De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

'Opwekking' bedoeld als extra

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

'Opwekking' bedoeld als extra

DE LITURGIE IN HERVORMDE GEMEENTEN [10A]

6 minuten leestijd

Waar komen opwekkingsliederen vandaan, hoe komt het dat ze vandaag zoveel opgang maken? En hoe vallen ze inhoudelijk-theologisch te beoordelen? Op deze vragen wil ik in een drietal artikelen nader ingaan

Het is niet zo moeilijk om de spot te drijven met opwekkingsliederen.
Op internet circuleert het verhaal over een boer, die een kerkdienst in de grote stad had bezocht. Toen hij thuis kwam, vertelde hij zijn vrouw dat hij opwekkingsliederen gezongen had - een soort gezangen - maar dan anders.
'Wat is er dan anders aan?', vroeg de vrouw. De boer zei: 'Kijk, als ik tegen jou zou zeggen: 'Martha, de koeien staan in het maïs', dan zou het een gezang zijn. Maar als ik zou zeggen: 'Martha, Martha, o Martha, de koeien, de grote koeien, de bruine koeien, de zwarte koeien, de witte koeien, staan in het maïs, staan in het maïs, het maïs, maïs, maïs' en als ik dan de hele zaak een paar keer herhaal, dan heb je een opwekkingslied.' Inderdaad kenmerken opwekkingsliederen zich vaak door een overvloed aan herhaling van allerlei woorden en zinsdelen. Op zichzelf zijn ze daarin niet uniek. Denk maar aan een psalm als Psalm 136, waarin de woorden 'want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid' maar liefst zesentwintig maal herhaald worden. Wel moet gezegd worden dat het telkens terugkerende refrein in deze psalm - wellicht ooit door een apart koor gezongen - muzikaal gezien zeer fraai en poëtisch is. De trouw van God wordt ermee tot de dragende grond van het lied gemaakt.
Bij hedendaagse opwekkingsliederen is het motief voor de vele herhalingen daarentegen soms volstrekt onduidelijk. Toch kan men dus in de vele herhalingen op zichzelf niet een specifieke karaktertrek van opwekkingsliederen zien.

Stokpaardjes
Wat is er dan wel kenmerkend voor? Ik maak daarbij vooraf een opmerking van biografische aard. Persoonlijk heb ik niet zoveel met opwekkingsliederen. Ik zing ze zelden of nooit, en heb dat ook in het verleden niet frequent gedaan - het meest nog tijdens mijn EH-jaar, maar daarna nauwelijks meer.
De vraag kwam dan ook bij me op of ik wel een geschikte auteur was voor dit onderwerp. Ligt een negatieve beoordeling niet al te zeer voor de hand, omdat onbekend nu eenmaal onbemind maakt?
Zeker met de nieuwe generaties opwekkingsliederen was ik, voordat ik deze bijdrage schreef, eigenlijk geheel onbekend. Toch heb ik me ervan laten overtuigen dat het goed is deze taak op me te nemen en me er zo goed mogelijk van te kwijten.
De bedoeling is immers dat in deze reeks over de liturgie niet steeds mensen aan het woord komen die iets met een bepaald onderwerp 'hebben'. Dan zou ieder al gauw eigen stokpaardjes kunnen berijden en het verloop erg voorspelbaar worden. Liturgie is echter een zaak van ons allen.
Binnen het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond, waarvan ik tijdens de aanloop naar deze reeks deel uitmaakte, willen we zoveel mogelijk samen staan voor een bepaald beleid inzake liturgische vragen. Dan is het goed dat men zich ook eens in een aspect daarvan verdiept, waar men zich nog niet direct eerder mee heeft ingelaten.
Bovendien komen ook predikanten, kerkenraadsleden enzovoort vroeg of laat (meestal vroeg) voor de vraag te staan hoe zij opwekkingsliederen waarderen, onafhankelijk van de vraag of ze er iets mee hebben of niet. Vandaar dat ik het toch maar geprobeerd heb.

Wiesje Hoekendijk
Wanneer we over 'opwekkingsliederen' spreken, denken we in Nederland vooral aan de bundel die onder die naam wordt uitgegeven door de Stichting Opwekking. Althans, op die bundel wil ik nu speciaal ingaan. Men zou natuurlijk ook kunnen denken aan de recentere EvangeIische Liedbundel, maar het zal blijken dat we onze handen al vol hebben aan de bundel van de Stichting Opwekking. Deze in Putten gevestigde stichting komt voort uit het werk van de pinksterleiders Karel Hoekendijk en diens zoon Ben, en staat tegenwoordig onder leiding van directeur Joop Gankema. Opwekkingsliederen verscheen in 1972 voor het eerst en was een initiatief van Bens toenmalige vrouw Wiesje Hoekendijk. Zij bedoelde de bundel als aanvulling op de bundels waaruit destijds veel gezongen werd in evangelische kringen en pinkstergemeenten: Johannes de Heer en Glorieklokken. Mevrouw Hoekendijk vond namelijk dat die twee bundels te weinig aanbiddingsliederen bevatten.
Opwekkingsliederen is dus nadrukkelijk niet bedoeld als enige zangbundel om uit te zingen, maar als aanvulling op een reeds bestaande liederenschat.
Toch heeft haar bundel tot verba-

Volgende week deel twee van dit drieluik.

zing van mevrouw Hoekendijk allerlei andere liedbundels in evangelische kring verdrongen. De door haar geselecteerde liederen bleken enorm aan te slaan. Zij vinden in nog altijd toenemende mate ook ingang in de gereformeerde gezindte. De in 2005 door de HGJB uitgegeven zangbundel Op toonhoogte bevat bijvoorbeeld heel wat liedteksten die afkomstig zijn uit Opwekkingsliederen.

Selectiecommissie
Anders dan andere zangbundels vormen de Opwekkingsliederen nog geen afgerond geheel. Integendeel, jaarlijks worden er vijftien of zestien nieuwe liederen aan de bestaande collectie toegevoegd. Tijdens de eveneens door de Stichting Opwekking georganiseerde pinksterconferentie worden deze nieuw uitgekozen liederen gepresenteerd. Iedereen kan hier trouwens voorstellen voor indienen bij een speciaal daartoe door de stichting aangestelde selectiecommissie.
Deze selecteert de liederen op kwaliteit, zingbaarheid et cetera, maar ook op trouw aan de pinkstertheologie, dat wil zeggen het gedachtegoed van de pinkstergemeenten (aldus Peter van Essen, lid van de selectiecommissie, op 12 maart 2005 in het Nederlands Dagblad).
In de aflevering van 2006 is men gekomen tot lied 650; de aflevering voor 2007 zou eindigen met lied 666, maar zoals enige tijd geleden bekend werd, heeft de Stichting Opwekking besloten dit nummer over te slaan, omdat 666 het getal van het beest uit Openbaring 3 is.

Angelsaksisch
Naast de 'gewone' liederen worden voor kinderen en tieners afzonderlijke opwekkingsliederen uitgebracht. Veel opwekkingsliederen zijn afkomstig uit de Angelsaksische landen, en vanuit het Engels in het Nederlands vertaald. De productie van praisemuziek (= aanbiddingsmuziek) is daar groter, en er zit naar het oordeel van de selectiecommissie ook meer kwaliteit tussen. Andere liederen heeft men in het Engels laten staan, en weer andere - maar dat is een minderheid - zijn van Nederlandse bodem. Toen men merkte dat Opwekkingsliederen hoe langer hoe meer als zelfstandige bundel gebruikt ging worden, voegde men ook enkele liederen toe uit andere bundels, zoals die van Johannes de Heer, Glorieklokken en ook het Liedboek voor de Kerken. Geleidelijk aan werden dat er echter steeds minder, en vanaf nummer 423 gebeurt het nog maar bij hoge uitzondering.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 augustus 2007

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

'Opwekking' bedoeld als extra

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 augustus 2007

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's