Een kruisje op de schouder
Terwijl Nederlandse militairen op uitzending zijn in Afghanistan, vaar ik als krijgsmachtpredikant bij de Koninklijke Marine voor zeseneenhalve maand mee aan boord van Hr.Ms. Van Speijk (F828). Ik woon en werk op dit moment in een kleine samenleving van 154 mensen op een lengte van 122 meter. We nemen sinds 26 februari tot DV 8 september deel aan de VN-missie Maritime Task Force 448 voor de kust van Libanon, op de Middellandse Zee.
Het is goed om te weten dat de kerken in Nederland predikanten vrijstellen om te werken bij de krijgsmacht (landmacht, luchtmacht, marine, marechaussee). Voor alle predikanten geldt dat ze bij de krijgsmacht werken, maar niet van de krijgsmacht zijn. Dit vraagt om een korte uitleg. Een predikant hoort als ambtsdrager bij de kerk die hem of haar gezonden heeft. Een predikant is dan ook geen militair maar een burger. Weliswaar is hij in uniform en gelijkgesteld aan een militaire officiersrang en als zodanig neemt hij een eigen positie in binnen de militaire organisatie.
Dienst
Aan boord van Harer Majesteitsschepen kennen we vijf verschillende dienstvakken. De operationele, de technische, de wapentechnische en de logistieke dienst. Maar er is nóg een klein groepje van vijf mensen, zij vallen onder de algemene dienst. De commandant, de eerste officier, de chef der equipage, de onderofficier van politie en, jawel, de predikant. Alle vijf werken ze direct voor alle mensen aan boord. Ze hebben te maken met de leiding en begeleiding van de bemanningsleden.
Het woord 'dienst' spreekt mij erg aan. Het komt van 'dienen' en is als zodanig ook een bijbels begrip. Denk aan het woord van Jezus: 'Want ook de Zoon des mensen is niet gekomen om gediend te worden, maar om te dienen, en Zijn ziel te geven tot een rantsoen voor velen. (Mark. 10:45) Vanuit het dienstwerk van Koning Jezus mogen dienaren van het Woord, ook bij de krijgsmacht, hun dienstwerk doen.
Bij de Koninklijke Marine zijn al een kleine 400 jaar predikanten werkzaam. Sinds de tijd van Michiel Adriaanszoon de Ruyter (1607-1676) zijn er al predikanten bij de vloot.
Bolder
Als predikant ga je dan ook letterlijk en figuurlijk met mensen in zee. Met overwegend jonge mannen en vrouwen vaar je op de wereldzeeën. Varen in dienst van de vrede, zoals dat zo mooi heet. Zo mooi is het echter niet altijd. Het is vaak lang en ver van huis, hard werken en soms nog gevaarlijk ook.
Tussen kabelgat (voor in het schip) en waaigat (achter in het schip) gebeurt ontzettend veel. De grote levensthema's als geloof en ongeloof, goed en kwaad, zin en zinloosheid komen dan ook regelmatig aan de orde. Juist door intensief met de bemanning op te trekken, ontstaat er een band, een vertrouwensrelatie. Als luisterend oor word ik deelgenoot van levensverhalen en van - vragen. Soms op een bolder van het schip, dan weer zittend in een verblijf, luister ik aandachtig en zoek ik naar mogelijkheden om deze verhalen en levensgeschiedenissen te verbinden met de Bijbel.
Kruisjes
Jarenlang is het werk dat ik mag doen 'zielzorg' genoemd. In de loop van de vorige eeuw is dit woord verdwenen en vervangen door de term 'geestelijke verzorging'. Het is een verzamelnaam van predikanten, aalmoezeniers, rabbijnen, pandits, humanistische raadslieden en binnenkort wellicht imams. En daarin zit de zwakte van de term; het duidt de veelkleurigheid aan, maar zegt niets over de identiteit van waaruit gewerkt wordt. Ik word nooit aangesproken met 'geestelijk verzorger', maar altijd met 'dominee' of met een eerste, zoekende vraag: 'Bent u pater of dominee?' De aalmoezeniers en de predikanten bij de Koninklijke Marine dragen dezelfde kruisjes op de epauletten.
De kruisjes met daaromheen een lauwerkrans hebben een symboolfunctie. De betekenis is duidelijk. De kruisjes verwijzen naar de Man, Die gestorven is aan Golgotha's kruis. De lauwerkrans verwijst naar de overwinning op de paasmorgen over zonde, dood en graf van Hem, Die leeft en regeert in eeuwigheid.
De kruisjes en de lauwerkrans roepen ook iets op: van herkenning en instemming, maar ook ontkenning en afwijzing. Het woord van de apostel Paulus blijft waar: 'Doch wij prediken Christus, de Gekruisigde, de Joden wel een ergernis, en de Grieken een dwaasheid, maar hun die geroepen zijn beiden Joden en Grieken, prediken wij Christus, de kracht God, en de wijsheid Gods.' (1 Kor. 1:23-24) Het kruis en de Gekruisigde doen op de een of andere manier altijd iets met mensen. Ook op zee!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 juni 2007
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 juni 2007
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's