Pleidooi voor doelgroep
Ds. Donken en Lex de Kruijf samen in Meerkerk
Bij de dorpskerk in Meerkerk horen een pastorie en een pseudopastorie, een dominee en een kerkelijk medewerker. Hoe gaat dat in de praktijk? Ds. H.J. Donken en A.C. de Kruijf over de winst en gevaren van de Meerkerkse situatie.
Lex de Kruijf is een 'gewone' student theologie, met een klassieke academische opleiding en uitziend naar het predikantschap. Tegelijk werkt hij sinds 2,5 jaar als kerkelijk medewerker in Meerkerk. Hij bezoekt zieken en verzorgt catechisaties. Een halve dominee.
Zijn ervaring als kerkelijk medewerker ziet De Kruijf als een waardevolle aanvulling op zijn studie. De universitaire opleiding is naar zijn mening vooral theoretisch en de periode als vicaris te kort om gedegen ervaring op te doen. 'Tijdens mijn tien weken leervicariaat overleed niemand. Dat is natuurlijk fijn, maar daardoor maakte ik geen begrafenis mee.' De Kruijf zag ertegenop om zo de gemeente in te gaan. Toen zich de mogelijkheid voordeed om kerkelijk medewerker in Meerkerk te worden, greep hij die met beide handen aan, ook al was de studie nog niet afgerond.
Voorkeur
Op het moment dat de hervormde gemeente van Meerkerk besefte dat ze duidelijk te groot was om door één predikant bediend te worden, trok de kerkenraad een kerkelijk medewerker aan.
Destijds ging het om een taak voor één dag, dus een tweede predikant was niet in beeld. Inmiddels betreft het een fulltimebaan en toch heeft de kerkenraad nog steeds voorkeur voor een kerkelijk medewerker. Bewust.
Ds. Donken: 'Een tweede predikantsplaats is zeker ter sprake geweest en is door de kerkenraad ook nog steeds als doelstelling in het beleidsplan opgenomen. Er is ook financiële ruimte voor. Maar er speelt meer dan alleen geld.
Enkele jaren geleden gaf de gemeente zelf aan nog niet toe te zijn aan een tweede predikant. Of ze dat nu wel is? Momenteel is hervormd Meerkerk een geheel, dan is het de vraag of je twee wijken moet creëren. Zou dat nu gebeuren, dan zou het resultaat een letterlijk en figuurlijk verdeeld Meerkerk kunnen zijn. Daar zit niemand op te wachten.'
Zelf geeft ds. Donken ook voorkeur aan de huidige constructie. 'In mijn vorige gemeenten deed ik het werk alleen. Ik vind het prettig nu een kerkelijk medewerker naast me te hebben.'
De Kruijf: 'Iedereen weet niet beter dan dat we een dominee en een kerkelijk medewerker hebben. Er is natuurlijk verschil in generatie en in statuur - ook al word ik vaak ook aangesproken met "dominee" '
De taakverdeling is in Meerkerk duidelijk omschreven en volgens zeggen tot ieders tevredenheid. Ds. Donken doet zijn werk gemiddeld voor zestig procent op de studeerkamer en veertig procent buiten de pastorie. Bij De Kruijf is de verhouding precies omgekeerd. Het crisispastoraat is de verantwoordelijkheid van de predikant. De Kruijf bezoekt chronisch zieken en gemeenteleden ouder dan zeventig jaar. De catechisaties en het kringwerk worden tussen beiden verdeeld.
Ds. H.J. Donken (1959) is sinds 1988 predikant. Hij dient sinds het begin van dit jaar de gemeente van Meerkerk. Daarvoor stond hij achtereenvolgens in IJzendoorn, Wilsum en Zijderveld.
A.C. de Kruijf (1975) uit Meerkerk is student aan de Protestantse Theologische Universiteit in Utrecht. Sinds begin 2005 is hij fulltime werkzaam als kerkelijk/pastoraal medewerker in Meerkerk. De Kruijf is Deo volente begin 2008 beroepbaar kandidaat.
Wekelijks telefoontje
Hoofdmoot van het werk van de kerkelijk medewerker vormen de pastorale bezoeken. Deze worden wekelijks telefonisch afgestemd. Bepaalde visites legt ds. Donken liever zelf af. 'Ik draag vanuit de kerkenraad verantwoordelijkheid. Ik moet ook voeling met de gemeente houden.'
De Kruijf: 'Mensen zijn eraan gewend dat in bepaalde situaties niet de dominee maar de kerkelijk medewerker komt. Maar is er sprake van bijvoorbeeld ernstige ziekte, dan verwachten mensen wel de dominee. Gemeenteleden bellen zelf meestal naar de pastorie, dat is logisch. In de vacaturetijd was ik alleen. Dankzij die periode nemen mensen nu ook wel rechtstreeks met mij contact op.' Ds. Donken: 'Je zei eens voor de grap: 'Ik ben het knechtje van ds. Donken.' Zo is het niet. Ik ben weliswaar ouder en meer ervaren, maar in Meerkerk sta ik nog niet zo lang. Je bent bovendien niet in dienst van mij, maar officieel in dienst van de plaatselijke gemeente.'
Samenwerking
Een min of meer gelijke geestelijke ligging is een belangrijke vereiste voor samenwerking, vinden ds. Donken en De Kruijf beiden. 'Het zou anders spanningen geven, er zou gemakkelijk verdeeidheid in de gemeente komen', zegt de predikant. Ook vertrouwen en een goede afstemming zijn onmisbaar. En zelfstandigheid. De Kruijf: 'Het is voor een kerkelijk medewerker bijna onwerkbaar als je zelfstandigheid in het gedrang zou komen, of als je met een dominante predikant moet samenwerken.'
Ds. Donken: 'Je moet de ander de ruimte geven en je tegelijk als predikant verantwoordelijk weten.
Daarbij is het nodig om de kerkelijk medewerker bij zoveel mogelijk zaken te betrekken.' Om deze laatste reden woont De Kruijf ook kerkenraadsvergaderingen bij, al is hij geen lid van de kerkenraad. Hij zegt het belangrijk te vinden in Meerkerk te wonen. 'Als een kerkelijk medewerker alleen bepaalde taakjes zou hebben, is het risico groot dat hij geïsoleerd raakt.'
Iets missen
De Kruijf is blij met zijn baan als kerkelijk medewerker, toch weet hij zeker dat hij predikant wil worden. 'Een pre van het kerkelijk medewerker zijn is dat je in de luwte verkeert, je bent zelf niet eindverantwoordelijk. Dat is soms prettig. Een praktisch voordeel is dat je minder vaak preekt en dat er dus meer 'ademruimte' is.
Maar het nadeel is groter. Als kerkelijk medewerker mis je iets. Het is dat ik theologisch kandidaat ben, daarom mag ik regelmatig preken. Maar wat ook ik niet mag, is het bedienen van de sacramenten. Dat is een gemis. Omdat Meerkerk een tijdje vacant was, heb ik belijdeniscatechese gegeven, maar het bevestigen van de lidmaten gebeurt vervolgens door een predikant. Ik ben het daarmee eens, maar ik kan me voorstellen dat veel kerkelijk werkers meer willen.
Toch wordt een hbo'er niet opgeleid als predikant. Beiden hebben een eigen taak. Je bent met een hbo-opleiding niet toegerust om de preekstoel op te gaan. Wat je vooral mist, is kennis van de grondtekst: wat zegt de tekst waarover ik preek precies?'
Ds. Donken: 'Omdat wij die kennis van de Schrift belangrijk vinden, gaat onze belangstelling een volgende keer weer uit naar een universitair geschoolde kandidaat.'
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 oktober 2007
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 oktober 2007
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's