Een leger des heils
GEWELD IN HET OUDE TESTAMENT [3, SLOT]
Wat we in veel bijbelteksten over geweld zien, is dat het geweld steeds meer in Gods handen komt te liggen en dat het aandeel van mensen in de strijd vooral liturgie wordt.
Dat zagen we al bij Mozes, maar dat zien we ook bij de val van Jericho. Juichend en schallend met trompetten gaan de Israëlieten zeven dagen lang rond de stad. Daarop valt de muur. Zo zien we dat in verschillende verhalen van de Bijbel· de strijd vaak wordt beslecht door liturgie.
Daar zit mijns inziens ook de gedachte achter dat wie bidt of zingt - dus ook wie wraakpsalmen bidt of zingt - in elk geval op dat moment niet de wapens kan opnemen. Ook onze gebedshouding (handen samen en ogen dicht), die stamt uit de Germaanse, heidense cultuur waar het de houding van overgave was, laat dat zien. Een Germaans vorst die verslagen was en zich wilde overgeven, knielde voor de veroveraar, deed zijn handen samen en sloot zijn ogen om daarmee aan te geven, dat hij niet meer de wapens tegen hem wilde opnemen. Hoe zou hij dat ook kunnen in deze houding? Wij namen dat over als houding van overgave aan God.
Ook al is dus in een bepaalde tijd geweld soms nodig en schaamt God Zich er zelfs niet voor Zich op bepaalde momenten aan ons aan te passen, daarmee win je uiteindelijk geen harten. Omdat het God daar wel om te doen is, kan Hij uiteindelijk de strijd tegen het kwaad niet met geweld beslechten. Daarom is Zijn geschiedenis met Zijn volk ook nog niet af. En zo komen we bij de zesde en laatste bijbelse lijn die ik in deze artikelen heb willen belichten.
Ontwikkeling
Nog een laatste punt dat ik wil noemen om vooral ook het Oude en Nieuwe Testament met elkaar in verbinding te brengen voor wat betreft de geweldsteksten, is de ontwikkeling die we door de hele Bijbel heen zien. God gaat met de mensheid een geschiedenis, die nog niet klaar is in het Oude Testament en die zich voortzet In het Nieuwe.
In het begin van de Bijbel zien we het kwaad steeds erger worden. De ongebreidelde bloedwraak is bij Lamech nog weer erger dan bij Kaïn. Als er één van de stamfamilie van Kaïn gedood wordt, dan wordt die clan van Kaïn zeven maal gewroken, maar als er iemand van de stam van Lamech wat aangedaan wordt dan zou die zeven maal zeventig maal gewroken moeten worden. Zo wordt ons in de eerste hoofdstukken van Genesis een moreel en materieel verval getekend. Genesis 6:12: 'Toen zag God de aarde, en ziet, zij was verdorven; want al wat leeft had zijn weg verdorven op de aarde', is de echo van Genesis 1:31: 'en ziet, het was zeer goed'.
Oog om oog
Ook na de zondvloed wordt het er niet beter op. Toch moet het met de mensheid een andere kant op. Nog een zondvloed zou tegen Gods eigen belofte zijn, daarom begint Hij in die ruige tijd Abraham te roepen op weg te gaan.
Wat het recht betreft komt God met voor die tijd al veel humanere regels dan gewend: 'Als je dan recht wilt doen door vergelding, doe het dan eerlijk: één op één, een oog voor een oog, een tand voor een tand' (ius talionis). Dat klinkt voor ons hard (hoewel, bepaalde regio's in de wereld zijn er zelfs nog niet eens aan toe), maar dat was toen al een hele verbetering, wat ook lrenaeus al opmerkte.
Toch gaat God nog verder. Als Israël een zelfstandig volk wordt, komen er regels om samen te leven met God en elkaar. Een van de regels is dan: 'Gij zult niet doden, in het geheel niet.' Dat is alweer een verdere aanscherping ten opzichte' van het 'oog om oog'. Ook dat is voor God echter nog niet genoeg. Hij wil nog verder gaan met Zijn geschiedenis met ons. Hij wil uiteindelijk dat wij de strijd helemaal aan hem overlaten. Het zou goed zijn als Israël aan de betekenis van zijn naam denkt. Want betekent de naam Israël niet: 'God strijdt'?
In de Naam van de Heere
Zo zien we dat ten opzichte van Jozua en Richteren via Gideon het menselijk aandeel in de strijd steeds kleiner wordt. Ook David vertrouwt niet op de wapens van de koning (Saul), maar op God als hij op Goliath aangaat. Goliath komt met de modernste wapens, een groot zwaard en een speer met bronzen punt - toen iets nieuws. Maar David komt in de Naam van de HEERE. En God geeft de overwinning.
In Kronieken gaat die ontwikkeling nog verder. In 2 Kronieken 20:17 lezen we: 'Niet gij zult hierbij behoeven te strijden: stelt u op, blijft staan, dan zult gij zien, dat de HEERE u de overwinning geeft.' In vers 20 roept Josafat het volk op dit te geloven en op het moment dat het leger van Israël Psalm 136 zingt, doden de vijanden elkaar. Dan wordt al waar dat wie het zwaard opneemt, door het zwaard zal vergaan. De militaire actie van Israëls leger transformeert in een dankdienst, die wordt gehouden in het 'Dal der Lofprijzing' (v.26). Militaire activiteiten worden tot liturgische activiteiten. Het volk van God, de kerk wordt een leger des heils. Want het doel van de strijdende God is namelijk de vernietiging van alle strijdmiddelen. Dat lezen we bijvoorbeeld in Psalm 46:9, 76:4, Hosea 2:17, Zacharia 9:10, Jesaja 2:3ev. en Micha 4:2ev. Dan zullen 'de zwaarden worden omgesmeed tot ploegscharen'. Dan zal het uitlopen op de 'Vredevorst', Die de weg van het lijden zal gaan, want 'niet door kracht noch geweld zal het geschieden, maar door mijn Geest, zegt de HEERE der heerscharen. '
'Mij komt de wraak toe'
In het Nieuwe Testament zien we dit geheel in vervulling gaan. God strijdt in Jezus Christus de ultieme strijd. Hij is de Rechter, Die tot ons komt om het onrecht dat wij tegen God en elkaar doen te straffen. Maar wel een Rechter Die zelf de straf, de vergelding op zich neemt. 'Mij komt de wraak toe, Ik zal het vergelden, spreekt de HEERE'.
Niet alleen de geweldige zonde die we tegen God doen verzoent Christus, maar het zondige geweld dat we tegen elkaar doen. Want wat mensen elkaar aandoen, doen ze daarmee ook God aan. 'Wat u aan een van mijn minste broeders hebt gedaan (...)' Wie aan Gods schepselen komt, komt aan God. Ook het oordeel over die zonde laat God in Christus op zich zelf neerkomen. Er is een relatie tussen Gods laatste oordeel en Gods oordeel op Golgotha, zoals ook blijkt uit vraag 52 van de Heidelberger.
Maar als Jezus op deze wijze ook het 'recht der armen, der verdrukten gelden doet', dan kan Hij ook oproepen onze vijanden lief te hebben en ze de andere wang toe te keren. Daarmee is niet bedoeld om ons maar te laten slaan - en dus nog meer geweld op te roepen - maar om juist de geweldspiraal te doorbreken. Doe 'meer dan het gewone', geef niet alleen je hemd, maar ook je mantel en als de bezetter je prest één mijl iets voor hem te dragen, doe het dan twee mijl.
Wat Jezus met de oproep de andere wang toe te keren bedoelde, werd voor de bioloog Konrad Lorenz ineens duidelijk toen hij het gedrag van wolven bestudeerde. Twee wolven waren aan het vechten en op een gegeven moment ligt de minder sterkere onder. De overwinnaar wil toebijten, maar dan gebeurt er iets onverwachts. De overwonnen wolf keert hem de hals toe, de meest verwondbare plek, maar de sterkere wolf bijt niet en loopt weg. Op dat moment begreep ik, zo schrijft Lorenz, wat Jezus bedoelde met zijn uitspraak over de linkerwang.
Het gaat er dus om dat de geweldspiraal wordt doorbroken, dat het geweld stopt.
Zo komt de Heere Jezus terug op Lamech, maar draait zijn parool om. 'Niet zo als Lamech moeten jullie doen, niet zeven maal zeventig maal vergelden, maar zeven maal zeventig maal vergeven.' Dat kan nu gezegd worden, omdat Christus al het onrecht recht heeft gemaakt.
Zo gaat God met de mensheid een hele geschiedenis, waarin soms sprake is van geweld in een tijd dat het niet anders kon. Als God in de tijd van Jozua met de boodschap van de linkerwang was gekomen, hadden ze dat toen niet begrepen. Dan had Israël mogelijk niet meer bestaan en was Jezus Christus niet geboren. Daarom zijn zelfs die hardste teksten van het Oude Testament toch heilsgeschiedenis.
Er is dus blijkbaar wel een weg van de oudtestamentische oorlogen des Heeren via profeten als Jesaja en Zacharia naar Jezus Christus, maar er is geen weg terug. Die weg is onomkeerbaar. Daarom is Jezus Christus de enige Weg, weg uit zonde, geweld en dood. Hij is de Ware Weg ten Leven. Zijn strijd is onze redding. Dat wil overigens niet zeggen dat aan het eind der tijden God niet toch nog een laatste gevecht zal leveren tegen de boze en tegen alles en allen die zich blijven verzetten tegen de HEERE (zie Openb.19). Hij blijft de Soevereine. Maar het winnen van Zijn kinderen geschiedt door Geest en Woord.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 oktober 2007
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 oktober 2007
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's