‘Wij zijn samen’
KINDERLOOSHEID [1]
Er wordt wat heen en weer gepraat. Het gaat over gezinnen. 'Hoeveel kinderen hebben jullie?' Plotseling krijg je het voor je. En we kijken elkaar aan. Wie zegt het?
Er komt een antwoord: 'Wij zijn samen.' En het klinkt zo'n beetje als een verontschuldiging. 'Hoeveel kinderen hebben júllie?' Een bekende vraag. Ik heb wel eens geantwoord: 'Ontelbaar.' Daar kijkt men raar van op. 'Ontelbaar?' Ik zeg dan: 'Ja. We hebben er nul.'
Gevoelig. Ongewenste kinderloosheid. En hoe anderen er mee omgaan. Heel gevoelig. Maar het is toch niet de bedoeling om gevoelige onderwerpen te omzeilen. Want dan ga je niet alleen om de onderwerpen heen, je gaat dan ook om de mensen heen die er mee te maken hebben. Wat nog erger is: als ergens met medelijden wordt gesproken over dit of dat echtpaar zonder kinderen, maar niemand benadert het bedoelde stel.
Wie heeft er iets van innerlijke ontferming, waar de Heere Jezus vol van was? Ik lees bij Paulus (in Kol. 3:10-17) wat kenmerkend is voor christenen onder elkaar: een hartelijke bewogenheid. Vergeet de uitgaande beweging niet. Om anderen op te zoeken in hun levenssituatie, dat hoort er helemaal bij. En andersom: als je eigenlijk moeder had willen worden of als je graag vader wilde zijn, vertel eens aan een ander hoe dat voelt.
Abnormaal?
Ben je een jaar of vijf getrouwd, dan snapt men wel waarom je nog samen bent: 'Natuurlijk, die werken allebei en ze genieten van de vrijheid.' Men kan dan denken aan een hypotheek die op je huis zit, een studie die je in praktijk wilt brengen of de wens om samen nog wat onbezorgd te kunnen zijn. Dat pasgetrouwde mensen het vanaf hun trouwdag al gewild hebben - om kinderen te mogen krijgen -, is dat abnormaal geworden? Het lijkt heel normaal om allerlei redenen te bedenken die het aannemelijk moeten maken dat je het verlangen naar de kinderzegen nog wat uitstelt. Wie heeft getrouwde kinderen? Ouders zijn niet altijd zo snel mogelijk opa en oma. Pa en ma wordt meegedeeld: 'Jullie kunnen het wel gezellig vinden, maar wij zijn er nog niet aan toe, hoor!' En ondertussen laten ze de HEERE God dan ook maar even wachten ...
Wat me opvalt, is dat jongelui veel langer op school zitten dan vroeger en ook veel langer kind blijven. Mondigheid, dat hebben ze wel geleerd, maar aan hun verantwoordelijkheidsgevoel ontbreekt vaak nog een heleboel. Het individualisme is de gezinnen binnengedrongen en iets van opoffering doe je ten behoeve van je eigen sportprestaties of om wat af te vallen, maar niet zozeer omdat je denkt te moeten helpen in een stukje naastenliefde. 'Meer verdienen, minder dienen.' Je zou het de strijdkreet kunnen noemen van een kille maatschappij, die zich losgemaakt heeft van de christelijke waarden en de christelijke normen. Hoe beleven wij het binnen de gemeente van Christus?
Buitenbijbelse gedachtegangen sluipen rond en krijgen vat op ons. Je hoort erover ('eerst een tijdje samenwonen' of 'voorlopig nog geen kinderen'), en je ziet ervan. Wat doen we ermee?
Bezinning in de opvoeding is nodig. De jonge mensen toerusten. Vroeger zei een leraar tegen mij en anderen: 'Wees niet bang om ouderwets te zijn!' Ik zou dat graag willen ondersteunen en huwelijk en gezinsvorming heel dicht bij elkaar te houden.
Samen
Wij zijn samen. Dat was ook het hoogtepunt van dankbaarheid en blijdschap op je trouwdag.
Een goede bekende die het graag had willen zeggen met een uitroep: 'Wij zijn samen!', maar het liep zo niet. Het huwelijksformulier gelezen in de trouwdienst) noemt als eerste doel: 'dat man en vrouw elkaar trouw zullen helpen en bijstaan in alle dingen, die tot het tijdelijke en eeuwige leven behoren.' Dat is de bedoeling. In de eerste plaats: het samen-zijn. Met ziekte, beslissingen, de huishouding, met geldproblemen en een handicap. Dan ben je niet alleen, dan ben je samen. De gezelligheid, de liefde, dat je weet van trouw door dik en dun. Wat mooi. Je komt elkaar ook tegen met onenigheid en met verschillende karakters. Spannend.
Alles is niet leuk. Je oefent zo een stukje samenleven en een stukje samenwerken. Tegelijkertijd een oefening voor de grote samenleving waar je middenin staat en de samenwerking die op allerlei manieren van je wordt gevraagd. In Kolossensen 3 (hierboven al genoemd) staat ook geschreven over het verdragen van elkaar en over de vergevingsgezindheid, waar je van kunt leren als je naar de Heere Jezus kijkt.
Trouwens, hoe is het met je verbintenis naar Hem toe? Je merkt het bij je man, je merkt het bij je vrouw. Hoe loopt het met de stroom van sappen uit de Wijnstok? Zie Johannes 15. Daar kun je vragen over stellen. Of je een levende rank bent. Of je vrucht draagt tot verheerlijking van God de Vader. Hoe het staat met je geloof, met je bekering, met je leven voor Gods aangezicht? Je leeft toch in dezelfde kamer?
Als er haperingen zijn in het gebed en in de bijbelstudie, als er niet wordt doorgepraat over een preek, dan ben je er bij, dan kun je dat niet zomaar laten gaan. Als een van jullie worstelingen heeft en twijfelt aan zichzelf en twijfelt aan de HEERE God, vertelt de man het aan zijn vrouw? Vertelt de vrouw het aan haar man?
Volgens het huwelijksformulier ben je er ook om de ander te helpen in de dingen 'die tot het ééuwige leven behoren'. Samen de HEERE aanroepen, dat is ook heel rijk. Om samen God te loven en een lied te zingen voor de Heere Jezus. Prachtig! Samen in de Naam van Jezus. De Heere Jezus was er bij op de bruiloft in Kana (Joh. 2). Hij wil er bij zijn, alle dagen, als de zon schijnt, als het donker is. Samen met Hem, dan kun je altijd verder.
Tweede
Na het eerste doel ook nog een tweede doel van trouwen en getrouwd-zijn. Ik volg het huwelijksformulier. De volgende bedoeling voor getrouwde mensen: 'dat zij hun kinderen, wanneer zij die ontvangen, in de ware kennis en vreze Gods zullen opvoeden, tot Zijn eer en tot hun zaligheid.' De kinderzegen wordt dus in de tweede plaats genoemd. Het samenzijn als man en vrouw, dat eerst. Je krijgt op je trouwdag niet de belofte mee, dat er kinderen zullen komen. De geboorte van een kind, dat is iets extra's. Zie het als een zegen.
Waarom zegen? Om te mogen leven (na de zondeval!), dat hebben we niet verdiend, en om dan ook nog nieuw leven ter wereld te mogen brengen, hebben we dat wel verdiend? Oh nee, het is genade, allemaal genade. Tel uw zegeningen! Tel ze, één voor één.
Onze gezondheid hebben we al te beleven als een onverdiende zegen. En dan ook nog een kindje? Extra gezegend ben je dan. En laat het maar op een geboortekaartje naar voren komen, dat zoon of dochter mocht ontvangen worden als een wonder en met dank aan God. Al bij het eerste echtpaar is vruchtbaarheid en voortplanting een belangrijk gegeven. Ja, een gave van de HEERE God en ook een opdracht: 'Weest vruchtbaar, en vermenigvuldigt ...' (Gen. 1:28) Dat was in het paradijs. Door onze zonde gaat het allemaal niet meer vanzelf. De kinderloosheid is geen speciale straf. Alleen als God het zo aan je bekend maakt. Binnen de christelijke gemeente mag het krijgen van kinderen beleefd worden als een genadige zegen van onze goede God. Waardeer het ook zo.
Honden
Niet iedereen geniet de kinderzegen. Soms een heel bijzondere reden waarom het (nog niet) mogelijk is. Wie vraagt er wat over? Sommigen zijn nooit dol op kinderen geweest. Dat kan. Ik vroeg aan mensen die al een behoorlijke tijd getrouwd waren: 'Vinden jullie het moeilijk?' 'Nee hoor', was het antwoord, 'we hebben honden!' Als erop gewacht wordt en het blijft maar weg, dan heb je smart. Je mist het en het gaat nooit over.
Daarom: als je samen getrouwd bent, doe de deur niet achter je dicht. Blijf openstaan voor anderen om je heen. Groei verder op met andere stellen en doe mee als ergens kinderen geboren worden. Als de HEERE elders zegent, mag je van Zijn zegen meegenieten. Doe het. Daar kun je gelukkig mee zijn.
Handenvol
Voor ouders ligt er nog de hoge roeping om de jongens en meisjes groot te brengen. Dat is echt geen kleinigheid. Ze leren praten en ze leren hoe je netjes eet. Ze leren omgaan met familie en met vrienden. Ze moeten naar school toe. Ze hebben hun eigen dingen: positief en negatief. Ze worden ouder en volwassen. Op een dag verlaten ze het ouderlijk huis. Wat hebben ze meegekregen?
In het huwelijksformulier staat bij de tweede bedoeling van het huwelijk niet alleen iets over de kinderzegen. Er wordt nog aan toegevoegd dat vaders en moeders geroepen zijn om hun kinderen op te voeden 'in de ware kennis en vreze Gods', 'tot Zijn eer en tot hun zaligheid'. Wie denkt eraan? Je kunt er al zo druk mee zijn om ze door het leven heen te helpen. Hoe hen ook nog bekend maken met de HEERE God en met het dienen van Hem? Dat geeft veel werk. Handenvol werk. Ook handenvol gebed. Om Jezus' wil! 'Want zonder Mij kunt u niets doen.' Dat zei de Heere Jezus in Johannes 15:5.
'Is God je Vader? Leef je dicht bij Hem?' Zulke vragen kunnen ouders aan hun kinderen stellen. Zijn we er bewogen mee? Het gaat er ten diepste niet om of er kinderen geboren mogen worden voor ons, maar of er kinderen geboren mogen worden voor God!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 mei 2007
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 mei 2007
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's