Ver en dichtbij tegelijk
Artikel 1: De enige God
Als leden van de christelijke gemeente hebben we niet allemaal evenveel met de Nederlandse Geloofsbelijdenis (NGB). We denken misschien: zo’n geschrift is goed voor theologen, maar voor mijn eigen (eenvoudig) geloofsleven heb ik er weinig aan. In een serie artikelen over dit belijdenisgeschrift uit 1561 wil ik laten zien dat er toch heel kostbare dingen in staan. Dat het een richtsnoer voor ons geloof is.
Deze week gaat het over artikel 1, waarin we belijden wie God is. Het is goed om het artikel eerst achterin het psalmboekje te lezen. Ik kan me voorstellen dat sommigen dan meteen al willen afhaken. Het gaat over God als een enig en eenvoudig geestelijk Wezen. Wat een afstandelijk godsbeeld. En dan volgen al die eigenschappen: onbegrijpelijk, onzienlijk enzovoort. Dat is toch een heel ander klimaat dan wat de Bijbel ons leert over onze God, Die in de Heere Jezus onze Vader wil zijn.
Persoonlijk
Toch moeten we niet te snel met ons oordeel zijn. Neem alleen al de openingszin. ‘Wij geloven allen met het hart en belijden met de mond.’ Het gaat in dit artikel niet om abstracte, leerstellige waarheden, maar om de inhoud van ons persoonlijk geloof. Alles wat de NGB gaat zeggen, wordt gezegd in de persoonlijke relatie met de Heere Jezus Christus. Zo beleefde de schrijver, Guido de Bres, het toen hij in zijn verborgen tuinhuisje in Doornik deze belijdenis schreef. Hij heeft dat juist daarom met de dood moeten bekopen.
Afstand
Als ik goed luister naar dit artikel, hoor ik twee dingen die voor ons geloof belangrijk zijn. In de eerste plaats wordt vol eerbied over God gesproken. Duidelijk voelbaar is de afstand tussen onze Schepper en ons als Zijn schepselen. Het is goed om dat te beseffen. Soms zijn we geneigd té menselijk over God te spreken. Maar God is de gans Andere, de Hoge, de Heilige.
Neem nu alleen de eigenschap dat God ondoorgrondelijk (onbegrijpelijk) is. Daarmee bedoelt de NGB onder andere dat God aan ons geen verantwoording van Zijn daden hoeft af te leggen. Dat leerde mijn vader in 1942, toen mijn moeder stierf (41 jaar). Hij riep: 'O God, waarom doet U dat?' Hij kreeg geen antwoord. Toen zei hij: 'Heere, wilt u die bittere vraag uit mijn hart wegnemen?' Dat deed God.
Nabijheid
Het tweede wat ik in dit artikel hoor, is dat God ook heel dichtbij ons is. Wonderlijk, tegelijk met de afstand is er de nabijheid. God is niet op onze manier nabij, maar op Zijn manier. God is onveranderlijk, zegt De Bres in dit artikel.
Dat mag je als volgt lezen. Toen wij van God afvielen, had God meteen een einde aan ons kunnen maken. Maar God deed het niet. God heeft in Zijn grote liefde ervoor gekozen om Zelf in Zijn Zoon het oordeel dat wij verdienen te gaan dragen. En daaraan is Hij trouw gebleven. Daarin verandert Hij nooit en te nimmer. Ook al verandert er in ons leven nog zo veel. Zelfs als alles omvalt, dan nog verandert Hij niet. ‘Want bergen zullen wijken en heuvelen wankelen, maar Mijn goedertierenheid zal van u niet wijken en het verbond van Mijn vrede zal niet wankelen.’ (Jes. 54:10)
Dat is een geweldige troost als je je eenzaam en verlaten voelt. Als mensen om je heen zo veranderd zijn. Als je zelf door de omstandigheden veranderd bent. Wat komt onze onveranderlijke God zo dichtbij.
Oneindig
In dit artikel staat ook dat God oneindig is. Wat moeten we daarmee? Misschien dit: Wij zijn beperkte mensen, gebonden aan tijd en ruimte. God niet. Wellicht zijn er ouders die een kind hebben dat heel ver bij hen vandaan gegroeid is. Ik bedoel in geestelijke zin. Je kunt je kind niet meer bereiken. Dan mogen we toch zeggen: Heere, U kunt mijn kind bereiken, U bent oneindig.
Slot
Artikel 1 heeft een prachtig slot. We belijden: God is goed en een zeer overvloedige fontein (of bron) van alle goed. Ja, dat geloven we van God. Van Allah kun je dit nooit zeggen. Je moet maar afwachten wat uit hem voortkomt. Maar onze God is niet als Allah. Hij is een God uit één stuk. Hij is het hoogste Goed (Augustinus).
Zo is onze God. De God van Guido de Bres, de God van ons vandaag. 'Want deze God is onze God, Hij is ons deel, ons zalig lot. Door tijd noch eeuwigheid te scheiden. Ter dood toe zal Hij ons geleiden.' (Ps. 48:6)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 oktober 2007
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 oktober 2007
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's