oneindig gewemel
Zo rechtstreeks van boven de weiden bedekt
En aan 't uitgeput aardrijk ten zegen verstrekt.

En als gij dan rijdt, en gij glijdt op de baan,
Als uw schaatsen u vliegend doen zweven,
Begint dan uw boezem van vreugde te slaan
Denk dan dat die vreugde hem duur komt te staan,
Die van aalmoes en gaven moet leven.
U bracht de kou vreugde, hem wellicht slechts leed,
Wee hem die in vreugde zijn broeder vergeet!

Verbeeldt u het angstig en nijpend gevoel
Dat gebrek en ellende moet baren.
Verbeeldt u te midden van 't vrolijk gewoel
Het verdriet en de smart waaraan hij staat ten doel
Die.geen penningsken over mocht garen.
Gedenk aan de smarten die de arme dan lijdt,
En hoe, trillend van kou, hij de lente verbeidt.

Verbeeldt u in 't hutje zo schamel zo oud,
Bouwvallig op zeedijk of heide,
't Gevoel van den arme, zo treurig, zo koud,
Zonder laafnis of dronk - zonder vuur, zonder hout,
En geen scheutje voor 't vee op de weide.
Bedenk dat te midden van jublende vreugd,
Bedenk dat de winter niet allen verheugt!

En zijt gij in staat door de schikking van 't lot,
De tranen der armen te drogen,
Wie weet of die arme niet rijk is voor God,
Gedenk dan aan Jezus verheven gebod,
En help hem naar al uw vermogen.
Wie den armeren broeder zijn hulpe bewijst
Heeft Jezus gedrenkt, en heeft Jezus gespijst

En als dan die arme, in lompen gehuld,
Met trillende lip u komt smeken,
Heb dan toch het harte met deernis vervuld,
Voldoe uwen naaste een gedeelte der schuld,
Dat zal eens bij God voor u spreken,
Een weldaad den armen broeder gedaan
Wijst boven een plaats in den hemel aan!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 maart 2007

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

GLOBAAL BEKEKEN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 maart 2007

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's